Emotionele achtbaan van de twee reserves

Van een reserve moet je niet verwachten dat hij het eens is met de beslissing van de coach. Een reserve vindt dat hij in de ploeg hoort....

Marije Randewijk

Reserve zijn is geen eervol bestaan. Niet in een roeiploeg in elk geval. In een voetbalelftal is er elke wedstrijd de kans dat je mag invallen. In het roeien gebeurt dat pas als iemand ernstig geblesseerd raakt of zich hondsberoerd voelt. Dat is niet vaak.

Toen Roel Haen en Peter Vos tijdens een trainingskamp in Sevilla, ongeveer twee maanden geleden, te horen kregen dat ze als laatsten zouden afvallen voor de Holland Acht, vielen ze in een diep gat. De vraag beschikbaar te blijven voor de ploeg, lachten ze in eerste instantie weg. Nee, dank je. Hoop kan een goede basis zijn om door te trainen, valse hoop niet.

Wie niet in de boot zit, hoort er niet meer bij. Reserves trainen apart. Als de coach tijd over heeft, volgt hij hun verrichtingen. Maar als de Acht aandacht vraagt, zijn ze aan hun lot overgelaten. Reserves krijgen, meer dan de definitieve afvallers, last van een minderwaardigheidscomplex.

Eigenlijk heeft Haen zich nog altijd niet bij het onvermijdelijke kunnen neerleggen. Daarvoor kwam de dreun te onverwacht. Zijn trots was gekrenkt. Het ligt ook in zijn karakter om te tobben, anders dan Vos.

Pas later kwam het besef: stel dat ze me nodig hebben, het mag niet door mijn koppigheid zijn dat ze de Spelen mislopen. En: er kan altijd iemand kapot gaan. Reserves hopen er heimelijk op, en ook weer niet. Het is een emotionele achtbaan.

Dat bleek tijdens het laatste trainingskamp in het Italiaanse Varese. Rogier Blink vertrok ziek naar huis en kreeg rust voorgeschreven. Vos werd opgeroepen als vervanger voor de wereldbeker in München, die donderdag begint.

Wat dat voor Haen betekende? Die zag de deur naar Peking eigenlijk definitief dichtklappen. Hij werd de reserve van de reserve. En de dubbeltwee waar hij met Haen voor koos en waarin ze veel energie staken, ligt nu al weken op de kant. Een wereldbekerstart is voor hem niet aan de orde.

Het is nog meer trainen om het trainen geworden, zonder doel. Het punt van afhaken is dicht bij. Haen heeft weer oog gekregen voor andere dingen in het leven. Dat is voor een sportman gevaarlijk.

Vos geniet ondertussen van de hem geboden kans. Maar hij maakt zich geen illusies. Hem is duidelijk te verstaan gegeven dat het om een eenmalige intrede gaat. Het is ook niet zo dat hij niet ineens tien keer beter roeit dan toen hij werd uitgeselecteerd.

Of hij bereid is zich tot de Spelen beschikbaar te houden als reserve heeft Vos nog niet beslist. Hij weet dat Jurriën Rom Colthoff in 2004 als reserve pas na de laatste training in Athene moest wijken voor Diederik Simon.

Als invaller zal hij de mogelijkheid hebben iets te zien van het land, meer in elk geval dan de vaste basis van de Acht. Zie dat dan maar als de beloning voor zijn onbezoldigde inzet.

Hij is ervan overtuigd dat de boot Peking gaat halen, hoewel die zich nog wel moet kwalificeren. Want als Vos eerlijk is, moet hij toegeven dat de Acht de afgelopen twee maanden zonder zijn inbreng een enorme stap heeft gezet. Niet eerder werd zo gemakkelijk geroeid. Komend weekeinde moet het bewijs worden geleverd in München. Een plaats in de finale is het minimale doel, voor minder doen ze het niet.

Marije Randewijk

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden