Engelands grootste toneelspeler is dood

Londen, 21 oktober 1989

Sir Laurence Olivier.Beeld anp

De afscheidsdienst voor sir Laurence Olivier in Westminster Abbey. Veel muziek van Walton, het ritueel nogal een ratjetoe. Albert Finney, Peter O'Toole en andere acteurs droegen Oliviers memorabilia als relieken naar het altaar: een zwaard dat had toebehoord aan Kean, een script met aantekeningen voor Hamlet, een kroon uit Richard III.

Alec Guinness hield een toespraak en balanceerde knap tussen ernstig, scherp en geestig. Terecht merkte hij op dat het onrechtvaardig is jonge acteurs met Olivier te vergelijken. Zoals hij was er werkelijk maar één.

Peggy Ashcroft las prachtig voor uit Miltons Lycidas, John Gielgud struikelde door Donne's Death Be Not Proud. Albert las de Prediker met het vuur van de ware acteur, John Mills Korinthiërs zonder enige overtuiging.

Na de dienst vormden we een rij in het middenpad. Ik zag Brian Ridley tussen een paar oude collega's van vroeger; hij ving mijn blik en glimlachte verdrietig. Voor mij is Olivier een symbolisch verlies: de dood van een acteur van onvoorstelbaar kaliber. Voor Brian het verlies van een deel van zijn jeugd.

Later was er een party in het National Theatre, die wel een gedroomde acteursauditie leek. Ik sprak Joan Plowright (Oliviers weduwe, red.), die zei dat het een mooie afscheidsdienst was, maar dat er wel wat meer grappen in gemogen hadden.

Richard Eyre (1943), Britse regisseur en theaterdirecteur. Uit National Service - Diary of a Decade. Bloomsbury, 2003.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden