Evacué praat niet met Kamer, wel met media

DEN HAAG - De medewerker van het bedrijf Royal Haskoning voor wie de mislukte evacuatie werd ondernomen, wil niet zijn versie van de gebeurtenissen aan de Tweede Kamer komen vertellen. De Kamer had hier om gevraagd, maar de man heeft aangegeven liever niet in de openbaarheid te treden.

Archieffoto 15-11-2006 van een Lynx-helikopter van de Koninklijke Marine. Beeld anp

Dat heeft Haskoning laten weten aan de ministers Uri Rosenthal (Buitenlandse Zaken) en Hans Hillen (Defensie), die het verzoek tot een, mogelijk vertrouwelijk, gesprek aan het bedrijf hadden overgebracht. Haskoning respecteert de wens van de werknemer en geeft ook aan altijd te proberen het personeel zo lang mogelijk in anonimiteit te laten werken.

De Kamer heeft vrijdag wel een verslag ontvangen dat Haskoning zelf heeft opgesteld. Daarin staat een beschrijving van de pogingen die zijn gedaan om de werknemer te evacueren.

Gewone werknemer
De ingenieur van Royal Haskoning die op 27 februari met een helikopter uit Libië moest worden geëvacueerd, is geen spion maar een gewone werknemer die al twee jaar in de haven stad Sirte aan de constructie van een kademuur werkte. Dat heeft Haskoningtopman Erik Oostwegel gezegd tegen NRC Handelsblad in een zaterdag gepubliceerd interview.

Oostwegel wil een einde maken aan alle geruchten die rondgaan over de mislukte evacuatie. De man is een typische ingenieur, die het volgens Oostwegel nogal overdreven vond dat er alleen voor hem een marinehelikopter uitrukte en een 'duwtje in de rug' nodig had om op die manier te worden geëvacueerd.

Ook zegt Oostwegel dat zijn bedrijf geen druk heeft uitgeoefend om Paul (zijn achternaam wordt niet bekendgemaakt) te evacueren. 'Nonsens. Onze ingenieur is een Nederlands staatsburger die in een penibele situatie zat. Alsof dat niet reden genoeg is. Ik kan mij er ongelooflijk over opwinden dat er de hele tijd wordt gesuggereerd dat wij een bijzondere positie hebben.'

Eerdere vlucht
De ingenieur had eerder vanuit de Sirte meegekund op een vlucht naar Griekenland, maar heeft daar toen van afgezien, omdat zijn paspoort nog in Tripoli lag. 'Paul had natuurlijk dat vliegtuig moeten nemen. Wij hebben ons daarop gemeld bij de ambassade en belden vervolgens de speciale crisislijn. Op zondag 27 februari belde Defensie ons dat er een fregat voor de kust lag, dat hem eventueel op het strand zou kunnen oppikken.' De ingenieur vertelde Defensie dat een helikopter voor hem alleen niet nodig was, omdat alles rustig was in Sirte, maar Haskoning dacht daar anders over. 'Wij hebben tegen Defensie gezegd dat wij het zeer op prijs zouden stellen als ze hem wel zouden oppikken.'

Volgens Oostwegel had Paul een verklaring waarom het mis is gegaan. 'Als een helikopter drie kwartier nodig heeft om van een schip naar de kust te vliegen, zie je hem van verre aankomen. Zo'n toestel maakt bovendien een enorme herrie. Vliegt op klaarlichte dag. Je hoeft geen expert te zijn om te bedenken dat dat risico's met zich meebrengt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden