Europa is gevaarlijk trekgebied voor roofvogels

De populatiegrootte van drie roofvogelsoorten die trekken tussen Noordwest-Europa en West-Afrika wordt waarschijnlijk vooral bepaald door de sterfte gedurende hun verblijf in Europa, al maakt in het voorjaar ook de Sahara veel slachtoffers.

AMSTERDAM - Dit blijkt uit onderzoek van Zweedse, Nederlandse en Duitse onderzoekers, waarvan de resultaten morgen verschijnen in het Journal of Animal Ecology. Vooral in hun winterkwartieren aan de zuidrand van de Sahel hebben de vogels een goed leven. Zo goed zelfs, dat ze er soms een sabbatical nemen en de trek naar hun noordelijke broedgebied een jaartje overslaan. Tot nu werd er altijd van uitgegaan dat ongunstige omstandigheden in Afrika - veranderende landbouw, onregelmatige regenval - juist grote knelpunten zijn voor roofvogels.


Voor het onderzoek combineerden de wetenschappers de gegevens van 34 grauwe kiekendieven, 18 visarenden en 17 bruine kiekendieven, die de afgelopen vijftien jaar werden voorzien van een satellietzender. Zo waren de roofvogels overal te volgen, werd duidelijk welke trekroute ze namen, hoe het ze de rest van het jaar verging en waar en wanneer ze dood gingen.


Het is voor het eerst dat in Europa gegevens zijn verzameld over de sterfte tijdens verschillende jaarfasen van trekvogels, vertelt onderzoeker Raymond Klaassen, tot voor kort verboden aan de Universiteit van Lund in Zweden en nu werkzaam bij de Werkgroep Grauwe Kiekendief. Deze beschermings- en onderzoeksorganisatie in Oost-Groningen leverde de meeste vogels voor het onderzoek.


'Het is erg belangrijk om voor deze zeldzame soorten de bottlenecks te bepalen, zodat we daar bij de bescherming rekening mee kunnen houden', aldus Klaassen. 'Tot nu toe was er maar één vergelijkbare studie: van een zangvogel in de VS. Dat onderzoek wordt altijd aangehaald om duidelijk te maken hoe gevaarlijk de trek is: 85 procent van de jaarlijkse sterfte treedt dan op. Wij komen echter veel lager uit: op 55 procent.'


Tijdens de voorjaarstrek leggen veel vogels het loodje als ze met overwegend tegenwind de Sahara en de dan kurkdroge Sahel doorkruisen. Komen ze in de herfst terug, dan is die barrière minder groot: er is net regen gevallen en de vogels hebben doorgaans de wind in de rug. Tijdens de herfsttrek vallen de meeste doden in Europa.


'We denken dat dat een gevolg is van concurrentie om voedsel en ruimte, die eigenlijk al begint in de broedtijd. Ook dan is de sterfte hoog, onder meer doordat er dan veel nieuwe vogels zijn', aldus Klaassen. 'Wij vermoeden dat de sterfte in Europa met name bepalend is voor de regulering van de populatie.'


Dat de gegevens van drie vogelsoorten met een vergelijkbare trekroute op één hoop zijn gegooid, was noodzakelijk om voldoende gegevens te krijgen. 'Ik denk dat dat verantwoord is; we zien ook geen grote verschillen tussen die drie soorten', aldus onderzoeker Raymond Klaassen. 'Natuurlijk zouden we dolgraag diepere analyses maken: uitsplitsen per soort, per geslacht of op leeftijd, maar daarvoor zijn domweg nog te weinig data. Dit is duur onderzoek. Een zender kost drieduizend dollar en voor de satellietgegevens komt daar nog eens duizend dollar per jaar bij.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden