Er is een gat in de heg van de Euthanasiewet geknipt

Na de uitspraak in de zaak-Heringa resteren vrees en hoop over het oprekken van de Euthanasiewet.

Zelfs als de Zutphense rechter het had gewild, had hij geen andere keuze dan Albert Heringa (71) voorwaardelijk te straffen voor de geboden hulp bij de zelfdoding van zijn hoogbejaarde stiefmoeder - in 2008. Willens en wetens heeft Heringa op een aantal punten gezondigd tegen de Euthanasiewet van 2002.


De voornaamste zorgvuldigheids-eis die hij heeft genegeerd, is dat hulp bij zelfdoding alleen door een arts kan worden geboden - na raadpleging van een vakgenoot. Verder is het de vraag of de ouderdomskwalen van Heringa's stiefmoeder een 'uitzichtloos en ondraaglijk lijden' hebben teweeggebracht. Volgens Heringa en de NVVE (Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde) was dat zonneklaar. Zoals voor hen ook vaststond dat uitvoering is gegeven aan de diepste wens van de 99-jarige vrouw. Voor veel artsen is echter pas sprake van 'uitzichtloos en ondraaglijk lijden' als een ziekte onbehandelbaar is en met niet te stillen pijnen gepaard gaat. Vanuit het perspectief van (orthodoxe) gelovigen is euthanasie een miskenning van het feit dat lijden bij het leven hoort.


De Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding, zoals de Euthanasiewet officieel heet, heeft maar tot op zekere hoogte duidelijkheid geschapen over de vraag in hoeverre de mens rechter mag zijn over eigen leven. Om over maatschappelijke consensus nog maar te zwijgen. De vraag is of chronische levensmoeheid ook niet als vorm van 'uitzichtloos en ondraaglijk lijden' moet worden aangemerkt. En of de doodswens die wilsonbekwame dementiepatiënten ooit hebben vastgelegd, moet worden gehonoreerd als ze niet in staat zijn die wens te bekrachtigen.


Dit soort kwesties geeft, ruim elf jaar na de inwerkingtreding van de Euthanasiewet, voortdurend aanleiding tot vinnige debatjes. Artsenorganisatie KNMG neigt daarbij naar het standpunt: in geval van twijfel, niet doen. Zo is ze uiterst terughoudend bij de eerbiediging van euthanasieverklaringen van dementiepatiënten omdat de uitvoerende arts in dat geval onvermijdelijk in aanvaring komt met het zorgvuldigheidscriterium dat de patiënt een eerder geuite doodswens moet kunnen bevestigen.


Dit standpunt getuigt volgens critici van koudwatervrees. Als verder aan alle zorgvuldigheidscriteria is voldaan, en als een patiënt niet meer tot communiceren in staat is, zal de rechtsgeldigheid van een euthanasieverklaring niet snel worden betwist. Artsen op hun beurt zijn echter niet snel geneigd om op basis van deze premisse medewerking te verlenen aan levensbeëindiging. De zorgvuldigheidscriteria geven immers aan wat de arts moet doen en laten om te ontkomen aan rechtsvervolging als hij te maken krijgt met een patiënt die om hulp bij zelfdoding verzoekt. De Euthanasiewet geeft, met andere woorden, de artsen rechtszekerheid.


In die zin heeft ze heel behoorlijk gefunctioneerd. Uit het feit dat elk jaar meer gevallen van euthanasie worden gemeld - vorig jaar waren het er 4.188 - kan worden opgemaakt dat hulp bij zelfdoding minder vaak 'onder de pet' wordt gehouden en dat artsen hun schroom verliezen om de doodswens van een patiënt te honoreren. Tot dusverre is nog nooit een arts vervolgd voor hulp bij zelfdoding.


Daardoor zullen artsen wellicht ook wat meer rekkelijkheid aan de dag leggen tegenover patiënten die uit hun lijden willen worden verlost. Of, in de woorden van Petra de Jong, directeur van de NVVE (in Trouw): 'Ze weten de ruimte binnen de wet beter te benutten'. Margo Trappenburg, bijzonder hoogleraar sociaal-politieke aspecten van de verzorgingsstaat, nam hetzelfde waar: er is een gat in de heg van de Euthanasiewet geknipt. Zo is vorig jaar tweemaal euthanasie uitgevoerd bij wilsonbekwame dementiepatiënten, en werd de stervenswens gehonoreerd van een 70-jarige vrouw die blind geworden was.


Critici van de Euthanasiewet vrezen dat de zorgvuldigheidscriteria verder worden opgerekt. Zo schreef een van hen, gestalttherapeut Marie-José Calkhoven, naar aanleiding van de casus van de blinde vrouw in Trouw: ze 'leed niet aan blindheid. Ze leed aan haar onvermogen deze kwaal zinvol te integreren in haar bestaan. Het is ernstig dat de toetsingscommissies dit onderscheid niet onderkennen.' De sympathisanten van Heringa zullen aan deze ontwikkeling de hoop ontlenen dat de Euthanasiewet verder wordt geliberaliseerd - als het niet in de letter is, dan wel in de geest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden