Erken de tribale verhoudingen in Irak

Het sturen van meer troepen naar Irak heeft volgens Geert Ruardij geen zin. Kijk liever naar het bestuur van Libanon, sluit akkoorden met clans en richt het land in langs tribale lijnen....

Geert Ruardij

Onlangs heeft president Bush nog eens dertigduizend soldaten extra ingezet in Irak. Omdat het Amerikaanse Congres deze strategie niet ondersteunde, kwam het met Bush overeen de effectiviteit ervan in september te evalueren. Zondag wordt de tussenstand verwacht (Buitenland, 11 juli). De Amerikaanse rekenkamer heeft onlangs al aangegeven dat het sturen van meer troepen het geweld in Irak nauwelijks heeft verminderd. De Verenigde Staten doen er daarom goed aan een akkoord te sluiten met de Irakezen. Alleen deze strategie biedt Irak stabiliteit. De enige andere optie is een gewelddadige nieuwe Saddam aan de macht te helpen.

Wie is de vijand in Irak? Islamistische extremisten? Terroristen van Al Qaida? Soennitische opstandelingen? Radicale sjiitische elementen? Of zij allemaal? In oktober vorig jaar erkende de woordvoerder van Bush dat er veel groepen zijn die de Iraakse regering ondermijnen, maar dat ‘het niet duidelijk is dat zij gezamenlijk opereren’.

Er is geen burgeroorlog gaande tussen soennieten, sjiieten en Koerden, want deze sektarische groepen staan niet onder een centraal gezag. Ze hebben geen legers. En hoewel er veel afkeer is van de Amerikaanse aanwezigheid in Irak, is het geweld niet enkel toe te schrijven aan opstandelingen. Om het geweld beter te begrijpen, moet men de clans begrijpen.

In 1990 introduceerde Khaldoun Hassan al-Naqeeb de theorie over politiek tribalisme. Hij putte daarbij inspiratie uit een sociologische theorie uit 1377 van de beroemde moslimgeleerde Ibn Khaldoun. Politiek tribale clans bestaan uit een hiërarchisch geordende groep families, die verbonden zijn door bloedbanden, huwelijk, gedeelde loyaliteit en tribale allianties. In Irak zijn er meer dan honderd tribale clans te onderscheiden en de meeste Irakezen identificeren zich sterk met hun tribale groep, zowel in de stad als op het platteland.

Veel Arabische staten worden gedomineerd door een familie die aan het hoofd staat van een solidariteitsnetwerk met andere families. De familie kanaliseert voordelen en geeft bescherming aan de families in het haar ondersteunende netwerk. Saddam zette veel leden van zijn eigen clan in de Iraakse regering en de Republikeinse Garde en hij rekruteerde zijn soldaten via clanleiders. Momenteel delen alle clans in Irak dezelfde angst: wat als een clan opnieuw de macht grijpt in de staat en daarbij een nieuwe Saddam opstaat? Vorige maand deed de Iraakse minister-president Al-Maliki aan het Amerikaanse leger al een verzoek dat geheel in dit kader past. Hij verzocht de Amerikanen niet de clans te bewapenen, omdat dat een taak van de Iraakse regering zou zijn. Lees: de clan van Al-Maliki. De angst van de buitengesloten clans is niet onbegrijpelijk. Wie garandeert hen dat Al-Maliki geen tweede Saddam wordt?

Sektarische affiliatie blijft belangrijk. Wanneer men meent dat soennieten, sjiieten of Koerden als groep onder vuur liggen, dan kunnen clans zich verenigen tegen die gemeenschappelijke dreiging. Dat is altijd slechts tijdelijk. Zie hier het dilemma in Irak en het sektarisch karakter van het geweld aldaar. Zolang niet duidelijk is welke positie elke sektarische groep binnen de staat zal krijgen, blijft het chaotisch. Een ding is zeker, na jarenlange onderdrukking zullen de sjiieten een soennietische overheersing niet snel accepteren.

Irak zou het Libanese voorbeeld kunnen volgen. In Libanon vond men een oplossing om de vele clans te laten samenleven, eerst in het ‘historisch compromis’ van het Nationaal Pact van 1943, daarna in de Taif-overeenkomst van 1989. Zetels in het parlement en posities binnen de overheid worden verdeeld overeenkomstig sektarische verhoudingen. Het resultaat is dat een coalitie van clans rondom het centrum van de macht circuleert zonder het machtcentrum in te nemen, zonder de ander te domineren.

Het bewind van Saddam Hoessein omverwerpen is één, Irak controleren is iets totaal anders. Het sturen van meer troepen heeft geen zin. Het feit negeren dat Irak een politiek tribale maatschappij is, is zeer gevaarlijk. Irak zal niet op korte termijn veranderen in een democratie. Noch zal de huidige strategie en opzet van het bestuur in Irak leiden tot meer stabiliteit.

In Irak zou de strategie van de Verenigde Staten gericht moeten zijn op het laten ontstaan van eenzelfde ‘historisch compromis’, gesloten tussen de clans en overeenkomstig sektarische verhoudingen – de oplossing in Libanon volgend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden