Column

Erfenis van een president-filosoof

De afscheidstour van president Obama door Europa steekt schril af bij zijn toespraak aan de Overwinningszuil in Berlijn in juli 2008 toen hij de 'burgers van de wereld' toesprak.

Beeld anp

Europa jubelde, niet beseffend dat het vlak voor zijn bestaanscrisis stond. Obama beleert Berlijn over problemen die deels voortvloeien uit zijn buitenlands beleid. Zoals de mensenstroom naar Duitsland, vanuit een Syrië dat hij aan zijn lot overliet. Meestal oordelen historici milder dan tijdgenoten. Bij Obama's erfenis zal dat omgekeerd zijn.

The Atlantic interviewde Obama over diens buitenlands beleid onder de titel 'The Obama Doctrine'. Auteur Jeffrey Goldberg werkt die echter niet uit. President Monroe had een doctrine - 'Amerika voor de Amerikanen'. President Harry Truman ook. Hij werd bijgestaan door adviseur George Kennan, architect van de indamming van het communisme. Nixon was te verguisd voor een doctrine. Maar hij had naast zich Henry Kissinger, de strateeg van het machtsevenwicht tussen grote mogendheden.

Obama begon zonder noemenswaardige ervaring. Hij werd bijgestaan door mensen met nog minder ervaring. Zbigniew Brzezinski, veiligheidsadviseur van Jimmy Carter, zei dat Obama niet het beleid ontwikkelde dat zijn retoriek schraagt. 'Hij heeft geen strategie; hij predikt.'

Obama werd omringd door zijn campagnestaf die de politieke kaart van Iowa en Florida beter kenden dan die van het Midden-Oosten. Zij zagen buitenlands beleid als een voortzetting van de verkiezingscampagnes met andere middelen. Alles draaide om krantenkoppen. Robert Gates en Leon Panetta, twee ex-ministers van Defensie, beschrijven in hun memoires hun frustratie over Obama's adviseurs die geografische en historische kennis ontbeerden.

Een Amerikaanse president profileert zich meestal als spiegelbeeld van zijn voorganger. De Irak-oorlog van president Bush vormde Obama's buitenlands beleid. Zijn credo: 'doe geen domme dingen'. Obama wilde een Amerika met een rol op de achtergrond. The New Yorker noemde dat: 'leading from behind'. In The Atlantic geeft Obama zijn ideale mensbeeld bloot: 'Als iedereen nu eens is als Scandinaviërs, dan zou het makkelijk zijn'. Maar de Arabische wereld is niet gevormd door de Scandinavische mentaliteit. Tijdens de Arabische Lente keek Amerika voornamelijk toe.

Obama zag 'Libië' als succes van leading from behind: Amerika helpt, maar anderen voeren uit. De gevolgen produceerden een Libië in chaos met enclaves van IS en een mensenstroom die Europa destabiliseert.

Van de Syrische burgeroorlog wilde Obama in de aanloop naar zijn herverkiezing niet horen. Dat paste niet in zijn campagne. Er kwamen geen humanitaire corridors en geen no-flyzones. Uiteindelijk werd Syrië met 400 duizend doden en 4,5 miljoen ontheemden het kerkhof van Obama's erfenis. In de Syrische chaos groeide IS als een gezwel. Obama noemde IS aanvankelijk een ongevaarlijke 'studentenclub'.

In Irak dwong Obama de voortijdige terugtrekking van Amerikaanse troepen af wegens zijn verkiezingsbelofte. Gevolg was dat het machtsevenwicht in Irak, waarvan Amerika intussen zelf deel uitmaakte, instortte. Een wereldorde zonder Amerika brengt wanorde, vooral in het M-Oosten.

De desastreuze constante in Obama's beleid was het promoten van Iran tot regionale mogendheid. Vanaf het begin was hij vriendelijk voor de ayatollahs die in 2009 de 'groene revolutie' neersloegen. Obama werd de drijvende kracht voor een atoomakkoord, bedoeld om de nucleaire aspiratie van Iran te bedwingen. Het is waarschijnlijker dat het land met veinzen, liegen en bedriegen toch een atoommacht wordt. Die dreiging polariseert het Midden-Oosten. Obama leidt het kruitvat Midden-Oosten het atomaire tijdperk binnen.

Obama's erfenis is dat Amerika zijn traditionele bondgenoten onzeker maakt. Maar gevestigde opponenten zoals Rusland, China, Noord-Korea en Iran voeren zelfverzekerd hun agenda uit, met president Poetin voorop. Amerika doet toch niets.

Obama is een koele kikker. Hij mist het inlevingsvermogen van presidenten als Clinton en Reagan om met de oppositie samen te werken. Obama onderhandelt niet. Hij doceert, filosofeert en schoffeert. Zijn buitenlands beleid is niet verankerd in de politieke instituties van Washington. Zijn opvolger zal de 'Obama Doctrine' overboord gooien. 'Niets doen' is geen organiserend principe. Amerika kan niet op de achterbank van de geschiedenis blijven zitten.

De wereld bestaat jammer genoeg niet enkel uit voorbeeldige Scandinaviërs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden