Episode 33: Il vangelo secondo Matteo (1964)

Met eenvoudige middelen, zonder noemenswaardig budget en gespeeld door amateurs, verslaat Pasolini's Jezusfilm Il vangelo secondo Matteo al die mega-Hollywood Jezusfilms.

ROB VAN SCHEERS EN PAUL VERHOEVEN

'Van alle Jezusfilms is die van Pier Paolo Pasolini mijn favoriet: Il vangelo secondo Matteo, ofwel: Het evangelie volgens Matte-us. Hij toont Jezus niet als een softie, maar als een man die alles wat hij zegt als de keiharde waarheid ziet. Als een soort Lenin bezorgt Jezus zijn teksten met revolutionair aplomb, en het feit dat Pasolini zelf overtuigd marxist was zal daar niet vreemd aan zijn. In 1983 verscheen het boekje Hard Sayings of Jesus van F.F. Bruce, maar al die pittige uitspraken had Pasolini allang in zijn film verwerkt. Denk aan: 'Wie zijn vader en moeder niet haat, kan nooit mijn volgeling zijn.' Of: 'Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard.' En: 'Het is makkelijker voor een kameel om door het oog van de naald te gaan, dan voor een rijke om in het koninkrijk Gods te komen.'

Hoogst actueel die laatste: volgens Jezus zijn alle Wall Street-bankiers dus voor eeuwig tot het hellevuur gedoemd. Zo toont Pasolini ons een heel andere Jezus dan we gewend zijn, die van de bezwerende gebaren en met zijn hoofd zo lijdzaam ten hemel gericht. Nee, deze Jezus spreekt als mitrailleurvuur, en is totaal apodictisch.

Voor alles zag Pasolini het Matteüsevangelie als een verhaal. Een prachtig verhaal, dat wel, maar niet wezenlijk anders dan De Odyssee of Decamerone. Kortom: als fictie, niet als een feitelijk verslag van tweeduizend jaar geleden. Dat verhaal heeft hij knap, gevoelig en geïnspireerd verfilmd. Met eenvoudige middelen, zonder noemenswaardig budget en gespeeld door amateurs, wist Pasolini al die mega-Hollywood Jezusfilms te verslaan. Hij draaide vooral in Zuid-Italiaanse dorpjes, en dat kan heel goed doorgaan voor het bijbelse land. Je wilt gelijk aannemen dat de personages daar wonen, Jezus voorop. Met een gelukkige hand van kiezen laat Pasolini de 19-jarige Catalaanse economiestudent Enrique Irazoqui de hoofdpersoon spelen, om het aan te scherpen is diens stem ingesproken door een Italiaanse acteur die de teksten vol drama en vuur brengt. Het gebruik van de zwart-wit fotografie is evenzeer prachtig: zo met die longshots als Jezus door Palestina zwerft, de discipelen achter hem aan, en dan: pang! - keiharde close-ups als hij zijn revolutionaire uitspraken doet. De voortdurend bewegende camera geeft je het gevoel 'erbij te zijn', en door het gebruik van amateuracteurs - onder wie een nog heel jonge Giorgio Agamben, de later zo beroemd geworden Italiaanse filosoof, hij speelt de rol van discipel Filippus - oogt alles authentiek.

Met uitzondering dan van de manier waarop Jeruzalem is verbeeld. Daar stond een gigantische tempel, echt een enorm complex, met majestueuze trappen, het machtscentrum van de Joodse autocratie. Vlak daarnaast lag een grote Romeinse vesting waar Pontius Pilatus en zijn cohorten verbleven als ze naar Jeruzalem kwamen. Op feestdagen was er vaak oproer, dat konden ze dan direct met harde hand de kop indrukken. Van die imponerende bouwwerken zien we in Pasolini's film niets terug: er wordt een minuscuul Italiaans stadje met een paar hoge muren en een aquaduct voor gebruikt. Dat past weliswaar binnen de stijl, maar daarmee wordt Jeruzalem als bolwerk van het Romeins gezag en de collaborerende Joodse aristocratie geen recht gedaan. En juist tegen de Romeinen en de Joodse Hoge Raad (het Sanhedrin) nam Jezus het op. Want daar, in die tempel, riep Jezus dat het hele priestersysteem overbodig was geworden, en dat al die duizenden priesters onmiddellijk naar Johannes de Doper moesten gaan om de vreselijke wraak van God - die voor de deur stond - te ontlopen. En dat het hele bouwwerk sowieso in de nabije toekomst zou worden verwoest - wat inderdaad veertig jaar later door toedoen van de Romeinen ook gebeurde.

Overigens, wat weinigen is opgevallen: Pasolini smokkelt als het zo uitkomt. Hij beweert dat hij het Matteüs-evangelie letterlijk verfilmt, maar in werkelijkheid plukt hij even zo makkelijk uit het Johannes-evangelie. Hij laat Maria - Jezus' moeder dus, gespeeld door Susanna Pasolini, de moeder van Pasolini - bij de kruisiging aanwezig zijn, en dat staat toch écht alleen bij Johannes, niet bij Matteüs. De regisseur gebruikt Maria's emoties als ze ziet hoe haar zoon wordt gekruisigd om een pakkend slot te ensceneren. Ondertussen blijft het vreemd dat juist een marxist als Pasolini met Matteüs koos voor het favoriete evangelie van het Vaticaan. Het twintig jaar eerder geschreven Marcusevangelie is veel realistischer: dáár spuwt Jezus in de oren van de doven en de ogen van de blinden om ze te genezen. Dáár denken zijn broers én Maria dat hij gek is geworden als hij begint te exorciseren. En bij Matteüs zegt Jezus absoluut niet tegen zijn volgelingen bij zijn arrestatie: 'Stop je zwaard terug in de schede', nee, hij vindt fysiek verzet oké! Sterker: in het Lucas-evangelie zegt Jezus in de laatste maanden van zijn leven: 'Wie geen zwaard heeft, moet zijn warme jas verkopen en daar een zwaard van kopen.' Fascinerend materiaal, maar Matteüs laat dat allemaal weg. Blijkbaar vond ook Pasolini dat een goede beslissing, want in zijn film is Jezus een revolutionair met woorden, niet met daden.'

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden