Elke dag een gedicht door de intercom

Robert Pinsky is de nieuwe Poet Laureate van de Verenigde Staten..

VORIGE WEEK benoemde het hoofd van de Amerikaanse Library of Congress in Washington een nieuwe Poet Laureate. De dichter die deze erebaan krijgt, ontvangt een salaris van 35 duizend dollar en mag verwachten dat zijn werk veel beter wordt verkocht. Hij heeft een eigen kamer in het gebouw van de Library of Congress, en zal wellicht de poëzie onder de mensen brengen. Sinds 1937 hebben dichters als Randall Jarrell, Robert Frost en Joseph Brodsky op hun eigen (vaak sobere) manier inhoud gegeven aan die taak. De nieuwe Laureaat is Robert Pinsky (56), die enige faam verwierf toen zijn vertaling van Dantes Inferno twee jaar geleden een bestseller werd. Vorig jaar verscheen een bescheiden editie, driehonderd pagina's dik, van zijn verzameld werk.

Pinsky stelt zich voor, liet hij weten, zo veel mogelijk opnamen te maken van mensen die hun favoriete gedicht voorlezen: politie-agenten, president Clinton, scholieren. De verslaggever van The Washington Post noteerde uit zijn mond: 'Meer mensen dan je denkt hebben iets te zeggen, en zouden dat graag hardop willen doen.'

Tegelijk met het nieuws van Pinskys benoeming kwam er nog een bericht in de Amerikaanse kranten dat (weliswaar zijdelings) met poëzie te maken heeft. De directie van de firma Magnetic Poetry Products maakte bekend dat het bedrijf een miljoen exemplaren van de Magnetic Poetry Kit heeft verkocht. De Magnetic Poetry Kit is in Amerika een zeer verantwoorde rage. Ouderorganisaties, onderwijzers, beroemdheden, iedereen zegt dat je met de Magnetic Poetry Kit leert om creatief te zijn en jezelf te uiten. Zelfs de New York Times is er enthousiast over.

Voor twintig dollar krijg je een setje van vierhonderd mooie woorden (skin, languid, delirious, forest, summer) op magnetische stickers, en daarmee kun je op elke metalen ondergrond je eigen regels componeren. Mensen doen het op de ijskast, op de koektrommel, overal. Onderwijzers gebruiken sets in de klas om de kinderen te laten spelen met elementaire grammatica, alliteratie en metaforen. Binnenkort komen er Magnetic Poetry Kits in het Spaans, het Frans en het Duits.

Zulk nieuws uit de wereld van de dichtkunst wordt in Amerika zorgvuldig gepland. Sinds een jaar kent men daar namelijk de National Poetry Month, een gebeurtenis die nog het beste te vergelijken is met onze Boekenweek. Afgelopen week ging het evenement voor de tweede keer van start, met een druk programma van lezingen, poëzie-festivals en uitzendingen op radio en televisie. De coördinatie van het geheel berust bij de American Academy of Poets, een organisatie die zich inzet voor de verspreiding van dichtkunst in de breedste zin van het woord.

Het idee van een nationale manifestatie lijkt een groot succes. Boekhandelaren, bibliothecarissen en onderwijzers krijgen van de Academy tips toegestuurd om poëzie te promoten. Winkels organiseren poeziëwedstrijden, vertaalnachten en speciale programma's voor kinderen. Scholen houden dichtmarathons en 'poëziepauzes', en ten minste één school, in New York, begon elke dag met het voorlezen van een gedicht via de intercom.

Zulke acties, die leiden tot een sterke stijging in de verkoop van dichtbundels, komen niet uit de lucht vallen. Het is alleen alsof iedereen die zich met de dichtkunst bezighoudt tegelijkertijd zijn stem verheft. De huisvlijt van vele duizenden cursussen creatief schrijven, nieuw werk van gevestigde dichters, het mooiste van het beste uit de traditie: het wordt gepresenteerd via elk denkbaar medium.

Vooral het creatief schrijven aan de universiteiten heeft een hoge vlucht genomen. Vrijwel iedere dichter van enige naam vindt tegenwoordig emplooi als docent aan een college of een voortgezette opleiding, de graduate schools. Deze ongekende werkgelegenheid is lang niet altijd een garantie voor een economisch stabiel bestaan (de salarissen zijn soms vergelijkbaar met die van een bediende bij Burger King), maar dichters ontlenen er een status aan die ze voordien nooit hadden. De grote modernisten uit het begin van de eeuw moesten werken voor de kost.

William Carlos Williams was huisarts in Rutherford, New Jersey: hij schreef zijn gedichten als de wachtkamer eventjes minder vol zat, of als hij 's avonds thuiskwam van zijn rondes. Wallace Stevens werkte als jurist. Hun bundels verschenen aanvankelijk in oplages van een paar honderd stuks. Sinds de opkomst van het creatief schrijven is er een poëtische subcultuur ontstaan van conferenties en academische publicaties; daarin is voor de dichters een sleutelrol weggelegd, en er verschijnt tegenwoordig meer poëzie dan ooit tevoren.

De laatste jaren komt daar het fenomeen van de poëzie-avonden bij. In de grote steden bestaan al heel lang drukbezochte podia waar dichters met een grote reputatie (Walcott, Brodsky toen hij nog leefde) zeer regelmatig uit eigen werk komen voorlezen, maar tegenwoordig heeft elke zichzelf respecterende boekhandel zulke programma's, meestal met dichters uit het lokale (academische) circuit. Het interessante van die voorleesavonden is dat ze het incestueuze wereldje van de academische poëzie-beoefening doorbreken. De dichters komen weer onder de mensen, zoals in de jaren vijftig, toen Ginsberg en Kerouac in de kroegen van Greenwich Village optraden. Of zoals meer dan honderd jaar geleden, toen Walt Whitman zich tegoed deed aan braadworst bij Pfaff's op Broadway - waar hij ook regelmatig zijn nieuwste werk liet horen.

De Poet Laureate heeft een jaar lang het hele land om zich heen. Robert Hass, die de post het afgelopen jaar bekleedde, reisde overal heen om lezingen en workshops te geven, schreef een wekelijkse column voor The Washington Post Book World, en zag de verkoopcijfers van zijn laatste bundel (Sun Under Wood) stijgen tot het driedubbele van wat hij gewend is.

De nieuwe laureaat Robert Pinsky heeft zich laten kennen als een enthousiaste verkenner van de elektronische snelweg. Onlangs was hij op het Internet te gast bij een virtuele gespreksgroep, waar iedereen in kon loggen om live vragen te stellen. Uiteraard moest hij zich verantwoorden voor zijn opvattingen over Dante, maar Pinsky sprak ook over Het Tibetaanse Boek van Leven en Sterven, over poëzie op Internet en over zijn joodse achtergrond: 'Ik heb me van het Jodendom afgekeerd', zei hij, 'toen ik ongeveer veertien jaar was. In plaats daarvan koos ik voor honkbal, rock en roll, bacon, vrije zaterdagochtenden, en uiteindelijk Engelse poëzie en Europese cultuur.'

In 1984 schreef Pinsky een computerspel (Mindwheel) waarbij het de taak van de speler is om de mensheid te redden van de ondergang. Daarvoor moet hij in de huid kruipen van zeer verschillende personages, woorden zoeken om een Fear Sonnet en een Love Sonnet te voltooien, diverse inwijdingen doormaken, om ten slotte uit te komen bij de Cave Master voor een laatste beproeving.

Tegenwoordig is Pinsky actief als docent creatief schrijven (Boston University) en als redacteur van het elektronische tijdschrift Slate (http://www.slate.com). Hij houdt ervan om in mythische termen te spreken over de nieuwe technologie: 'Poëzie en software gaan allebei terug op het idee van de geheime doorgang: de ontdekking dat je via een kleine, onopvallende, haast onzichtbare opening alle kanten op kunt. . . Die opening, die ontdekking van zeer veel in iets heel kleins is een fundamenteel signaal van het menselijk intellect.'

Vooralsnog publiceert Pinsky in hoofdzaak letters op papier. Hij zal ondanks zijn nieuwe positie als Poet Laureate nooit uitgroeien tot een nationale figuur als bij voorbeeld Robert Frost, omdat hij diens bedrieglijke eenvoud mist. Zijn poëzie is vaak verhalend van karakter (net als die van Frost), maar hij vertelt over een wereld die veel weidser is, veel groter - een wereld die in sommige gedichten haast visionaire allure heeft.

In de autobiografische cyclus History of my Heart is dat prachtig te zien, maar ook in een recent gedicht als Ginza Samba (dat vooralsnog alleen op Internet te lezen is).

Misschien wordt die laatste tekst (een woeste improvisatie op het beeld van de saxofoon) deze maand ergens in Amerika voorgedragen, wellicht ten overstaan van een groot publiek, en misschien zal er iemand zijn die de muziek van Pinsky in één keer begrijpt.

On moonless

Nights, water and sand are one shade of black,

And the creamy foam rising with moaning noises

Charges like a spectral army in a poem toward the bluffs

Before it subsides dreamily to gather again.

I thought of going down there to watch it a while,

Feeling as though it could turn me into fog,

Or that the wind would start to speak a language

And change me

(Uit: History of My Heart)

Robert Pinsky: History of my Heart. Ecco Press, ¿ 30,20.

Robert Pinsky: Figuered Wheel. New and Collected Poems. Carcanet, ¿ 46,65.

Dante: The Inferno. Engelse vertaling door Robert Pinsky. Tweetalige editie. Noonday, ¿ 18,40.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden