En weg is de tumor

Een nieuw type kankermedicijn verstoort de interne communicatie van de tumorcel. Helaas is het wondermiddel alleen nog maar beschikbaar voor twee zeldzame vormen van kanker....

Prof. dr. Jaap Verweij, verbonden aan de Daniël den Hoedkliniek in Rotterdam, behandelde in december een man die zijn doodvonnis had gehoord: een weinig voorkomende tumor in de darmen was niet meer in te tomen. Er was nog één hoop: het nieuwe, experimentele middel Glivec (in de VS als Gleevec te koop).

'Het was een drama. Een jonge man. Vrouw, kinderen. Hij had last van nachtzweten, voelde zich beroerd en was doodmoe. Een dag nadat hij het nieuwe middel kreeg, waren de klachten weg. Het was een wonderbaarlijke herstel. Op nieuwe scans bleek dat de tumor kleiner was geworden. Inmiddels is hij volop aan de slag.' Het wondermiddel is vanaf 1 december toegelaten voor de behandeling van leukemie.

Verweij, hoogleraar experimentele chemotherapie, is niet de man om wilde succesverhalen over kanker naar buiten te brengen. Een stelling in zijn proefschrift, hij promoveerde in de jaren tachtig, luidde dat de media te juichend waren over interferon, een nieuw kankermedicijn uit die tijd. 'Het werkt bij sommige patiënten, maar het is niet de doorbraak geworden die ons door sommige media is gesuggereerd.'

De arts waarschuwt voor te hoge verwachtingen van Glivec. Het middel werkt maar goed voor twee, zeer zeldzame, soorten van kanker. De ene is een vorm van leukemie (chronische myeloïde leukemie, CML) en de andere is een zeldzame vorm van kanker in de darmen (GIST). Jaarlijks krijgen ongeveer 170 Nederlanders CML en ongeveer vijftig krijgen GIST. Alleen voor de behandeling van CML is Glivec vanaf vandaag geregistreerd; de registratie voor GIST zal niet lang op zich laten wachten.

'Het bijzondere is', zegt Verweij, 'dat Glivec laat zien dat het lukt om op een bepaalde manier kanker te bestrijden. Ik verwacht dat er nog vele, vergelijkbare middelen zullen volgen.'

Glivec is een geheel nieuwe vorm van chemotherapie, het met chemicaliën attaqueren van kanker. Het medicijn is zo ontworpen dat het de gezonde cellen in principe ongemoeid laat en alleen de cellen waar wat mis mee is, de nek omdraait. Dat is een breuk met de oude chemotherapie, die minder specifiek werkt en die ook gezonde cellen aanpakt. Dit verklaart dat chemotherapie gepaard gaat met veel bijwerkingen.

De nieuwe ontwikkeling is mogelijk, doordat er steeds beter bekend is waarom een bepaalde cel ontspoort en zich als een razende gaat delen. Dat heeft te maken met genen die aan of uit staan, waardoor er eiwitten worden gemaakt die het leven in de cel in de war schoppen. De nieuwe medicijnen, signaaltransductieremmers, grijpen in op dat proces.

Verweij: 'De cellen krijgen een bepaald signaal om zich anders te gaan gedragen. Zo ontstaat een kanker of blijft een kanker in stand. Dat signaal wordt overgebracht door een eiwit. Als we weten welke eiwitten die rol op zich nemen, kunnen we een medicijn ontwikkelen dat hun werking blokkeert of remt.'

Bij CML is bekend dat de patiënten een defect hebben op chromosoom 22. Een lang stuk daarvan is verwisseld met een kort stuk van chromosoom 9. Door die fout in het chromosoom wordt het eiwit dat de celdeling reguleert niet meer geblokkeerd. De cellen gaan ongeremd delen en de ontwikkeling van kanker is slechts een kwestie van tijd. De volgende, logische stap was de speurtocht naar het eiwit dat de boel in de cel op zijn kop zet.

Verweij: 'Dat is het abl-eiwit. Vervolgens is gezocht naar een stof die dat eiwit kan blokkeren. Dat is Glivec geworden. De eerste resultaten waren verbazingwekkend goed. Ik heb nog niet eerder meegemaakt dat een middel zo snel is geregistreerd. De verplichtte studies die normaal met een nieuw medicijn worden uitgevoerd, zijn niet eens afgemaakt omdat het onethisch was patiënten het middel te onthouden.' In proeven bleek dat van 53 van de 54 patiënten de kankercellen uit hun bloed verdwenen en voor zover bekend ook niet zijn teruggekomen.

Maar kanker is hiermee niet de wereld uit. 'Glivec werkt alleen bij kanker waar het abl en, zo bleek, het kit-eiwit de sturende factor is. Bij GIST speelt dat laatste eiwit de hoofdrol. Glivec werkt ook bij die ziekte spectaculair. Verweij, die veel werkt met deze patiënten: 'Van hen reageert 90 procent op de behandeling. Een goede score voor mensen die voorheen een doodvonnis te horen kregen.'

Voor GIST is Glivec nog niet geregistreerd, maar dat probleem is ondervangen. 'Alle patiënten worden opgenomen in het onderzoeksprogramma en krijgen het middel. Het zou niet ethisch zijn om het anders te doen', vindt hij. Voorlopig is het gratis, maar na registratie wordt dat anders. Dan moet er ruim zestigduizend gulden per jaar worden neergelegd. 'We weten niet hoe lang mensen moeten slikken, want Glivec geneest niet echt. Drie jaar, hun hele leven? De vraag doemt dan op of de maatschappij het ervoor over heeft om zoveel geld uit te geven aan een ziekte.'

Bij andere vormen van kanker zijn de resultaten met Glivec niet spectaculair, bijvoorbeeld omdat ook andere eiwitten van belang zijn. Of het werkt zelfs helemaal niet omdat het kit-eiwit geen enkele communicatierol speelt. 'Het kit-eiwit speelt een rol bij long- en prostaatkanker, maar het gebruik van Glivec levert daarbij veel minder goede resultaten. Jammer, want dit zijn veelvoorkomende kankers.' Hoe het verder moet, is Verweij duidelijk. Hij praat over een vingerafdruk van de kanker. Voor elke tumor moet worden uitgezocht welk eiwit of welke eiwitten een sleutelrol spelen. Dan moet voor elk eiwit de juiste remmer worden gevonden. 'Maar dat duurt nog zeker tientallen jaren, tempert Verweij te hooggespannen verwachtingen.

Er zijn inmiddels al vergelijkbare middelen in ontwikkeling voor andere vormen van kanker, die nu nog schuil gaan achter codenamen als ZD 1839, Imc-C225. Ook daarvan zijn de vooruitzichten veelbelovend.

Behalve signaaltransductieremmers zijn er andere nieuwe strategieën om kanker te lijf te gaan. Zoals middelen die verhinderen dat er bloedvaten worden gevormd in een tumor, zodat die niet meer kan groeien (angiogeneseremmers) en bijvoorbeeld de zogenoemde kankervaccins. En dan zijn er nog de 'ouderwetse' methoden, zoals traditionele chemotherapie, bestraling en uiteraard opereren.

Welke kant het op zal gaan, is moeilijk te zeggen. Verweij waagt zich niet aan een voorspelling. Elke kanker is anders, elke patiënt is anders. 'Maar zo'n hoopvolle ontwikkeling als met Glivec heb ik nog niet eerder meegemaakt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden