Er is niets dat sterker is dan woorden

Berken

De kale takken van de acacia's kronkelen wispelturig aan de voorkant van ons huis. Spreeuwen landen op de takken, even maar, dan gaan ze weer verder. Ze kwamen aangevlogen uit de achtertuinen van ons blok. In een ervan staat een berk, die zo hoog is dat hij boven de daken uitrijst. De spreeuwen grijpen zich met hun pootjes vast aan zijn dunste takken en laten zich wiegen. Ze hebben er plezier in, kinderen op een kermis.

Over de maanden vlak na de oorlog schreef ik: 'Alles zoop en naaide/ heel Europa was één groot matras en de hemel het plafond/ van een derderangs hotel./ En ik bedeesde jongeling/ moest nodig/ de reine berk bezingen/ en zijn bescheiden bladerpracht.'

Daar is dan, opgeroepen door een berk, de oorlog weer, die nu ik oud ben steeds vaker in mijn herinnering opdoemt. Mijn vader werd erin omgebracht. Hij is nu een straatnaam in Middelburg. Soms noem ik hem even om hem weer levend te maken al is het maar in woorden. 'Maar' is niet het goede woord. Er is niets dat sterker is dan woorden. Woorden zijn berken.

Toen we in de oorlog vanuit Den Haag geëvacueerd waren naar het bosrijke Epe zaagden wij jongens berken om. De houtblokken spleten we met een bijl. Het aldus ontstane product verkochten we aan de buren. Het hout brandde goed. De zilveren schors krulde in de vlammen.

In de achtertuin bloeien de leerachtige blaren van de camelia rood. De berk zwiept in de koude wind. Het is winter en ik lees Imaginations van de Amerikaanse schrijver William Carlos Williams (New Directions, 1971). In dit boek vloeit proza over in poëzie en andersom. Het imaginisme was een literaire stroming waarin de taal beschouwd werd als middel om beelden op te roepen. Neem dit gedicht van Williams: 'Zoveel hangt er af/ van een rode kruiwagen/ glanzend van het regenwater/ naast de witte kippen.'

Behalve dichter was Williams ook arts. In de lange tekst Paterson (New Directions, 1963) noteert hij: 'Hij stelde meer belang in het losweken van het etiket van een mayonaisepot, de glazen pot waarin een patiënt iets had meegebracht voor onderzoek, dan de twintig of meer kindjes, die in de wachtkamer zaten met hun kakelende moeders, te behandelen. Hij stond in de spreekkamer, deed alsof hij zijn handen waste, de pot uit het gezicht, terwijl hij met zijn nagel het vastgelijmde etiket probeerde los te maken. Een hoekje was al los, de rest zou spoedig volgen, intussen praatte hij gezellig en met grote bedrevenheid tegen de bezorgde moeder.'

De arts Williams werd door zijn patiënten op handen gedragen. 'Terwijl hij in zijn ene beroep, te helpen meer kinderen op de wereld te zetten, werkte, ging hij voort met zijn andere arbeid, die van de wereld levenskrachtige gedichten te schenken. William Carlos Williams is tijdloos', schreef Carl Sandburg.

Dat is waar. Zijn poëzie inspireert in zijn aandacht voor het detail. Het glanzende rood van de kruiwagen, het etiket van de pot. Niet de berk, maar het blaadje van de berk en de wind eromheen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.