Elk gebouw een kunstwerk

In '20 houses by twenty architects' wordt een keuze gepresenteerd van huizen ontworpen door de wereldtop aan architecten. Het modernisme vormt in dit deel van de architectuurwereld nog onbedreigd de norm....

In andere landen is het normaal dat je je eigen huis bouwt, maar in Nederland is de architectuur van het woonhuis lang het exclusieve domein geweest van de overheid, woningbouwverenigingen en projectontwikkelaars. Tot begin jaren negentig. Toen begonnen groeikernen zelf-bouw te propageren met als doel de monotonie van nieuwbouwwijken te doorbreken. Een particulier mag een kavel vrij bebouwen, al dan niet met de restrictie dat hij er een architect bij haalt. Zelfbouw is van het begin af aan een succes gebleken, ondanks het feit dat het zelden om huizen gaat met een prijs beneden de vier euroton.

Zo'n onder architectuur gebouwde wijk geeft een fascinerende kijk op de Nederlandse esthetiek. Filmwijk-Zuid in Almere bijvoorbeeld is een exuberante mix van boerderettes, knetterwitte Dallas-ranches, poenerige glasbakarchitectuur, maar ook een enkel stijlvol eerbetoon aan het modernisme. De begrippen mooi en lelijk zijn hier machteloos. Dit is de smaak van Nederland, de smaak van de bewoners, nauwelijks die van de architect.

Het spiegelbeeld daarvan vormt het boek 20 houses by twenty architects, een selectie woonhuizen uit de eredivisie van de wereldarchitectuur: met onder anderen Rem Koolhaas, Richard Meier, Steven Holl en Graham Phillips. Hier dicteert niet de opdrachtgever het ontwerp, maar de opdrachtnemer. Als je een estheet als de Japanse architect Tadao Ando vraagt voor een villa aan Lake Michigan in Chicago, moet je als opdrachtgever natuurlijk nederig blijven en niet met de laatste Schöner Wohnen aan komen zetten. Geld speelt in deze categorie geen enkele rol. De resultaten zijn, net als de locaties, veelal buitenaards. 20 houses is een tocht langs ascetisch witte bungalows, spaarzaam doch zorgvuldig ingericht, op droomplekjes langs meren en zeeën.

Voor het boek is een keuze gemaakt uit villa's die de afgelopen tien jaar over de hele wereld zijn gebouwd. Het zijn vrijwel allemaal zomerhuizen (voor je woonhuis geef je een architect kennelijk minder snel de vrije hand) en huizen die architecten voor zichzelf hebben gebouwd. Er zijn slechts twee uitzonderingen. De eerste is een stadswoning van Tod Williams en Billie Tsien in Manhattan. De ander de fameuze villa in Floriac, nabij Bordeaux, die Rem Koolhaas in 1998 bouwde voor een invalide Franse kranteneigenaar. Het grondidee voor dit huis is spectaculair: het is gebouwd rondom een bewegende vloer die de gehandicapte bewoner in staat stelt zich verticaal door zijn huis te verplaatsen zonder de kamer te verlaten. Maar of het wordt veroorzaakt door de matige fotografie, of door het ontwerp zelf, het huis in Floriac maakt in de selectie van 20 houses met voorsprong de meest gedateerde indruk.

Wat opvalt is dat voor Europese, Japanse en Amerikaanse toparchitecten de heilige drieëenheid Le Corbusier, Mies van der Rohe en Frank Lloyd Wright nog volledig intact is. Ook al zijn ze reeds een halve eeuw dood, het modernisme vormt in dit deel van de architectuurwereld nog onbedreigd de norm in de bouwesthetiek. Vrijwel alle huizen zijn sober geconstrueerd met behulp van glas, metaal en sierlijk beton. Elk versiersel, elk ornament is uit den boze.

Graham Phillips (partner van de Brit Norman Foster) gaat in zijn lofzang op het modernisme het verst. Aan een watertje in Middlesex bouwde hij voor zichzelf een elegante witte, platte doos van slanke betonnen platen. De woonkamer opent zich uitnodigend naar het water met behulp van een lange ononderbroken glazen wand. Dieper in de villa duiken patio's op die op onverwachte plekken de vertrekken van daglicht voorzien. De inrichting is geheel volgens Mies van der Rohes adagium less is more. Er staat vrijwel niets in en wat er is, zit de architectuur nooit in de weg.

Hoewel Phillips' ontwerp van een bijna Spartaanse schoonheid is, krijg je na een overdosis van die modernistische villa's zin in een architect die wat minder gebukt gaat onder de westerse architectuurgeschiedenis. In Uruguay langs de River Plate bouwde Mariano Clusellas een huis op palen, zoals alle huizen langs die grillige rivier op palen staan. Als dekmateriaal gebruikte hij blauwe golfplaat, ook al een ter plekke veelvuldig gebruikt materiaal. De palen van Casa Blu kregen betonnen voeten, waardoor het strandhuis op klompschoenen lijkt te staan. Het huis zelf is een huisje zoals een kind van zes dat tekent, maar de afwerking binnen, met de houten terrasdeuren en de wijze waarop het gebouw zijn gezicht over de langgerekte veranda richt naar de rivier, bezit een oorspronkelijkheid en humane weldadigheid die de Europese architecten kwijt zijn geraakt.

Wat de meeste toparchitecten doen, als ze de vrije hand krijgen, is van een gebouw een kunstwerk maken. De esthetiek overvleugelt in een aantal gevallen de bewoonbaarheid. Deze architectuur, schrijft de Italiaanse critica Mercedes Daguerre in 20 houses, zich beroepend op een uitspraak van Paul Valéry, verhoudt zich tot een gewoon huis zoals dans zich verhoudt tot lopen, zoals poëzie zich verhoudt tot proza.

Er is een directe lijn tussen de selecte groep die deze droomhuizen kan laten bouwen en de groeiende groep mensen die in Nederland graag hun eigen woonomgeving vorm geeft. Een onvermijdelijk effect van globalisering en massaproductie is, schrijft Daguerre, de toenemende drang om individuele verschillen te benadrukken. Het verlangen naar individualiteit doet in Filmwijk-Zuid in Almere net zo goed opgang.

Zelf-bouw is een niet te stuiten ontwikkeling, verwacht het Nederlands Architectuurinstituut in Rotterdam dat eens per jaar de woonbeurs Heilige Huisjes organiseert. Hier worden particuliere huizenbouwers en architecten bij elkaar gebracht. Hoeveel er in Nederland door privépersonen wordt gebouwd, is onbekend. Maar de architecten en aannemers hebben de markt ontdekt. Ze bieden zelfbouwprojecten aan onder namen als licensiebouw, smarthouses en gewild wonen. Minister Remkes van Binnenlandse Zaken heeft in een optimistische bui geroepen dat in 2005 een op de drie nieuwe huizen zelf-bouw moest zijn. Dat wordt niet gehaald, maar ook in Nederland is de particulier als huizenbouwer inmiddels niet meer weg te denken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden