‘Er is nog niets duidelijk, en dat is juist zo slopend’

Fahim Ziai was er met opzet goed voor gaan zitten. Daarvoor was het debat over het generaal pardon te belangrijk....

Sacha Kester

Geen overbodige luxe. Nauwelijks is het debat begonnen, of de telefoon gaat voor de eerste keer. ‘Fahim? Sorry, maar ik kon niet verstaan wat die man van de PvdA nu precies zei.’

Fahim Ziai is secretaris en woordvoerder van de Unie van Afghaanse Verenigingen en er zijn om en nabij de 5.600 Afghanen in Nederland die in aanmerking komen voor het pardon, inclusief kinderen. ‘De grootste groep dus’, zegt Ziai. ‘Allemaal personen die voor april 2001 asiel hebben aangevraagd en sindsdien Nederland niet hebben verlaten.’

Zij willen allemaal graag weten waar ze aan toe zijn, dus zat de hele gemeenschap aan de tv gekluisterd. Ziai: ‘Maar ze spreken niet allemaal even goed Nederlands. Dus ik werd telkens weer gebeld. Wat zeiden ze nou? Wat bedoelde Balkenende? Wat wil Verdonk? Wat gaat er met me gebeuren?’

En die vraag kon hij ook aan het eind van het debat niet beantwoorden. Ziai heeft tot diep in de nacht aan de telefoon gehangen om te proberen uit te leggen wat er nu precies aan de hand is. ‘Het is ingewikkeld’, zegt hij. ‘Zelfs voor een autochtone Nederlander die de taal goed beheerst is dit bijna niet te snappen, laat staan voor iemand die hier pas een paar jaar woont.’

Duidelijkheid is er nog steeds niet, en juist dat is volgens Ziai zo slopend. ‘Mensen zijn uitgeprocedeerd, maar ze krijgen in veel gevallen wel een uitkering en een huis van de gemeente. Tegelijkertijd mogen ze niet werken of studeren, omdat ze eigenlijk niet mogen blijven. En elk moment kan de politie aan de deur staan om hen mee te nemen naar een uitzetcentrum. Die onzekerheid is natuurlijk slopend. Je wilt niet terug omdat het nog steeds te gevaarlijk is in Afghanistan. Maar je weet ook niet of en hoe lang je nog hier kunt blijven.’

Voor deze groep maakt het dus veel verschil of het generaal pardon, dat er volgens Ziai voor of na de formatie waarschijnlijk toch wel van gaat komen, vroeger of later wordt uitgesproken. Want gemiddeld worden er elke week vijf mensen uitgezet die voor het pardon in aanmerking komen.

‘Maar ik wil ze geen hoop geven’, zegt Ziai. ‘En ik kan ze niet geruststellen. Ik kan alleen maar proberen om de situatie uit te leggen, hen vragen om rustig te blijven en af te wachten. Maar het is heel hard.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden