'Er wordt zoveel geld weggegooid'

Theedrinken met allochtonen heeft geen zin, zegt Chahid el Haddouti. Ze keihard aanpakken ook niet. Je moet ze goed voorlichten en aan het werk zetten.

'In deze negatieve tijd is het praktisch ondenkbaar. Maar toen ik in het kader van de gezinshereniging naar Nederland kwam als 12-jarig jongetje, werden mijn zeven broers en ik verwelkomd door buurjongens en -meisjes. Allemaal kaaskoppen. De hele flat kwam kennismaken.

Ik ben geboren in 1980 in het gehucht Zaouit Sidi Aissa en toen ik 1 was naar Tanger verhuisd. Mijn vader zat in Nederland. Hij was als 17-jarige door de 'slavenkeuring' gekomen. Je moest ongeschoold zijn en sterk, anders maakte je geen kans als gastarbeider.

Hij heeft een tijdje door Europa gezworven en is uiteindelijk in Gouda terechtgekomen. Hij heeft van alles gedaan. Zwaar werk, kabels trekken en zo, en is al vroeg afgekeurd.

In het begin vond ik het maar niks in Gouda. Het was een droevige tijd. Alles wat ik had, moest ik in Tanger achterlaten. Op het vliegveld werd ik uitgezwaaid door wel veertig vriendjes uit de buurt en van de taekwondoclub.

Ik had de basisschool in Tanger gedaan, maar sprak geen Nederlands. Moest helemaal opnieuw beginnen. Ik ging naar de schakelklas. De meeste leerlingen kwamen uit de Rif.

De leerkrachten gingen ervan uit dat niemand geschoold was. Ik was dat wel. Pijnlijk is dat iedereen automatisch vmbo-advies kreeg. Ik ben braaf gegaan, had geen idee wat dat was, vmbo. In Marokko heb je geen verschillende niveaus op school. Als je het niet meer aankan, val je af.

Ik was nogal ambitieus en vroeg meteen: wat is de moeilijkste richting? Elektrotechniek, zeiden ze. Ik heb mijn diploma gehaald. Via mbo boekhouden, dat vond ik helemaal niks, naar het hbo gegaan. Social Work. Mijn eerste baan was bij de residentiële hulpverlening in Gouda. Daar werkte ik met kinderen die uit huis werden geplaatst. Op jonge leeftijd was ik al coördinator van het buurtvaderproject. Dat hebben we ook uitgerold in Den Haag, Den Bosch en Utrecht.

De jaren negentig heb ik als heel fijn ervaren. Eerst woonde ik in Vreewijk. Dicht tegen de, vanwege het busincident, beruchte wijk Oosterwei aan. Later verhuisde ik naar Korte Akkeren, de wijk die in 1999 negatief in het nieuws was. Een Gouwenaar werd daar zwaar mishandeld door een groep Marokkaanse hangjongeren.

Toch heb ik de sfeer nooit grimmig gevonden. Voor mij waren de jaren negentig heel fijn. Ik ging weer op taekwondo. Die sport beoefen ik nog steeds. Ik geef ook les aan de kleintjes. Ik heb alle kans gekregen om te studeren, heb mijn draai gevonden.

Maar aan het eind van dat decennium begon het maatschappelijke klimaat te kantelen. Pim Fortuyn kwam op. Paul Scheffer publiceerde zijn essay Het multiculturele drama. Als jonkie werd ik door moskee Nour, waar ik werkte als vrijwilliger bij de huiswerkbegeleiding, naar voren geschoven om in debat te gaan met Scheffer. Shocking vond ik zijn constatering toen.

Later kwam ik hem nog eens tegen op het vliegveld van Casablanca. Hij herinnerde zich die eigenwijze jongen uit Gouda nog. Ik heb hem toen verteld dat zijn analyse een kern van waarheid heeft. Scheffer had het over het achterblijven van hele generaties allochtonen, de vorming van een etnische onderklasse. Het onbenut laten van een reservoir aan talent en een groeiende kloof tussen migranten en autochtonen.

Die kloof schetst ook het SCP in zijn rapport dat in december verscheen. Ruim tien jaar na Scheffers' drama meldt het planbureau dat migrantengroepen deze eeuw niet dichter bij elkaar zijn gekomen. Vooral sociaal niet, hoewel de tweede generatie beter Nederlands spreekt en hoger is opgeleid.

Toch heeft de overheid de laatste tien tot vijftien jaar gigantisch veel pogingen gedaan om de mensen dichter bij elkaar te brengen. Gouda had ook jaren een budget om elkaar te ontmoeten. Straatbarbecues, thee drinken, koekjes eten met elkaar. De mensen komen gratis eten en gaan dan weer weg. Wat stelt zo'n ontmoeting voor?

Het is geldverspilling. Als de organisatie wegvalt, blijven de mensen weg. Dit soort beleid wordt bedacht door ambtenaren die weinig verstand hebben van hoe de maatschappij werkt. Door mensen die nooit achter hun bureau vandaan komen.

Jarenlang was ik straathoekwerker in Gouda. Maar met het jongerenwerk heb ik het helemaal gehad. Althans zoals het nu werkt in Gouda. Er worden spelletjes gespeeld, angst voor een baantje gaat boven het welzijn van jongeren. Ik nam het eens op voor een groep van zes jongeren, vier Marokkanen, twee Surinamers. Ze waren 16 en 17 jaar en van school getrapt, omdat ze hadden gevochten.

Dat gebeurde in de examenperiode. Met collega's heb ik toen uitgezocht dat het niet mag: examenkandidaten de toegang weigeren. Er moest toch een andere oplossing te vinden zijn. Die opstelling van mij werd niet gewaardeerd. Ik moest mijn excuses aanbieden van mijn directeur, die vreesde dat zijn subsidie op het spel zou komen te staan. Ik heb ontslag genomen. Voor mij was het een morele zaak.

Ik kon niet meer meedoen. Je helpt die jongens de vernieling in. Vlak voor hun examen wegsturen. Hoe moet het met hun toekomst? Zonder startkwalificatie zijn ze verloren. Die jongens belanden op straat en daar gaat het vaak van kwaad tot erger.

Er wordt zoveel geld weggegooid. Daar zouden Kamervragen over moeten worden gesteld. Een directeur is na een fusie van twee welzijnsorganisaties vertrokken met een grote zak geld. Veel jongerenwerkers zijn ontslagen. Er is veel argwaan. Jongerenwerkers controleren elkaar, in plaats van dat ze jongeren helpen. Buurthuizen zijn dicht. Jongeren kunnen nergens terecht.

Het is aangekaart bij de lokale politiek. Er is beterschap beloofd, maar tot op heden is er weinig veranderd.

Gouda werd na de rellen in Oosterwei bestempeld als 'Marokkanengemeente' en heeft veel extra geld gekregen van het Rijk om criminaliteit, werkloosheid, schooluitval, overlast aan te pakken. Maar kan de gemeente concrete resultaten tonen? Wie zijn precies waarmee geholpen? Ik heb nog geen resultaten gezien.Het is nu crisis, er is weinig geld. Maar het kan ook best voor minder.

Criminele jongeren die hun weg weer moeten vinden in de maatschappij, hebben geen behoefte aan vage begeleidingstrajecten. Ze hebben concrete zaken nodig. Scholing, een dak boven hun hoofd, werk. Stel huizen beschikbaar voor jongeren die uit detentie komen. Vaak is het niet goed dat ze terug naar huis gaan, naar hun vroegere omgeving. Daar krijgen ze verkeerde prikkels.

Ik werk nu als adviseur en toezichthouder bij de reclassering. Ik ga niet ontkennen dat Marokkanen veel problemen veroorzaken, dat ze relatief veel voorkomen in de criminaliteitsstatistieken. De staat moet ingrijpen als er strafbare feiten worden gepleegd. Maar de onderliggende oorzaken aanpakken is in eerste instantie de verantwoordelijkheid van de gemeenschap zelf.

Als voorzitter van de stichting IMAGO, initiatiefgroep Marokkaanse Gouwenaars, probeer ik zelfredzaamheid te stimuleren, de Marokkaanse gemeenschap een spiegel voor te houden. Er gaat bijvoorbeeld veel mis in de opvoeding. Veel ouders hebben geen idee wat betrokkenheid betekent.

Toen ik als gezinsvoogd bij Jeugdzorg werkte, kwam ik geregeld ouders tegen die hun kind keihard op het hoofd sloegen. Als thuis angst heerst, kunnen de hersenen van het kind zich niet goed ontwikkelen. Huiselijk geweld kan zwakbegaafdheid tot gevolg hebben.

Je moet dergelijke ouders niet in de hoek drijven, met spierballentaal, zoals de politiek nu doet. Maar ze voorlichten. Ze schrikken zich rot als ze horen welke gevolgen hun gedrag kan hebben. Niemand wil dat zijn kind zwakbegaafd of crimineel wordt, iedere ouder hoopt op een carrière als advocaat of arts.

Er zijn veel problemen, dat weet ik. Maar door al die negativiteit, door dat gemier en gezeur over Marokkanen en moslims, voelen zelfs de hoogopgeleiden zich hier niet thuis. Dat geldt ook voor mij.

In 2006 ben ik een autoverhuurbedrijfje begonnen in Tanger. Ik denk erover te settelen in Marokko. Daar word je met rust gelaten, mag je moslim of westerling spelen, kan je jezelf zijn. Natuurlijk speelt het mooie weer ook mee.

Tegelijkertijd hou ik ook erg van dit kikkerlandje. Als ik zes weken in Marokko ben, kijk ik dagelijks op Nu.nl of de Volkskrantsite. Il wil weten wat er gebeurt. Daar ben ik een promotor van Nederland, hier ben ik erg kritisch. Misschien wel omdat ik zoveel van dit land hou.

Het is natuurlijk heel jammer voor het vergrijzende Nederland dat de hoger opgeleide migranten wegtrekken. Nederland heeft dynamische jonge mensen nodig. Marokko trekt aan de jongeren die last hebben van het stigma en het negatieve klimaat. Met hulp van de Raad voor Marokkanen in het Buitenland probeert Rabat de hogeropgeleiden terug te halen. Zelf zal ik nooit in die raad gaan zitten, ik wil geen deel van de lange arm zijn.

Helemaal wegblijven, zal ik nooit. Ik ben gehecht aan Gouda, een van de mooiste steden van Nederland. Vaak denk ik, waarom slagen we er niet in op een positieve manier saamhorigheid te kweken? Waarom zet Gouda probleemjongeren niet in als stadsgids voor toeristen? Zorg dat ze alle straten kennen, in plaats van alle boeven. Laat ze kaas en stroopwafels verkopen. Laat ze delen in de Goudse trots.

Bij het laatste wereldkampioenschap voetbal was er even saamhorigheid. Er stond een elftal met spelers van Nederlandse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse afkomst, die hetzelfde doel voor ogen hadden. De hele bevolking leefde mee en was steeds positiever naarmate 'we' verder kwamen. Iedere dag keken 'we' met vertrouwen uit naar de volgende uitdaging. Daar kan ik wel naar verlangen, naar dat gevoel van onderlinge gebondenheid.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden