Opinie

'Eurobond ook goed voor sterke landen'

Met de invoering van de euro-obligatie zal er een einde komen aan de onnatuurlijk lage rente in het Noorden en zal het Zuiden meer vertrouwen genieten. Dat betoogt hoogleraar Henk Folmer.

Minister van Financien Jan Kees de Jager Beeld anp
Minister van Financien Jan Kees de JagerBeeld anp

De noordelijke eurolanden profiteren flink van de financiële problemen bij hun zuiderburen. Vanwege groeiende twijfels over volledige terugbetaling kopen internationale beleggers steeds minder staatsobligaties in Zuid-Europa en steeds meer in veilige landen als Duitsland en Nederland. Ze gaan daarbij zover dat ze genoegen nemen met uitzonderlijke lage rentes, die soms zelfs onder het inflatie- percentage liggen. Daarmee nemen ze een negatief reëel rendement voor lief.

De grote winnaars zijn de noordelijke landen die vele miljarden aan rente besparen. Zo leende Duitsland vorige week ruim vier miljard euro met tweejarige staatsobligaties waarop geen rente wordt uitgekeerd. In dit licht bezien is het niet verwonderlijk dat bondskanselier Merkel en demissionair minister van Financiën De Jager zich blijven verzetten tegen euro-obligaties of eurobonds, ondanks aandringen van de Franse president Hollande en positieve signalen van de Europese Commissie en de OESO. Immers: na invoering van eurobonds gaan de eurolanden gezamenlijk lenen in plaats van individueel. De financiële markten zullen hun wantrouwen tegen de zuidelijke landen en hun vertrouwen in de noordelijke mixen, met als gevolg dat de rente op eurobonds hoger zal komen te liggen dan de onnatuurlijke, extreem lage rente die de noordelijke landen momenteel betalen. Daarmee komt er een einde aan de sponsoring van Noord door Zuid.

De discussie in het Noorden over eurobonds moet echter niet alleen gaan over het eigenbelang op de korte termijn. Zo betekent invoering van eurobonds dat speculaties tegen individuele landen tot het verleden gaan behoren. Bovendien staan de eurolanden gezamenlijk sterker, omdat zij de klappen voor elkaar opvangen en omdat hun totale schuld niet uitzonderlijk hoog is. Deze is bijvoorbeeld aanzienlijk kleiner dan die van de VS. Toch ligt de rente op tienjarige Amerikaanse staatsobligaties rond de 2 procent. Met eurobonds kan er daarom een einde komen aan de voortdurende onrust op de financiële markten.

Een ander belangrijk voordeel van eurobonds is dat door de aanzienlijk lagere rente de probleemlanden in een veel gunstiger uitgangspositie komen om de nodige hervormingen door te voeren. Tot nu toe zijn de effecten van hun forse bezuinigingen grotendeels tenietgedaan door hun enorme rentelasten.

Een belangrijk bezwaar van de noordelijke landen tegen eurobonds is dat deze de druk op de probleemlanden om te hervormen vermindert. Deze druk is echter al sterk tanende vanwege toenemende tegendruk uit de bevolking, getuige onder andere de opkomst van extreem-rechts en van de radicaal linkse partij Syriza in Griekenland. Het is de vraag hoe lang de bezuinigingen in de zuidelijke lidstaten, maar ook in de noordelijke, nog stand kunnen houden. Er zal daarom naar andere middelen gezocht moeten worden om hervormingen en bezuinigingen acceptabel te maken. Daarbij dient in de eerste plaats gedacht te worden aan een positief instrument als een groeipact dat banen en behoud van koopkracht in het vooruitzicht stelt. Daarnaast bieden het Structuurfonds en het Cohesiefonds mogelijkheden om landen tot financiële discipline te bewegen.

Ook de noordelijke landen zullen beter af zijn met eurobonds dan in de huidige situatie met voortdurend fel oplaaiende crises. De aanvankelijk hoge rente op eurobonds zal gaan dalen, zeker wanneer de financiële markten tot rust komen. Ook zal verbetering van de economische situatie in de probleemlanden eraan bijdragen dat de noordelijke export naar deze landen zich geleidelijk aan herstelt.

Een ander belangrijk voordeel is dat de euro weer meer vertrouwen zal gaan genieten. De huidige situatie met halfslachtige maatregelen, onenigheid tussen de belangrijkste regeringsleiders en een dreigend default of vertrek uit de euro van een of meer landen, heeft het vertrouwen in de euro sterk ondermijnd. Hierdoor zakt het vertrouwen van consumenten en producenten - ook in de noordelijke landen - steeds verder weg en wordt het gevaar van een langdurige recessie met sterk oplopende werkloosheid steeds groter. De rekening van voortmodderen langs de huidige weg met recessie, steeds weer enorme steunoperaties en een desondanks steeds groter wordend risico van gehele of gedeeltelijke ineenstorting van de eurozone, zou wel eens aanzienlijk hoger kunnen uitpakken dan de hogere rentekosten van eurobonds.

Henk Folmer is hoogleraar methoden van ruimtelijk economisch onderzoek in Groningen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden