Erdogan creëert sektarisch Turkije

Premier Erdogan verscherpt de religieuze tegenstellingen in zijn land, ook door de kant van de Syrische rebellen te kiezen, meldt Enis Odaci vanuit zijn geboorteplaats Antakya.

Het is een komen en gaan in de kleine woonkamer van de familie Cömert. De moeder van Abdullah veegt haar tranen weg. Ze vertelt over haar verloren zoon, die slechts 22 jaar is geworden. Abdullah sneuvelde door een politiekogel terwijl hij in Antakya, in Zuid-Turkije, samen met vrienden demonstreerde tegen de regering-Erdogan. Abdullah was plaatselijk actief bij de jongerentak van de grootste oppositiepartij CHP, de nationale Volkspartij. Dat maakt de situatie politiek gevoelig omdat opeens de zweem van een afrekening is ontstaan.


'Ze hebben mijn zoon mishandeld terwijl hij juist hulp nodig had', klaagt Abdullah's moeder. Zij draagt een grote omlijste foto van haar zoon. De autopsie wijst uit dat de jonge Abdullah niet alleen in zijn achterhoofd is geschoten, maar daarna ook nog is mishandeld. Enkele ledematen zijn gebroken en dat nieuws vormt de vonk die tot een uitbarsting van dagenlange protesten leidt. Abdullah's uitvaart wordt bijgewoond door 80.000 inwoners van Antakya. De landelijke Turkse media zien in Abdullah's dood en uitvaart echter geen aanleiding om er verslag van te doen.


De staatsmedia en de commerciële zenders berichten wel uitgebreid over premier Erdogan die in Istanbul op een vol plein fel uithaalt naar de oppositiepartij. Erdogan gooit olie op het vuur door Turkije plotseling langs sektarische lijnen op te delen. In Reyhanli, een plaats vlak bij Antakya en de Syrische grens, zijn een paar maanden eerder volgens officiële tellingen 53 slachtoffers gevallen tijdens twee bomaanslagen. Erdogan zegt voor het eerst live op televisie dat de slachtoffers 'soennitische broeders' zijn. Daarmee wordt de suggestie gewekt dat de 'niet-soennieten' de aanslag hebben gepleegd. Een verwijzing naar de alevitische geloofsgemeenschap. Erdogans uitspraak verspreidt zich razendsnel via Twitter en Facebook. Het leidt tot een nieuwe golf van protesten in grote delen van Zuid- Turkije. Pijnlijk is dat de gesneuvelde Abdullah Cömert aleviet is.


Bulldozerpolitiek

De relatie tussen Erdogan en de alevitische gemeenschap in Turkije, naar schatting 20 miljoen mensen groot, is altijd moeizaam geweest. Eerder dit jaar heeft het ministerie van Godsdienstzaken, Diyanet, formeel het standpunt ingenomen dat de alevitische geloofsleer geen onderdeel is van de islam. De staatsgodsdienst in Turkije is gebaseerd op de soennitische leer en het alevitisme wordt gezien als een 'culturele uiting'. Daarmee krijgen de alevieten bijvoorbeeld geen recht op alevitisch godsdienstonderwijs, de opleiding van geestelijke voorgangers en het recht op het bouwen van erkende en beschermde gebedshuizen.


De in de Turkse media veel gevraagde woordvoerder van de alevitische gemeenschap, Ali Yeral, vermoedt een wanhoopsdaad. 'Erdogan begrijpt heel goed dat hoe langer de protesten in Turkije voortduren, hoe sterker de oppositiepartijen worden.' De leider van de oppositiepartij CHP, Kiliçdaroglu, heeft een alevitische achtergrond. Yeral: 'Erdogan probeert de tegenstellingen niet alleen partijpolitiek op scherp te zetten, maar ook theologisch. Het volk heeft problemen met zijn eenzijdige bulldozerpolitiek, niet met bomen, andere partijen of andersdenkende moslims. Toen de aanslagen in Reyhanli plaatsvonden, vond hij het belangrijker een bezoekje aan Marokko te brengen. Wat is dat voor een premier? Nu hij wordt geconfronteerd met aanhoudende protesten maakt hij van de doden in Reyhanli een politieke show. Wat wil hij zeggen? Dat de alevieten en de CHP een gevaar zijn voor de staatsveiligheid en de democratie in Turkije? Zulke uitspraken zijn levensgevaarlijk en een premier onwaardig.' Yeral stipt vervolgens een ander heikel punt aan: Syrië. 'Het is juist dit oorlogskabinet dat de mensen in gevaar brengt door zo openlijk ruzie met Syrië te zoeken.'


Het huidige Turkije is in 1923, na onderhandelingen met de Fransen en Engelsen, door Mustafa Kemal Atatürk gesticht. Langs de zuidelijke grensstreek wordt het overwegend Arabisch sprekende volk opeens in tweeën gedeeld. Een deel gaat bij Syrië horen, een ander deel wordt Turks staatsburger. In het zuiden van Turkije, zoals in Antakya, leven dus veel Turken die dezelfde roots hebben als hun buren aan de andere kant van de Syrische grens, en sympathiseren met de Syrische president Assad.


De grensstreek tussen Syrië en Turkije is honderden kilometers lang. Er zijn indrukwekkend omvangrijke vluchtelingenkampen opgezet waar ontheemde Syriërs een burgerlijke status, zakgeld en zorg ontvangen. Ali Yeral plaatst die hulp in een kritische context: 'Humanitaire hulp is van het grootste belang, maar waarom worden de meeste openbare ziekenhuizen exclusief gereserveerd voor Syrische oorlogsstrijders, ten koste van de lokale bevolking? Veel artsen hebben uit protest de ziekenhuizen verlaten en zijn elders gaan werken. Salafisten en leden van Noesra bijvoorbeeld worden hier behandeld, bewapend en financieel ondersteund, om vervolgens op een paar kilometer afstand Syriërs te vermoorden, omdat die volgelingen van Assad zijn en het alevitische geloof aanhangen.'


Het geweld in Syrië heeft in de ogen van veel inwoners van Antakya helemaal niets te maken met onderdrukking van het Syrische volk door een dictatoriale Assad. Ali Yeral formuleert het stellig: 'Als Erdogan een voorvechter van democratie is, heeft hij grotere uitdagingen in Bahrein, Qatar en Saoedi-Arabië. In Bahrein wil 99 procent van de bevolking een ander regime, maar de koninklijke familie wijkt niet. In Saoedi-Arabië heeft niet het volk, maar het koningshuis de macht. Waarom niet daar een opstand organiseren?'


Ik vraag Yeral hoe hij dan het begin van de opstand in Syrië karakteriseert, die met geweld is neergeslagen. Yeral: 'Dat is een andere vraag dan de vraag of Syrië een dictatoriaal land is. De roep van het volk om meer rechten, een toekomst, moet gehoord worden zonder enig geweld te gebruiken. Assad had dat veel beter moeten aanvoelen. Wat het 'dictatoriale' regime betreft - zijn we vergeten dat het Syrische parlement bestaat uit een grote meerderheid van soennieten en een minderheid van onder anderen alawieten, ismaïlieten, syrisch orthodoxen, katholieken en protestanten? De bevolkingsopbouw is daarmee heel adequaat weerspiegeld in politieke verhoudingen. Hier, in Erdogans Turkije, waar alevieten bijna 30 procent uitmaken van de bevolking, is er helemaal geen aleviet die een positie bij de Turkse staat bekleedt, minister of staatssecretaris is bijvoorbeeld.'


In de afgelopen twee jaar is de aanwezigheid van Syriërs in Antakya zichtbaar toegenomen. De lokale politiek besluit om complete wijken op te kopen en vrij te maken voor de huisvesting van vluchtelingen. De meesten van hen zijn inmiddels Turks staatsburger. Zij krijgen een zogenoemde kimlik, een identiteitskaart waarmee ze recht hebben op alle voorzieningen zoals onderwijs, zorg en arbeid.


De economie zit door de spanningen met Syrië echter al een tijdje in een dip. Kemal Habiboglu is een grijze man van achter in de dertig. Hij ¿s vastgoedhandelaar en houdt kantoor in de binnenstad van Antakya. Hij schudt zijn hoofd en gebaart driftig. 'Niemand koopt en verkoopt meer sinds Erdogan de grenzen met Syrië opengegooid heeft voor de bewapening van Syrische rebellen. Na de bomaanslag in Reyhanli heeft hij er voor de vorm wat militaire eenheden heengestuurd, maar inmiddels lopen de terroristen weer vrij rond.' Ik vraag hem of hij rekening houdt met een aanslag in Antakya. 'Persoonlijk geloof ik van niet, maar de angst voor een aanslag zit er wel diep in en angst maakt elke economie kapot. Mensen zitten op hun geld.' Bij Kemal hangt een trouwfoto van zijn dochter aan de muur. Hij wijst er trots naar. 'Dit is Antakya, wij leven hier al zolang wij bestaan samen met allerlei geloven, naast elkaar en met elkaar. Mijn dochter is getrouwd met een christen. De trouwdienst was islamitisch, maar hun kind is gedoopt. Geen bomaanslag, geen Erdogan kan die saamhorigheid verbreken.'


Antiochië

Antakya is de moderne naam voor Antiochië, welbekend bij christenen. In deze omgeving heeft de apostel Paulus een van zijn eerste kerken gesticht en er is een grote ruïne van een klooster vernoemd naar St. Simon de Jongere. Er bestaat een levendige christelijke gemeenschap en een kleinere joodse gemeenschap. Leden van de Bahai hebben er hun eigen gebedshuizen. Voor zover formeel opgetekend is, zijn er in de geschiedenis van Antakya geen spanningen geweest tussen de diverse kleine en grote geloofsgemeenschappen.


Ik ga terug naar het huis van de overleden Abdullah Cömert. Zijn moeder kan voor het eerst sinds dagen even glimlachen. Haar dochter heeft zojuist verteld dat er op zondag 16 juni ter ere van haar overleden zoon een nieuwe protestmars wordt georganiseerd. Antakya ligt op 25 kilometer van de Middellandse Zee en het is de bedoeling dat er vanaf het badplaatsje Samandag een even zo lange menselijke ketting wordt gevormd. Een rode roos zal van hand tot hand gaan tot die de plaats in Antakya bereikt waar Abdullah is neergeschoten.


Ik ben die dag getuige van een indrukwekkende en massale optocht. De vierbaansweg van Samandag tot Antakya wordt gevuld met 300.000 mensen die, lopend tussen auto's en veewagens, zingen, schreeuwen en op pannen trommelen. De vader en moeder van Abdullah rijden aan kop van de mensenmassa, die om beurten in het Turks roept 'Erdogan treedt af!' en 'Onze schat Abdo leeft voor altijd!' De leuzen echoën 25 kilometer lang na en worden ongetwijfeld ook gehoord in Damascus en Ankara.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden