Erwin Olaf kan ook niet alles

Hij voelt zich ondergewaardeerd in eigen land. Maar op het Nederlands Filmfestival is de schijnwerper gericht op Erwin Olaf...

UTRECHT De films van het Nederlands Film Festival worden al lang niet meer alleen in de vertrouwde omgeving van de bioscoop vertoond. Zo rijdt er een pizzascooter door de Utrechtse binnenstad, die geen pizza’s in de warmhoudbak heeft, maar een monitor waarop dagelijks verse korte films draaien, gratis te volgen door voorbijgangers. In de rustieke omgeving van Kasteel Groeneveld in Baarn worden films over natuur en landschap vertoond.

In de Utrechtse galerie Flatland is de nieuwste film van Erwin Olaf te zien, het vijf minuten durende Dusk tussen de fraaie foto’s uit de gelijknamige serie. Hij is er ook te koop. De prijs ligt rond de 7.000 euro; de dvd (oplage 15) zit in een fraai uitgevoerd doosje met foto.

Dusk (duisternis) is een minutieus gestileerd, verstild kleinood, geïnspireerd op het werk van fotografe Frances Benjamin Johnston, gemaakt in duizenden gradaties hypnotiserend zwart, waarbij de spaarzame wittinten (de biezen van een officiersuniform, de bladzijden van een boek) fel contrasteren. In een Victoriaans ingericht huis met hypermodern grootstedelijk uitzicht, schommelt een zwarte uppermiddle class vrouw zachtjes een wieg heen en weer. Haar slaapliedje wordt overstemd door het monotone gebonk van haar zoontje, die in de belendende kamer een zware bal tegen de muur stuitert. Als hij het portret van een zwarte man aan diggelen gooit en zijn moeder poolshoogte komt nemen, kijkt ze in zijn letterlijk lege gezicht. De jongen vraagt: ‘Can I exist without content?’

Het is een prangende vraag, die ook aan de orde komt in het alleraardigste portret dat Michiel van Erp maakte over de fotograaf/filmer: Erwin Olaf, on Beauty and Fall. De film begint met archiefbeelden uit 1988, toen Olaf een Europese prijs kreeg voor zijn foto’s van als schaakstuk uitgedoste naakte mannen, dikke vrouwen en dwergen – het werk dat hem zijn levenlang is blijven achtervolgen. Vervolgens krijgt de ‘nieuwe’, alweer 50-jarige Olaf ruim baan, wiens foto’s verstilder en veel minder exorbitant zijn. Hij is gewild in het buitenland, maar voelt zich in Nederland ondergewaardeerd. ‘Het gaat er niet om wat je maakt, maar aan welke muur je hangt’, zegt hij. ‘Je moet in een mal passen.’

Olaf is te zien tijdens fotoshoots voor Elle – vloekend en tierend omdat zijn camera dienst weigert – en voor de cover van New York Times Magazine (‘Wat een zakkenfoto! Ik kan dit gewoon niet!’) en tijdens exposities in binnen- en buitenland. Van Erp volgt hem in zijn studio waar hij oud werk verscheurt (‘Als ik overlijd, mag er niet al te veel rotzooi in omloop komen. Dat heeft Cartier-Bresson ook gedaan’), in het tuincentrum, plantjes uitzoekend met zijn moeder, en tijdens een bezoek aan de dokter die hem vanwege zijn longemfyseem afraadt om in de winter in Finland te fotograferen. Zijn levensverwachting is vanwege zijn ziekte een jaar of 70, vertelt Olaf. Maar hij is bang voor het verval. ‘Dan stap ik eruit.’ Met tranen in zijn ogen: ‘Maar... dan moet eerst wel mijn moeder dood.’

Olaf heeft ook nog een programma samengesteld voor het boeiende festivalonderdeel Re:visie, met eigen werk en met films die hem hebben geïnspireerd, zoals Freaks en Eyes of Laura Mars. Bij de vertoning op 1 oktober in ’t Hoogt komt hij zijn keuze toelichten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden