EU rotzooit in commissie Lidstaten lobbyen niet alleen via hun vertegenwoordigers, maar ook via hun Commissarissen

Veel van de problemen waar de EU nu mee kampt zijn door de lidstaten, dus door de Raad van Ministers, op haar bord gelegd....

EUROPA pakt in het nieuwe jaar de draad weer op met de hervatting van de loopgravenoorlog die al enkele maanden woedt tussen Europees Parlement en Commissie. De acties van Commissie-ambtenaar Van Buitenen hebben nieuwe munitie opgeleverd, die de strijd een nog grimmiger karakter heeft gegeven. Je kan er verschillend over denken. Natuurlijk, het is goed dat alle rotzooi boven tafel komt en dat het parlement zijn tanden laat zien. Maar leidt het gegrom wel tot het gewenste resultaat en worden de tanden wel in het juiste been gezet?

Het is overduidelijk: kritiek op de Commissie is terecht. Niet alleen het Europees Parlement, ook de Europese Rekenkamer heeft herhaaldelijk aangegeven dat er veel schort aan het financiële beheer van de Commissie. Hieraan moet snel iets gebeuren, zodat de Europese belastingbetaler erop kan rekenen dat zijn geld niet wordt verkwist. Toch kunnen de fouten niet alleen de Commissie worden aangewreven.

Uit eigen ervaring weet ik dat de Commissie een tekort heeft aan mensen die de kennis in huis hebben om grote sommen geld te beheren en tegenwicht te bieden aan alle lobbyisten en bedrijven die een graantje willen meepikken uit de Europese ruif. De structuurfondsen en de hulpgelden voor Midden- en Oost-Europa zijn exponentiëel gegroeid, maar de Commissiediensten zijn kwantitatief noch kwalitatief meegegroeid.

De Commissie heeft minder ambtenaren dan een middelgrote gemeente in Nederland, maar moet wel miljarden euro's beheren. Bovendien is het gros van de ambtenaren aangenomen toen het beheren van fondsen nog geen grote klus was en dus de selectiecriteria aan financieel inzicht weinig waarde hechtten.

Dat alles is vragen om problemen. Met name Commissaris Liikanen heeft dit vaak aan de kaak gesteld, maar kreeg geen steun van de lidstaten, omdat het nu eenmaal in de mode is te zeggen dat de Brusselse bureaucratie toch al te log en te groot is.

Ook staat de Commissie onder voortdurende druk van de lidstaten om toch vooral genoeg geld naar het eigen land en het eigen bedrijfsleven te schuiven. Lidstaten lobbyen niet alleen via hun vertegenwoordigers in Brussel, maar ook via hun Commissarissen en de vele nationale ambtenaren die niet alleen deel uitmaken van de kabinetten van de Commissarissen, maar ook op sleutelposities in de Commissie zijn 'geparachuteerd'.

Hierin wil geen enkele lidstaat voor een ander onderdoen - zeker ook Nederland niet, met als gevolg dat de Commissie zowel onder interne als externe druk staat. Daar komt nog eens bij dat de regelgeving waarop de Commissie zich moet baseren een resultaat is van lang touwtrekken tussen vijftien lidstaten en dus alle sporen draagt van een moeizaam compromis. Gevolg: weinig heldere en voor meer uitleg vatbare wetgeving, die er bijna om vraagt louche te worden toegepast.

Het is duidelijk dat veel van de problemen hun oorzaak vinden in een situatie die de Commissie van de lidstaten, dus de Raad van Ministers op haar bord heeft gekregen. Daarom mag de Raad in deze discussie ook niet buiten schot blijven. Alleen kan het Europese Parlement zelf niet veel uitrichten tegen de Raad, aangezien de parlementaire controle van het optreden van deze instelling nog steeds in de nationale parlementen plaatsvindt.

Dit betekent dat de nationale parlementen veel meer dan in het verleden aandacht zullen moeten besteden aan Europees beleid. Veel vaker zullen we onze vertegenwoordigers in de Raad moeten aanspreken over de gevolgen van hun besluiten. Om dit effectief te kunnen doen, zullen we onze werkwijze beter moeten laten aansluiten op de Europese besluitvorming en zullen we een veel nauwere samenwerking met het Europees Parlement aan moeten gaan, inclusief het verlenen van een vragenrecht aan leden van dit parlement in de Tweede Kamer.

Zelfs met al deze verzachtende omstandigheden, kan de Commissie niet worden vrijgepleit. Zeker, voorzitter Santer geeft aan dat er hervormingen komen, maar deze hervormingen zouden wellicht nooit hebben plaatsgevonden als parlement, rekenkamer en journalistiek niet zo vaak op wantoestanden hadden gewezen.

De Commissie heeft er namelijk een handje van kritiek op haar als een aanval op het Europees integratieproces af te doen en instanties die haar bekritiseren als slechte Europeanen af te schilderen. Uit de Katholieke Kerk kan ik mij goed herinneren, dat als je een dergelijke stelling betrekt, je koste wat kost een beeld van onfeilbaarheid in stand moet houden. Niets is dodelijker voor openheid en het aanpakken van misstanden dan zo'n houding. Waar macht zich bewust of onbewust aan controle wil ontrekken, gaat het altijd fout.

Daarom is het goed dat het Europese Parlement dit spelletje niet mee wil spelen en de Commissie ter verantwoording roept. Door hierbij nu niet alleen de Commissie als college aan te spreken, maar ook individuele Commissarissen, breidt het Parlement zijn controlebevoegdheden uit. Dat is een goede en noodzakelijke ontwikkeling, al is die niet in de Europese verdragen voorzien. Net als bij nationale parlementen geldt hier dat gewoonterecht ook recht is. Een Commissaris over wie het parlement met tweederde meerderheid zijn afkeuring uitspreekt, moet opstappen, klaar.

Het is jammer dat voorzitter Santer toch weer met hel en verdoemenis begon te dreigen door te zeggen dat de moties van het parlement de Commissie verzwakken op een cruciaal moment in de Europese integratie. Dit kan en mag geen enkel parlement over zijn kant laten gaan. Met deze uitspraak heeft Santer zijn eigen positie ondergraven en zelf een motie van afkeuring uitgelokt. Zelfs als deze motie het niet haalt, heeft Santer zijn eigen Commissie voor de rest van haar termijn vleugellam gemaakt. Daar zal het aftreden van één of twee Commissarissen niets aan veranderen.

Frans Timmermans is lid van Tweede Kamerfractie van de PvdA.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden