Column

En hup, daar ging een brisante mailwisseling naar Nieuwsuur

Tussen ambtenaren en de politieke functionarissen die ze dienen bestaat een ijzeren afspraak. De politicus mag idiote plannetje verzinnen, de ambtenaar zal deze loyaal uitvoeren, altijd, ook als het voorgestelde strijdig is met de rede of de goede smaak. Hij zal 'jawel, minister' zeggen en zijn best doen. In ruil daarvoor zal de minister (of staatssecretaris, of wethouder) de ambtenaar een fatsoenlijk salaris geven, hem niet ontslaan en in het openbaar nooit kwaad van hem spreken.

Beeld anp

Toch wandelt er op gezette tijden een bewindspersoon door het beeld die in tijden van crisis cruciale onderdelen van de afspraak vergeet. Het is een bepaald type: het hecht aan het ambt en aan de parafernalia van de macht, is dolgelukkig dat het eindelijk gelukt is iets hoogs te worden en zal zich dat genoegen niet zomaar laten afpakken.

Maar dan gaat er iets mis op het ministerie, de pers danst om hem heen, hij staat te knipperen tegen het helle licht van de cameralampen, kijkt verbaasd en geërgerd naar de priemende vingers van de volksinquisitie. Een verschrikkelijke gedachte kruipt omhoog: ze gaan hem toch niet wegsturen?

En dan gebeurt het. Hij wijst. Zíj waren het. Ambtenaren. Andere mensen die hun werk niet goed hebben gedaan, de minister niet hebben gewaarschuwd, met hun neus hebben gezocht, informatie bij hem vandaan hebben gehouden, een rapport in een la hebben laten liggen en - heel gek - op eigen houtje alinea's zwart hebben gelakt.

De reden waarom een minister (of een staatssecretaris, of een wethouder) nooit in het openbaar moet wijzen naar ambtenaren die gewetensvol hun werk hebben gedaan en zich niet kunnen verweren, staat meestal de volgende dag in de krant. Of is te zien op Nieuwsuur. Interne e-mails waaruit blijkt dat de wijzende bewindspersoon een incompetente zak hooi is en een jokkebrok. Hij wist allang van de misstanden, heeft zelf de boel laten versloffen, heeft zelf de ambtenaren geïnstrueerd met hun neus te zoeken, gaf zelf de opdracht om incriminerende passages uit onderzoeksrapporten zwart te lakken - of erger.

Het gebeurde Frans Weekers - wie kent hem nog. Kortstondig staatssecretaris van belastingzaken voor de VVD, die de annalen is ingegaan als de man die in de verkiezingscampagne een 35 meter hoger reclamezuil met daarop 'Stem Limburgs! Frans Weekers, lijst 1 nr. 8' liet betalen door Jos van Rey, voormalig integriteitsriscio van de VVD. Weekers ging over de Belastingdienst, en daar hoorde permanent gedoe bij, waaronder verontwaardiging over Bulgaren die diep in Bulgarije als koningen leefden met dank aan de dienst Toeslagen. En wat deed Weekers? Zeggen dat zijn ambtenaren hem niet hadden ingelicht. Van het interne berichtenverkeer dat daarop naar de pers werd doorgesluisd, heeft RTL weken plezier gehad.

En het gebeurt Ard van der Steur. Hij is nog niet zo heel lang minister van Justitie en Veiligheid, maar hij is er in die korte tijd in geslaagd om heel wat mensen tegen het hoofd te stoten onder wie brave ict'ers. 'Dat had een jaar eerder al gekund, als ze de juiste mensen voor de ict hadden gehad', zei Van der Steur onlangs over de zoektocht naar 'het bonnetje'. En hup, daar ging een brisante mailwisseling naar Nieuwsuur.

Bij verraad zegt de ambtenaar niet meer: 'jawel minister', maar: 'dag minister'.

Beeld anp

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden