Er is vrijwel geen geld voor onderzoek naar alledaagse kwalen

Onderzoek van de umc's sluit vaak niet aan op de praktijk, stelt de Gezondheidsraad. Huisartsen en specialisten ouderengeneeskunde over de vragen waarop ze geen antwoord hebben.

Een huisarts hoort een oudere vrouw aan tijdens het spreekuur in een bejaardenhuis. Beeld anp

Huisartsen

'De dokter weet vaak ook niet wanneer het over is.'

De meest voorkomende kwalen worden het minst onderzocht. Wratten, oogontstekingen en hoofdpijn: dat soort alledaagse ziekten kosten huisartsen 80 procent van hun tijd maar bij de behandeling tasten ze wetenschappelijk gezien nogal eens in het duister.

Een half miljoen patiënten met lagerugklachten zagen de huisartsen vorig jaar, maar of pijnstilling effect heeft op de klachten en wat de meerwaarde is van bepaalde oefentherapieën - er is weinig onderzoek naar gedaan. Driehonderdduizend patiënten met hoofdpijn in de spreekkamer en geen idee of paracetamol beter werkt dan een ontstekingsremmer. En 170 duizend patiënten met een verstuikte enkel maar zijn die nou gebaat bij een brace, bij intapen of bij oefentherapie?

'Er gaat veel geld naar immuuntherapie tegen longkanker', zegt huisarts Joost Zaat uit Purmerend, 'maar vertel mij nu eens wat de effectiefste manier is om patiënten te laten stoppen met roken? Medisch onderzoek gaat over genen, over kanker, over reuma en beroertes, maar over het voorspellen van het beloop van lagerugklachten lees ik niks.' Patiënten willen vaak van hem weten: dokter wanneer is het over? Hij moet het antwoord vaak schuldig blijven.

Ruim vijftien jaar geleden zette het Nederlands Huisartsen Genootschap met eigen geld het Fonds Alledaagse Ziekten op, dat na een paar jaar werd overgenomen door onderzoeksfinancier ZonMw. Het extra onderzoeksgeld leverde resultaat op en publicaties in vakbladen: over oogontstekingen bijvoorbeeld (de meest gebruikte zalf bleek de genezing niet te versnellen), middenoorontsteking (afwachten is meestal beter dan antibiotica) en winterhanden (vitamine D3 helpt niet). Vijf jaar geleden werd het onderzoeksprogramma opgeheven, de universitaire medische centra moesten de financiering overnemen. Maar dat is nooit gebeurd, zegt huisarts Janny Dekker, verbonden aan de vakgroep huisartsgeneeskunde van het Groningse UMCG.

'Gewone' ongemakken

Naar de meest voorkomende gezondheidsproblemen wordt het minste onderzoek gedaan.

Schouderklachten: is patiënt gebaat bij koeling, warmte of oefeningen?

Steenpuisten: zijn warmtecompressen effectief voor patiënten?

Lagerugklachten: 500 duizend patiënten per jaar: heeft pijnstilling meer effect dan oefentherapie?

Hoofdpijn: 300 duizend patiënten per jaar: werkt een paracetamol beter dan ontstekingsremmer?

Acute buikpijn: helpen laxeermiddelen bij kinderen?

Verstuikte enkel: 170 duizend patiënten per jaar: moeten ze een brace, tape of oefentherapie?

'We hebben enorm gelobbyd, we hebben zelfs de umc's een verklaring laten ondertekenen dat ze dit onderzoek in hun programma zouden verankeren. Maar in de praktijk krijgen de afdelingen huisartsgeneeskunde nu een sigaar uit eigen doos. Ze mogen best onderzoek doen naar alledaagse aandoeningen, maar dan moeten ze het wel zelf financieren.'

De Hartstichting, het Longfonds, de Kankerbestrijding, ze halen miljoenen op voor onderzoek, zegt Dekker, maar voor alledaagse klachten is geen collecte. En als er bij de universitaire centra geld wordt verdeeld, vissen de huisartsen meestal achter het net, weet ze. 'Medische facuilteiten hebben hun wortels in fundamenteel onderzoek en hebben minder idee wat er in een huisartsenpraktijk speelt.'

Op de website van het Nederlands Huisartsen Genootschap staat nog altijd een lacunebak, een overzicht van een paar honderd onderwerpen waarover de wetenschappelijke kennis ontoereikend is: Zijn warmtecompressen effectief tegen steenpuisten? Helpen laxeermiddelen bij kinderen met acute buikpijn? Zijn patiënten met schouderklachten gebaat bij koeling, warmte of oefeningen?

De impact van al die klachten is voor een individuele patiënt niet zo groot, aldus Dekker, maar kijk eens naar de totale ziektelast en de kosten daarvan, zegt ze. 'Er is nauwelijks onderzoek gedaan naar ingegroeide teennagels, terwijl ze heel veel ongemak geven en zelfs tot ziekteverzuim leiden.'

Natuurlijk, zeggen Zaat en Dekker, er gebeurt heus wel iets. Er zijn zogeheten werkplaatsen waar huisartsen samenwerken met wetenschappers. En er is een onderzoeksprogramma voor huisartsen en ouderenzorg dat wordt betaald door de beroepsopleiding van huisartsen. 'Maar in de hiërarchie staan huisartsen onderaan', zegt Zaat. 'Bij umc's gaat het om topklinische zorg, om basaal onderzoek. Dat is belangrijk, maar de verhoudingen zouden iets anders kunnen.'

Een wetenschapper scoort meestal niet hoog met een onderzoek naar een alledaagse kwaal, beseft huisarts Dekker: 'Je komt niet in Nature met een onderzoek naar krentenbaard bij kinderen.'


Specialisten ouderengeneeskunde

'Groot deel van het geld gaat naar de patiënt van morgen.'

Heeft het zin als er in verpleeghuizen minder koffie wordt geschonken zodat bewoners met dementie beter gaan slapen en minder over de gang spoken? Een praktische vraag, van belang voor alle verpleeghuizen, maar het antwoord ontbreekt. Wie zoekt in de medische databank, komt vooral studies tegen over celbiologische mechanismen.

Er bestaat wereldwijd slechts één onderzoek, uitgevoerd onder 29 bewoners van een verpleeghuis in Nieuwegein, die vier nachten werden gevolgd. Cafeïne maakt inderdaad uit, zo blijkt uit de studie van specialist ouderengeneeskunde Michelle Kromhout, maar de opzet is niet stevig genoeg om nu meteen het koffiebeleid in verpleeghuizen aan te passen, erkent ze. Daarvoor is grootschaliger onderzoek nodig maar wie financiert dat? Haar salaris werd betaald door haar opleiding, het werk van de verzorgenden, die bijhielden hoe vaak de bewoners uit bed kwamen, kwam voor rekening van het verpleeghuis.

'Er zijn fondsen waar je subsidie kunt krijgen, maar een groot deel van dat geld wordt besteed aan de patiënt van morgen. Het geld gaat naar preventie en naar toekomstige behandelingen. Dat is ook belangrijk, maar het is geen onderzoek waar bewoners van verpleeghuizen op dit moment wat aan hebben.'

Verpleeghuisbewoners zijn niet in het vizier van onderzoekers, zegt Raymond Koopmans, hoogleraar ouderengeneeskunde aan het Radboud-umc. 'Het is een vergeten groep. We doen heel veel op gevoel. Een wetenschappelijke onderbouwing ontbreekt vaak. Hoe kunnen we pijn bij bewoners herkennen en behandelen? Hoe achterhalen we of ze depressief zijn? Hoe zorgen we dat ze beter slapen? We weten onvoldoende welke behandeling of medicatie echts iets toevoegt en de kwaliteit van hun leven verbetert.'

Koopmans vertelt over de afdelingen voor mensen met dementie en ernstig agressief gedrag, waar ouderenzorg en psychiatrie samenkomen. 'Die groep vinden we nergens in de medische literatuur terug. We weten niet eens hoe vaak die combinatie voorkomt, laat staan dat we weten hoe we met die mensen moeten omgaan. We willen ze liever geen suf-makende medicijnen geven, maar dat gebeurt helaas vaak wel. Uit machteloosheid. Omdat we niet weten wat wél effectief is.'


Publicaties

Natuurlijk, de vakgroep ouderengeneeskunde is onderdeel van academische ziekenhuizen en er is heus wel wat onderzoeksgeld, zegt Koopmans, maar hij staat met zijn collega's niet vooraan. Dat geld, ziet hij, wordt vaak verdeeld op basis van publicaties in hoog aangeschreven, invloedrijke tijdschriften. Een impactfactor van 8, daar haal je geld mee binnen, maar de vakbladen in zijn sector scoren hooguit 4 of 5.

Een groot deel van de langdurige zorg is gestoeld op praktijkervaringen, concludeerde het Zorginstituut Nederland onlangs in een rapport. Een van de geïnterviewden: 'Voor een nieuwe pil tegen alzheimer krijg je de Nobelprijs, niet voor een begeleidingstraject voor mensen die thuis wonen met een demente partner.'

Hoe beter de geneeskunde wordt, hoe langer mensen blijven leven, zegt Koopmans, en hoe vaker ze langdurige zorg nodig hebben. 'We vergeten alleen uit te zoeken hoe we die zorg aan het einde van het leven kunnen verbeteren.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden