Column

Europa lijkt niet voorbereid op Euro-Afrikaanse toekomst

Migranten staan in de rij om eten te ontvangen. Beeld afp

Deze zomer speelt zich een opvallend en vaak tragisch verhaal af aan de rand van Calais, bij de ingang van de tunnel die het Europese vasteland met Groot-Brittannië verbindt. Door gaten in hekken te knippen en de politie te ontlopen proberen duizenden migranten uit Afrika en het Midden-Oosten stiekem aan boord te klimmen van de vrachtwagens en treinen die door de tunnel rijden. Er zijn al tien doden gevallen, maar toch lukt het zoveel mensen dat veel anderen het blijven proberen. Intussen wijzen politici aan weerskanten van het Kanaal beschuldigend naar elkaar en blijft een vluchtelingenkamp buiten Calais uitpuilen met aspirant-onderdanen van Elisabeth II.

In sommige opzichten lijkt deze crisis op die van vorige zomer bij de zuidgrens van de Verenigde Staten, toen een golf van jeugdige migranten de grensbewaking te machtig werd. Toch zijn er twee grote verschillen tussen het immigratieprobleem in Amerika en in Europa. Het eerste verschil blijkt uit de wens van de migranten bij Calais om niet alleen de EU te bereiken, maar specifiek Groot-Brittannië: vanwege de relatief sterke economie, omdat er Engels wordt gesproken, omdat het Verenigd Koninkrijk geen nationale identiteitskaart kent en om nog meer redenen. Het verlangen van de immigrant om dieper landinwaarts te gaan is heel normaal. Mexicaanse immigranten in de VS gaan ook niet allemaal in El Paso wonen. Maar voor de EU is dat een fors dilemma. Er is vrij verkeer over de interne grenzen, maar de EU bestaat uit natiestaten die graag allemaal hun eigen immigratiebeleid voeren.

In Amerika zien we een lichtere vorm van deze spanning, getuige de conflicten tussen de afzonderlijke staten en de federale overheid over het handhaven van immigratiewetten. Toch is men het erover eens dat het immigratiebeleid uiteindelijk op nationaal niveau wordt bepaald. De staat Michigan gaat niet zijn grenzen sluiten en persoonsbewijzen controleren. Maar in het minder federale Europa kon het verlangen naar nationale controle over het immigratiebeleid op de lange termijn weleens even gevaarlijk zijn voor het Europese project als de nu gebleken dwaasheid om Griekenland toe te laten tot de eurozone.

De wens naar soevereiniteit in immigratiebeleid is de achtergrond van het komende referendum in Groot-Brittannië over een Brexit uit de EU en van het Deense experiment met het herinvoeren van grenscontroles. Dezelfde wens zit achter de opkomst van het Front National in Frankrijk en van eurosceptische partijen in het hele continent. Dit verlangen draagt bij aan de toch al aanzienlijke Noord-Zuidscheiding in Europa, want de (armere) Zuid-Europese landen krijgen de bulk van de migranten te verwerken en de (rijkere) Noord-Europese landen zien ze liever in Italië of Spanje blijven.

De druk neemt alleen maar toe als gevolg van het tweede verschil tussen immigratie in Europa en Amerika: de omvang van de migratie waarmee Europa de komende vijftig jaar te maken krijgt. Die wordt mede bepaald door de enorme groei van de Afrikaanse bevolking in combinatie met de teruglopende bevolking in Europa. En zie eens hoeveel opschudding de immigratie uit Latijns-Amerika veroorzaakt in de VS met maar net 300 miljoen mensen in de VS en net geen 600 miljoen in alle landen ten zuiden ervan. Daartegenover zijn er nu 738 miljoen Europeanen en iets minder dan 1,2 miljard Afrikanen. Volgens de prognoses zal de (vergrijzende) Europese bevolking in 2050 zijn teruggelopen tot 707 miljoen, terwijl er in Afrika dan 2,4 miljard mensen zijn.

Nu is de Middellandse Zee veel breder dan de Rio Grande, maar toch blijft het een uiterst onstabiel demografisch evenwicht. En het 'gedrang naar Europa' blijft waarschijnlijk toenemen, of Afrikaanse landen nu opbloeien of instorten. Migratie kan worden gedreven door wanhoop, maar ook door hogere verwachtingen. (Veel Afrikanen die nu de oversteek wagen, lijken goed opgeleide burgers uit landen met een groeiende economie, niet alleen maar vluchtelingen.)

Als Afrikanen in hetzelfde tempo naar Europa zouden migreren als Mexicanen sinds 1970 naar de VS, zou in 2050 een kwart van de Europese bevolking in Afrika geboren zijn. Maar dat gebeurt waarschijnlijk niet: geboortecijfers en migratiepatronen zullen anders uitvallen, en de Europese landen zullen beperkingen instellen die er echt toe leiden dat mensen erbuiten blijven. Toch is in een of andere vorm een Euro-Afrikaanse toekomst aanstaande. Gezien de stuntelige reactie op de paar duizend migranten bij Calais lijkt Europa daar niet op voorbereid.

Vertaling: Leo Reijnen © NYT

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.