'Er is bij veel zorgverleners verlamming'

Hoorndol worden ze in de zorg van de mededingingsautoriteit. 'Koudwatervrees', zegt Don. 'Doe je huiswerk; er is heel veel mogelijk.'

Terwijl huisartsen, tandartsen en ziekenhuisdirecties worstelen met de grenzen van de zorgmarkt, toont Henk Don, bestuurder van de Nederlandse Mededigingsautoriteit (NMa), zich overtuigd voorstander van het systeem. 'Het idee is mooi, maar het succes ervan staat of valt met de zorgverzekeraars. Als zij hun cruciale rol als regisseur niet oppakken, is het denkbaar, maar niet wenselijk, dat de marktwerking wordt teruggedraaid.'


Waarom zijn die zorgverzekeraars zo belangrijk?

'Als de verzekeraars de regie in de zorg niet op zich nemen, is er geen sprake van tegenmacht, countervailing power, ten opzichte van de machtige zorgaanbieders. Vanaf het begin, in 2006, maakte ik me zorgen dat de verzekeraars hun geld vooral zouden gaan verdienen met risicoselectie en niet met het inkopen van zorg tegen scherpe prijzen. De prikkel daarvoor ontbrak. Pas sinds dit jaar lopen zij echt zelf het financiële risico als de kosten achteraf hoger zijn uitgevallen. De overheid heeft onnodig lang gewacht om die prikkel in te voeren, maar dan spreek ik als voormalig directeur van het CPB, het Centraal Planbureau. Nu pas gaan de verzekeraars kiezen met welke zorgaanbieders zij wel of geen contract sluiten.'


Hebben verzekeraars nu niet erg veel macht?

'Die macht moet niet worden overschat. Ze hebben een zorgplicht ten opzichte van hun verzekerden. Kopen ze te weinig zorg in, dan lopen die weg. Verzekeraars doen nu precies wat er van ze verwacht wordt: namens de verzekerde de beste kwaliteit zorg kopen voor de beste prijs. Als het hun lukt om de premie omlaag te krijgen door scherp te onderhandelen, is dat in het belang van hun klanten.'


Maar de zorgverleners klagen dat de verzekeraars alleen naar de prijs kijken. Ziekenhuizen beweren zelfs dat hen in de onderhandelingen het mes op de keel wordt gezet.

'Het nieuwe zorgstelsel had vanaf het begin effect. Zorgverleners gingen efficiënter en klantvriendelijker werken en er zijn geen wachtlijsten meer.


'Ik kan tegenwoordig 's avonds terecht bij de tandarts en hoef geen uren meer te wachten in het ziekenhuis. Dat jouw tijd óók geld was, kwam vroeger niet op bij de heren specialisten. Dat is ook heel wat waard.'


Maar betere dienstverlening is nog geen betere kwaliteit.

'De zorgmarkt werkt ook nog niet optimaal. De grootste belemmering is dat kwaliteit van zorg nog niet goed is te meten. Welke dokter in welk ziekenhuis het best is in een bepaalde behandeling en welke niet, dat weten we vaak niet. Voorzover er informatie is, is die niet duidelijk voor de patiënten. En informatie betekent macht. Koopt een zorgverzekeraar slechte zorg in, dan kan een goed geïnformeerde verzekerde tenminste welbewust beslissen om over te stappen naar de concurrent. Of omgekeerd: ervoor kiezen bij te betalen voor de hulp door de dokter van zijn keuze als die niet is gecontracteerd door zijn verzekeraar. Die keuzevrijheid van de verzekerde houdt verzekeraars scherp om kwalitatief goede zorg in te kopen.'


Toch is de macht tussen aanbieders en verzekeraars ongelijk verdeeld. Zorgverleners zitten vast aan regels en budgetten die de overheid heeft vastgesteld.

'Het budgetsysteem staat inderdaad op gespannen voet met marktwerking. Budgetkortingen zoals we de afgelopen jaren hebben gezien bij medisch specialisten en huisartsen werken averechts op het ondernemerschap. De hoop is dat we het budget kunnen loslaten als verzekeraars zich bewijzen met doelmatige zorginkoop.'


Leent de zorg zich eigenlijk wel voor marktwerking? Gezondheidszorg is een publieke taak. Dan ontkomen zorgverleners toch niet aan het maken van gezamenlijke afspraken?

'Onzin. Een ziekenhuis kan zelf besluiten bepaalde specialismen af te stoten en zich toe te leggen op iets anders. Het hoeft zich niet te bekommeren over de vraag of de patiënt dan wel elders terecht kan. Dat is de verantwoordelijkheid van de verzekeraar. Het wordt pas problematisch als ziekenhuizen zelf de markt gaan verdelen, want dan heeft de verzekeraar niets meer te kiezen. Het mag geen kwartetspel worden. Ziekenhuizen moeten gewoon meerjarenafspraken maken met verzekeraars zodat ze kunnen investeren. Die verzekeraars kunnen dan op hun beurt eisen stellen aan de kwaliteit. Zo voorkom je dat partijen achterover gaan leunen als het contract eenmaal binnen is.'


Onderlinge afspraken zijn dus verboden?

'Als het belang van de patiënt voorop staat, is er veel mogelijk bij de NMa. Dat verandert pas als de belangen van instellingen erdoorheen gaan sijpelen. Maakt een ziekenhuis aannemelijk dat samenwerken of specialiseren nodig is, dan kan dat. De reisbereidheid van patiënten blijkt heel groot als hoogcomplexe zorg voor een beperkte categorie aandoeningen wordt geconcenteerd in één of twee ziekenhuizen. Vormt een huisarts een keten met een ziekenhuis, fysiotherapeut, en de thuiszorg om de patiënt beter te kunnen helpen, dan kan dat. Zij concurreren niet met elkaar. Als er geen concurrentie is, kunnen we die ook niet beperken. We zien dat veel zorgaanbieders in verlamming zijn. Jammer, die koudwatervrees. Doe gewoon je huiswerk, maak je analyse, dan kun je ons met open vizier tegemoet treden.'


Er zijn ziekenhuizen die een polikliniek openen vlak bij een ander ziekenhuis, waar ook zo'n poli is. Zo willen ze patiënten aftroggelen van de concurrent. Marktwerking, maar twee poli's op een steenworp van elkaar kosten ook meer geld. Dát was toch niet de bedoeling?

'Vaak betekent concurrentie dat ze allebei meer hun best gaan doen. Dat is inderdaad duurder in het begin, maar dat zijn tijdelijke transitiekosten. Het lijkt inefficiënt, maar dat is het niet. Want op termijn profiteert de patiënt. Het gaat ons niet om concurreren om het concurreren, maar om het belang van de patiënt. Concurrentie is daarbij een middel. Persoonlijk hoop ik dat het zorgstelsel een succes wordt. Ik heb er vertrou...' - corrigeert zich - 'ik zie positieve ontwikkelingen.'


U gebruikt bewust niet het woord vertrouwen.

'Nee, nog niet.'


'HUISARTSEN HADDEN BELANG PATIëNT NIET VOOROP'

Onlangs kreeg de Landelijke Huisartsenvereniging LHV een boete van bijna 8 miljoen euro opgelegd. De huisartsen zouden door de LHV geadviseerd zijn nieuwkomers van de markt te weren door te weigeren met hen samen te werken.

Kartelvorming dus, oordeelde de NMa. 'Niet de zittende huisartsen bepalen of een nieuwe dokter aan het werk kan, maar de patiënt', legt Henk Don, bestuurder bij de NMa, uit in een reactie op alle opwinding. 'In het advies van de LHV aan zijn leden stond het belang van de patiënt niet voorop maar het eigenbelang; daarom hebben wij die boete opgelegd.'

Tussen 2008 en begin dit jaar stond op het besloten ledengedeelte van de LHV-website een 'vestigingsadvies', waardoor huisartsen in een regio nieuwe collega's konden weren. De Mededingingswet verbiedt zulke organisaties om hun leden adviezen te geven die de concurrentie aantasten. Dat is kartelvorming, voor vrije ondernemers een doodzonde.

Verreweg de meeste van de actduizend huisartsen zijn lid van de LHV. De LHV en twee individueel beboete bestuurders zijn in beroep gegaan tegen de boete.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden