Elke parkeerdag telt als apart delict

Veel van wat mensen schrijven schijnt een verkapte vorm van traumaverwerking te zijn. Gaat het over parkeerboetes, dan moet dat percentage rond de honderd procent liggen. Ik ben geen uitzondering. Door het papier dat ik onder mijn ruitenwisser aantrof ben ik tegenwoordig niet alleen berooid maar ook voortdurend onrustig zodra ik ergens in Nederland parkeer. Betaald Parkeren is een onvoldoende op mijn herinburgersrapport. Ik vrees dat zich wreekt dat ik in een cultuurgebied heb vertoefd waar parkeren gebaseerd was op die ene regel: zet de auto maar gewoon ergens neer. Op het trottoir, in een krater in de weg, op modderige parkeerplaatsjes die in Oost-Europese hoofdsteden uit zichzelf ontstaan. Toegegeven: er ging regelmatig wat mis. In Boekarest heb ik mijn auto een keer 36 uur niet kunnen gebruiken omdat die door andere auto's was ingesloten. Dat krijg je als iedereen zijn auto gewoon ergens neerzet. Ook anonieme aanrijdinkjes kwamen voor. Mijn voorbumper zat een keer scheef, een richtingaanwijzer was verbrijzeld. Maar ik heb nooit papier onder de ruitenwisser aangetroffen. Al in mijn eerste maand in Nederland was het tweemaal raak. De eerste keer keerde ik, nooit doen in mijn vaderland, een kwartier te laat naar de parkeerautomaat terug. De tweede keer had ik ruimschoots muntgeld in het apparaat gekieperd maar stonden de achterwielen buiten de witte lijnen. Dat is in Nederland 'stil staan op de openbare weg': 90 euro. In mijn tweede maand beging ik slechts één delict maar kreeg ik toch twee bonnen. Mijn auto stond op een terrein waar het parkeren alleen in mijn interpretatie gratis was. Ik kwam terug en dacht: ik heb nu toch een bon, ik laat de auto hier gewoon nog een dag staan. Uit Parkeerboete gekregen? van jurist en bonnenconnaisseur Bert Wolthuis - op de achterflap trekt hij nonchalant geel papier onder de ruitenwisser vandaan - had ik kunnen weten wat een inschattingsfout dat was. Wolthuis verzamelde een groot aantal rechtzaken die boze bekeurde parkeerzondaars aanspanden tegen Nederlandse gemeentes. Een naamgenoot van mij zette zijn auto op een betaalde parkeerplek in Amsterdam en ging een paar dagen weg. Bij terugkeer trof hij maar liefst vijf bonnen onder de ruitenwisser. Met zijn advocaat streed hij tot aan het hooggerechtshof tegen de gemeente Amsterdam omdat die het ne bis in idim principe zou hebben geschonden: het twee keer bestraffen van hetzelfde delict. Nee hoor, oordeelde het hof: elke parkeerdag telt als apart delict (hof Amsterdam, 29-4-2010). Datzelfde hof had een jaar daarvoor al het beroep afgewezen van een bekeurde die - effe met vakantie - thuis welkom werd geheten met zestien bonnen. Veel bonnenslachtoffers zijn zo gekwetst dat ze doorprocederen tot aan de Hoge Raad. Regelmatig maakt die wat parkeerdersleed ongedaan, zoals in het geval van Tarik. In mei 2004 ging hij in Hilversum voor 46 euro 30 op de bon. Bijna vijf jaar later, in maart 2009, na flink wat tijd in juridische burelen waarin rechters mappen vol fotografisch bewijsmateriaal van beide partijen bestudeerden, had Tarik die 46 euro 30 terug op de giro. Het ging hem 'om de eer'.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden