Episode 92: The Wild Bunch (1969) PAUL VERHOEVEN EN ROB VAN SCHEERS Volgens Verhoeven

Scenarioschrijver Walon Green streefde in The Wild Bunch naar fel-realisme, omdat hij ziek werd van melodramatische westerns met een happy ending als onvermijdelijke uitkomst.

'Sinds de uitvinding van cinema bestaan er al westerns, maar The Wild Bunch is een van de allerlaatste, episch opgezette producties binnen dit genre. Zo heel af en toe werd met wisselend succes geprobeerd de western nieuw leven in te blazen, denk aan: Heaven's Gate (1980), Young Guns (1988), of Unforgiven (1992). En Quentin Tarantino kwam recentelijk met Django Unchained, maar dat was eerder zo'n typische hommage van hem aan een bijna vergeten filmstijl. Blijkbaar bestaat er haast geen markt meer voor dit oer-Amerikaanse genre, en zijn de cowboys ingehaald door superhelden en sciencefiction.


Je kunt stellen dat The Wild Bunch preludeert op dit afscheid van het westerntijdperk. Outlaw op leeftijd Pike Bishop (William Holden) mijmert hier: 'We zullen moeten leren om verder te denken dan de lengte van onze revolverloop. Die dagen zijn spoedig voorbij.' Het is dan 1913, Pike is met zijn bende terechtgekomen in de Mexicaanse Revolutie en ze worden omringd door modernistische zaken als auto's en mitrailleurs. Mooi subthema, maar niet helemaal nieuw. In Lonely Are the Brave (1962) speelt Kirk Douglas al zo'n cowboy die moeite heeft met de moderne tijd. Het lukt hem maar niet met zijn paard een nieuw aangelegde snelweg in het landschap over te steken. Kirk claimt dat dit zijn favoriete film is waarin hijzelf optreedt.


Om het aanstormende verval verder te illustreren heeft Sam Peckinpah in The Wild Bunch iedere vorm van cowboyromantiek eruit gelaten. Géén Shane of High Noon met revolverhelden die het goede willen. Nee, dit zijn rauwe kerels die leven aan de verkeerde kant van de wet. Het is dat ze na een halfmislukte bankoverval gezamenlijk op de vlucht moeten richting Mexico, want anders was deze cynische groep door onderlinge onmin en verregaand wantrouwen allang uit elkaar gevallen. Daarin herkennen we ook de hand van scenarioschrijver Walon Green. In zijn jonge jaren had hij van die anachronistische laatste cowboys ontmoet, bepaald geen lieverdjes. Dus streefde hij naar fel-realisme, omdat hij ziek werd van melodramatische westerns waarin ook de grootste schurk een hart van goud blijkt te hebben en een happy ending de onvermijdelijke uitkomst is. Nou, daar is in The Wild Bunch geen sprake van, want uiteindelijk gaan ze er allemaal aan.


Hoofdthema is de jacht die Deke Thornton (Robert Ryan) met een groep premiejagers inzet op Pike Bishop, voorheen waren ze nog partners in crime geweest. Maar tijdens een inval van Pinkerton-agenten in een bordeel wordt Deke gepakt en weet Pike te ontkomen. Bij de klop op de deur wil Deke in een reflex naar zijn revolver grijpen, terwijl Pike sust: 'Nee joh, dat is de champagne die ik besteld heb.' Dat loopt even anders en na een hels verblijf in de gevangenis krijgt Deke de keuze: óf hij vangt binnen dertig dagen zijn oude boevenmaatje Pike, óf hij verdwijnt voorgoed achter de tralies.


Voormalige vrienden die door de gewijzigde omstandigheden nu vijanden zijn. Daar heb je wat, dramaturgisch gesproken. Maar zoals ik al aanstipte toen we Peckinpahs Ride the High Country (1962) behandelden; jammer is het wel dat Pike en Deke niet oog in oog komen te staan. Ze blijven gedurende het verhaal ver, te ver op afstand van elkaar. De eerste keer ziet Pike tijdens de bankoverval waarmee hij zijn allerlaatste slag wil slaan in een flits Thornton met zijn mannen verscholen zitten op een dak. Daarna begint het vuurgevecht, en is het: wégwezen! De tweede keer neemt Pike aan de overkant van een rivier even zijn hoed af voor Thornton, net voordat de brug waarover die rijdt door de bende wordt opgeblazen. En als Thornton dan eindelijk Pike heeft ingehaald, is de laatste al omgekomen bij een gigantische shoot-out met het Mexicaanse leger. Uit respect voor zijn wapenbroeder neemt hij diens revolver mee, en sluit zich vervolgens als vrij man aan bij de Mexicaanse rebellen.


Ik heb altijd gedacht: het zou aardiger zijn als die twee een rechtstreekse confrontatie beleven, zo ergens halverwege de film. In Flesh+Blood (1985) hebben Gerard Soeteman en ik geprobeerd dat idee te verwezenlijken, het zou een sleutelscène worden uit deze 'Floris voor volwassenen.' Rutger Hauer werkt samen met legeraanvoerder Hawkwood (Jack Thompson), maar al snel wordt hij door hem verraden. Later spreken ze af in een badhuis, Rutger en Hawkwood belanden in dezelfde tobbe. Ze praten wat, heel vriendelijk, als oude vrienden die een ruzie bijleggen. Althans zo lijkt het, maar wat ze van elkaar niet weten is dat ze vooraf beiden een mes in die tobbe hebben verstopt. Na verloop van tijd trekken ze die messen natuurlijk boven water en een bloederige confrontatie volgt. Topscène, maar helaas viel dit idee uit de film omdat de Amerikaanse financiers de liefdeslijn tussen Tom Burlinson en Jennifer Jason Leigh belangrijker achtten dan die ontspoorde vriendschap. Zo ging ons plannetje om The Wild Bunch te 'verbeteren' helaas in rook op.


Naast het rauwe realisme dankt The Wild Bunch zijn reputatie vooral aan Peckinpahs heftige verbeelding van geweld. Hij vertoont dat in verschillende stadia van slowmotion, vergroot het uit, héél expliciet. Wat die beelden nog eens extra aanzetten is het gebruik van een destijds nieuw ontwikkeld hulpmiddel: de zogeheten squirt. Dat is een metalen plaatje op de huid met een zakje bloed eraan dat van een afstandje tot ontploffing kan worden gebracht. Bij een zogenaamde inslag van een kogel spuit het bloed eruit, vliegt het alle kanten op en dat dan allemaal gefilmd in tergend trage slow-motion. Nu zie je het in elke actiefilm, maar voor die tijd was dit een ongekend schokeffect. Peckinpah werd erom aangevallen, en hij verdedigde zich met: dit is mijn commentaar op de 'schone' televisieoorlog in Vietnam. Door geweld in al zijn gruwelijkheid te tonen, zal het publiek gaan walgen van de cleane beelden die ons bereiken vanuit Zuid-Oost Azië. Geweld is nimmer fris, schoon of vrolijk.


Ik kan zijn verweer wel volgen, maar uiteraard werkte het precies andersom: het geweld in The Wild Bunch werd dé publieksattractie van de film. Zoiets spectaculairs hadden ze nog nooit gezien. En ik ook niet, trouwens. Ondanks zijn verweer proef je dat Peckinpah die scènes met verhuld plezier gedraaid moet hebben. Ik krijg stellig de indruk dat hij zijn tijdgenoot Arthur Penn wilde overtreffen, wiens Bonnie and Clyde (1967), met Warren Beatty en Faye Dunaway, gold als de gewelddadigste film totdantoe.


Zo bezien is de voorstudie Ride the High Country humanistischer van toon, en eerlijk gezegd vind ik dat Peckinpahs betere film, al hoor je meestal anders. Toch neemt hij bij The Wild Bunch ook wel zijn tijd om de personages verder uit te diepen, de film niet alleen maar plot driven te maken. In een van de treffendste scènes zien we de oude, vermoeide Pike op zijn paard klimmen. Dan breekt zijn stijgbeugel en dondert hij zó op de grond. Die anderen lachen, natuurlijk. Je ziet ze denken: nou ouwe, jij hebt je langste tijd gehad, wij zijn zo dadelijk aan de beurt om deze bende te leiden. Pike rijdt alsnog weg en cameraman Lucien Ballard volgt hem, hij filmt hem geruime tijd op de rug gezien. Pas dan wordt er uitgezoomd, en blijkt de rest van de bende braaf achter Pike aan te rijden. Gezag heeft hij dus nog, nog nét moet je zeggen, maar zo-even zagen we Pike rijden voor wat hij werkelijk waard is: een geïsoleerde, tragische figuur op weg naar het einde, en happy is het niet.'


The Wild Bunch (1969)

Genre: western


Regie: Sam Peckinpah


Met: William Holden, Robert Ryan, Ernest Borgnine, Jaime Sánchez, Emilio Fernández e.v.a.


145 min/kleur


Genomineerd voor 2 Oscars ('beste filmmuziek' en 'beste scenario')


Bloedspatten

In The Wild Bunch werd gebruik gemaakt van een destijds nieuw ontwikkeld hulpmiddel: de zogeheten squirt. Dat is een metalen plaatje op de huid met een zakje bloed eraan dat van een afstandje tot ontploffing kan worden gebracht. Bij een zogenaamde inslag van een kogel spuit het bloed eruit, vliegt het alle kanten op, en dat dan allemaal gefilmd in tergend trage slowmotion. Nu zie je het in iedere actiefilm, maar voor die tijd was dit een ongekend schokeffect.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden