Europa is voor de koning een hachelijk thema

De koning en Europa: De EU is niet langer onomstreden. Een vorst die boven de partijen staat, kan er beter over zwijgen.

ALFRED PIJPERS

Koningin Beatrix heeft er nooit een geheim van gemaakt dat zij de Europese integratie een bijzonder warm hart toedraagt. Hoewel haar opvattingen hierover altijd binnen de bandbreedte van de ministeriële verantwoordelijkheid moesten blijven, kon zij bij diverse gelegenheden toch ook in eigen woorden haar Europese gezindheid belijden. Dat was bijvoorbeeld het geval in haar redevoeringen voor het Europees Parlement in 1984 en 2004. Haar idealistische pleidooien voor een verenigd Europa staan nu echter haaks op het kabinetsbeleid en op de eurosceptische gevoelens onder brede delen van de Nederlandse bevolking. Koning Willem-Alexander zal dus in samenspraak met het kabinet een andere toon moeten zien te vinden.

Beatrix zag de eenwording van Europa als een verheven opdracht, 'een geloof dat een persoonlijke verantwoordelijkheid schept'. Hoewel ze geen Europese superstaat bepleitte en oog had voor de juiste balans van nationale en gemeenschappelijke bevoegdheden, vond ze wel dat de Europese Gemeenschap 'voorop moet staan' op weg naar de toekomst.

Ze was wars van 'klein-nationale oplossingen', en als kroonprinses was ze al vervuld van 'ongeduld' en 'ergernis' over het trage tempo van het integratieproces. In 1984 was ze ook heel teleurgesteld dat de EG al jaren werd geplaagd door stagnatie en malaise. Velen waren ontmoedigd, maar 'zelf heb ik het geloof in Europa niet verloren', verklaarde ze. Beatrix verlangde terug naar de 'geestdrift van het inspirerende begin', naar 1948, toen in Den Haag het Congres van de Europese Beweging werd gehouden - 'hartenklop van het echte Europa'.

Zij beschouwde het Europees Parlement als het 'geweten van Europa' , met 'moreel gezag' bekleed vanwege de 'directe band met de kiezers'. En ze was ervan overtuigd dat de leden van het Europees Parlement 'met ernst en toewijding de pelgrimstocht zullen vervolgen' op het moeilijke pad van de Europese eenwording.

Haar euro-enthousiasme kwam ook naar voren in een tafelrede tijdens de Europese top in Maastricht op 9 december 1991. Toen deed ze het fameuze aanbod om haar beeltenis van de gulden te verwijderen, teneinde die te kunnen inwisselen voor een Europese munt. Toch wel een wonderlijke geste van een landsvorstin, want die gulden was al vele tientallen jaren bij uitstek het symbool van de Nederlandse monetaire stabiliteit en soevereiniteit.

De Europese redevoeringen van Beatrix weerspiegelen onvermijdelijk de vroege fasen van de Europese integratie, toen de oorlog nog niet was vergeten en vol idealisme moest worden gewerkt aan de wederopbouw van het verwoeste continent en aan de uitbreiding van de Unie. Ze passen ook enigszins in de esoterische tradities waarmee de Oranjes vanouds internationale vraagstukken benaderen, mede vanwege hun beroepsverbod op scherpe ideologische stellingnamen. Koningin Juliana was daar ook goed in met haar religieus getinte pleidooien voor wereldvrede.

Maar het ietwat zweverig geloof in Europa is niet meer van deze tijd. Het Europese project is fundamenteel veranderd. Aanvankelijk beperkt tot economische samenwerking tussen een kleine groep ontwikkelde West-Europese staten, is het nu een conglomeraat van 27 (binnenkort 28) heel diverse lidstaten, die permanent straatvechten over vele miljarden steungelden en over de machtsverdeling tussen Brussel en de hoofdsteden. De euro is niet langer het symbool van vrede en welvaart, maar van crisis en grote verdeeldheid.

Ook de positie van het Europees Parlement is veranderd in de Nederlandse discussie. Dit parlement heeft, anders dan Beatrix stelde, in de ogen van de meeste burgers helemaal geen 'moreel gezag'. Bijna dertig jaar na haar eerste toespraak in Straatsburg is er nog steeds geen Europees volk dat de noodzakelijke basis vormt voor een deugdelijke Europese volksvertegenwoordiging.

Koning Willem-Alexander zal daarom andere instructies dan Beatrix moeten krijgen voor zijn eventuele toespraken over de toekomstige EU. Europa is een heet hangijzer geworden in de vaderlandse politiek, net zoals de hypotheekrenteaftrek. Daar kan hij zich beter niet mee bemoeien wil hij als staatshoofd boven de partijen blijven staan.

ALFRED PIJPERS is oud-docent politieke wetenschappen aan de Universiteit Leiden.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden