Ernesto 'Che' Guevara vond Kabila een nietsnut

'Che' Guevara ging in 1965 naar Congo om de rebellen guerrillalessen te geven. Zijn dagboekaantekeningen verschenen onlangs in Spanje. Over de huidige president van Congo en toen sous-chef van de opstand: 'Ik heb geen enkele illusie meer over Kabila.'..

Congo, 1965. De voormalige Belgische kolonie maakt turbulente tijden door. De linkse president Lumumba is vermoord, generaal Mobutu grijpt met steun van België, Frankrijk en de VS de macht. In de Cubaanse hoofdstad Havana wordt, na goed overleg met Moskou, een riskant besluit genomen. Congo's rebellen, het Revolutionair Bevrijdingsleger, moeten steun krijgen. De socialistische kameraden beginnen, midden in de Koude Oorlog, een eerste expeditie in Afrika.

Guevara, de rusteloze held van de Cubaanse revolutie, wordt uitverkoren. Vermomd - zonder baard, met bril en in een pak dat hem meer op een CIA-agent dan op een revolutionair doet lijken - arriveert hij in april in Kigoma, het Tanzaniaanse stadje aan de oever van het Tanganyikameer. Aan de overkant ligt, verborgen in de groene bergen, het hoofdkwartier van de rebellen.

Na de oversteek begint een lange nachtmerrie. Verbaasd schrijft Guevara al meteen over de lokale krijgsriten en dat de rebellen zweren bij de dawa, traditioneel medicijn dat hen moeten beschermen tegen vijandelijke kogels.

Guevara's geestdriftige plannen om enkele eenheden rebellen klaar te stomen voor acties tegen het regeringsleger vinden een zeer lauw onthaal. De rebellen hebben het veel te druk met andere zaken, zo stelt hij vast. Zuipen en naar de hoeren gaan, bijvoorbeeld.

De Congolese compañeros blijken ook aparte opvattingen te hebben over revolutionaire beginselen. 'Het zijn parasieten', schrijft hij geschrokken na zijn eerste maand in de Base Superior, het schamele hoofdkamp in de bergen. De rebellen lummelen maar wat rond, ze willen niet trainen en buiten de arme plaatselijke boertjes zonder enige gêne uit.

Guevara poogt orde te scheppen, maar wat hij ook probeert, het leidt tot niets. Herhaalde verzoeken aan Laurent-Desiré Kabila, de sous-chef van het bevrijdingsleger, om in te grijpen blijven vergeefs. 'We zijn nu al twee maanden hier en we hebben nog niets kunnen doen. Elke dag horen we het hetzelfde liedje: vandaag komt Kabila niet, maar morgen zeker. Of anders overmorgen.'

Kabila stuurt Guevara wel memo's, die zijn humeur er niet beter op maken. 'Als revolutionair behoort u alle moeilijkheden hier te kunnen verdragen', meldt de sous-chef van de Congolese revolutie uit zijn hotel in het verre Dar es Salaam.

Eind juni is het dan eindelijk zover: de eerste rebellenactie met Cubaanse steun. De overval, op een waterkrachtcentrale, verloopt desastreus. Tot zijn verbijstering hoort Guevara van zijn luitenanten in het veld dat de Congolezen 'met de ogen dicht' hun geweren leegschieten en bij het eerste vijandelijke tegenvuur op de vlucht slaan. In de chaos sneuvelen vier Cubanen. Gewonden en wapens worden achtergelaten.

Het is zo'n bende dat de Cubaanse elite-soldaten mismoedig worden. Snel groeit er minachting voor de instelling van de Congolese kameraden, die niet gevoelig blijken voor enige militaire discipline en bij bosjes 'op vakantie gaan'. Iedere dag wortelpap, buikloop en koorts vreten het Cubaanse moreel nog verder aan.

Ook bij Guevara begint na enige maanden de wanhoop door te breken. Zelfs een eenvoudige hinderlaag op een enkele vrachtwagen wordt 'een tragikomedie', noteert hij. De meeste rebellen nemen weer de benen, hoewel de vijf regeringssoldaten in de truck inmiddels door Cubaanse schutters zijn doorzeefd. De overgebleven rebellen storten zich meteen op het bier en de whisky in de wagen.

Niemand luistert nog naar orders, en de Cubanen zien op de terugweg geschokt hoe rebellenkapitein Zakarias, stomdronken, zomaar een boertje doodknalt.

Zijn dagboekaantekeningen worden steeds cynischer. 'Wangedrag, desorganisatie en totaal gebrek aan moreel', schrijft hij in augustus. 'Ik heb geen vertrouwen in Kabila, maar de andere leiders zijn nog erger.' Na een ontmoeting met 'generaal' Moulane: 'Zijn gevechtstenue bestond uit een brommerhelm met luipaardenvel. Ik kreeg het gevoel toeschouwer te zijn van een slechte komische film.' September: 'Verschrikkelijk gebrek aan verantwoordelijkheid. Weer hebben de rebellen een plaats bijna zonder slag of stoot opgegeven.'

Op 5 oktober schrijft hij een verbitterde brief aan Fidel Castro: 'Wij kunnen dit land, dat weigert te vechten, niet in ons eentje bevrijden. Ik heb geen enkele illusie meer over Kabila.'

Ook in Havana wordt na zes maanden de zinloosheid van het Congolese avontuur erkend. Eind november, te midden van paniek vanwege geruchten over een vijandelijke aanval, steekt Guevara met zijn mannen weer het meer over, naar Tanzania.

In zijn Congolese dagboek droomt Che Guevara van een 'Internationaal Proletarisch Leger' dat overal ter wereld de strijd zou aangaan met het 'Yankee-imperialisme'. In oktober 1967 wordt hij echter gedood in Bolivia, bij zijn tweede mislukte poging de revolutie te exporteren.

Het Cubaanse leger toont in 1975 dat het de les van het Congolese debacle wel ter harte neemt: als Zuid-Afrikaanse troepen vlak voor de onafhankelijkheid van Angola oprukken naar de hoofdstad Luanda, neemt Cuba de strijd eenvoudig over van de socialistische kameraden van de MPLA. Een vele duizenden soldaten sterk Cubaans expeditieleger laat de Zuid-Afrikanen afdruipen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.