Er is hoop voor Ruanda als bewind koerst op verzoening

Na de gruwelijke slachtpartijen in de burgeroorlog in Ruanda is het moeilijk voor te stellen dat de Hutu's en de Tutsi's ooit weer vreedzaam kunnen samenleven....

NELSON KASFIR

DE overwinning van het Ruandese Patriottisch Front in de burgeroorlog zou toegejuicht moeten worden door eenieder die vrede in Ruanda wil. De benoeming van Pasteur Bizimungu en Faustin Twagiramungu, twee gematigde Hutu's, als president en premier is een goede stap op weg naar stabiliteit in een land dat te gronde is gericht door vier jaar oorlog en drie maanden genocide.

Hoe zal het nieuwe bewind regeren? Ondanks de bloedbaden en de sterke emoties die deze nog lange tijd teweeg zullen brengen, is er verrassend genoeg een goede kans dat de nieuwe regering een eind zal kunnen maken aan de slachtingen en een begin zal kunnen maken met het herstellen van de orde.

De omvang van de tragedie maakt het moeilijk om van buitenaf te begrijpen wat het Patriottisch Front nu gaat doen, omdat hij het zicht belemmert op de verschillen tussen het Front en de regering die het heeft verslagen.

Het ontstellende aantal slachtoffers mag ons niet blind maken voor het feit dat de afgezette regering direct verantwoordelijk was voor het grootste aantal doden onder de burgers. Haar radio-uitzendingen vergrootten de angst voor vergelding en droegen ertoe bij dat in minder dan een week meer dan een miljoen mensen op de vlucht sloegen.

Deze burgeroorlog was niet simpelweg een etnisch conflict tussen Hutu's en Tutsi's. Een kwart eeuw lang leefden zij vredig samen en werden er gemengde huwelijken gesloten. Tot 1990, toen het Patriottisch Front de invasie vanuit Uganda begon. In april van dit jaar, toen extremistische Hutu's de macht grepen, werden gematigde Hutu's die bereid waren de macht te delen met de Tutsi's te zamen met de Tutsi's afgeslacht.

De officieren en soldaten die oorspronkelijk de kern van het Front vormden, hebben een voorbeeld van hoe een regering te vormen na een overwinning in een burgeroorlog. Zij leerden dit toen zij in het guerrillaleger van president Museveni van Uganda vochten, die zij trouw bleven na de machtsovername in 1986.

Deze soldaten zagen dat generaal Museveni een regering vormde met een brede basis door de tegenpartij posities aan te bieden in het kabinet en in het ambtenarenapparaat, dat hij de participatie bevorderde door in het hele land te zorgen voor democratisch gekozen dorpsraden, en dat hij soldaten van het verslagen Ugandese regeringsleger opnam in zijn eigen krijgsmacht.

Deze maatregelen waren succesvol, ook al heeft Uganda na de overwinning van Museveni nog te kampen gehad met burgeroorlogen in twee regio's.

Omdat Museveni de hoge officieren van het Patriottisch Front adviseert en omdat het kader van het Front deze succesvolle overgang heeft meegemaakt, is het waarschijnlijk dat de nieuwe Ruandese regering zal proberen een politiek bestel te creëren waarin Hutu's en Tutsi's vreedzaam samen kunnen leven.

De afschuwelijke oorlogservaringen - vooral voor de soldaten van het Patriottisch Front is de belasting groot, omdat velen van hen hun hele familie verloren - maken het voor hen nog moeilijker dan het voor de Ugandezen was. Maar de eerste stappen van het Patriottisch Front duiden erop dat de benadering van Museveni is aangepast aan de Ruandese omstandigheden. De nieuwe regering heeft de overeenkomst over machtsdeling van het Patriottisch Front en de voormalige Ruandese regering van augustus 1993 expliciet onderschreven.

Niet de belangrijkste figuren van het Front zijn ad interim president en premier geworden, maar Bizimungu en Twagiramungu. Dat zou heel goed het begin kunnen zijn van een regering op brede basis, vergelijkbaar met die van Uganda.

President Bizimungu scheen het belang hiervan te onderkennen toen hij vorige week verklaarde: 'Meer dan 50 procent van de posten zijn in handen van andere partijen dan het RPF. Ik denk dat er geen duidelijker bewijs van grootmoedigheid kan zijn.'

Met de benoeming van generaal Paul Kagame, de militaire leider van het Front, als vice-president en minister van Defensie, wordt een ander voorbeeld van generaal Museveni gevolgd: de ijzeren vuist in de fluwelen handschoen. Hij stond een ruime deelname in de regering toe en gaf ruimte voor persoonlijke vrijheid in Uganda, maar hij behield zorgvuldig de macht over het leger.

Het Patriottisch Front zal geneigd zijn hetzelfde te doen. De kans van slagen van de nieuwe regering om de veiligheid te herstellen, de economie opnieuw op te bouwen en de nieuwe en de oude vluchtelingen te herintegreren, zal afhangen van de wijsheid van een paar hoge officieren.

Toen hij de macht overnam, beloofde Museveni de 'criminelen' te straffen die verantwoordelijk waren voor de wandaden van het vorige regime. Vrij snel ging hij ertoe over zijn tegenstanders te vergeven en ze uit te nodigen terug te komen in Uganda.

Ook de leiders van het Patriottisch Front krijgen hiermee te maken. Zij hebben bezworen degenen van de vorige regering te straffen die de milities organiseerden die de meeste burgers hebben gedood. Voor een echte vrede in Ruanda is het nodig dat deze leiders zich herinneren hoe men in Uganda van gedachten veranderde. Ze moeten een politiek van verzoening nastreven, eerst ten opzichte van de vluchtelingen en later zelfs ten opzichte van de voormalige regeringsfunctionarissen.

HET verschil tussen de twee kampen in de wijze waarop de burgeroorlog werd gevoerd, is een goede indicatie dat de nieuwe regering zich niet zal gedragen als de oude. De voormalige regering beschouwde het afslachten van haar burgers als haar centrale taak, terwijl het Patriottisch Front heeft geprobeerd - niet altijd met succes - ervoor te zorgen dat zijn soldaten de burgers beschermen.

Er zijn bewijzen van schendingen van de mensenrechten door het Front, ook van de executie van burgers. Maar dit gebeurde ondanks de gedragscode voor de soldaten; de daders waren vooral onvoldoende getrainde soldaten die werden gerecruteerd in de laatste drie maanden toen het Front snel gebied won.

Hoewel de angsten van de naar Zaëe gevluchte Hutu's goed te begrijpen zijn, zijn er geen meldingen van slachtpartijen door het Patriottisch Front die ook maar in de buurt komen van hetgeen de voormalige regeringsmilities hebben aangericht.

In het programma van acht punten dat in 1990 in Uganda werd opgesteld, stond het Front voor 'democratie en nationale eenheid'. De nieuwe regering moet in elk dorp verkiezingen organiseren en verklaren dat zij zal samenwerken met alle democratisch gekozen bestuurders, ongeacht de etnische identiteit.

Nelson Kasfir is voorzitter van de faculteit bestuurskunde van Dartmouth College.

De Volkskrant/The New York Times

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden