Elektronisch Patiëntdossier voor iedereen die dat wil

Iedereen die dat wil krijgt vanaf 1 januari een eigen Elektronisch Patiëntdossier (EPD). Op 5 november begint een campagne die Nederlanders ertoe moet aanzetten dat zij hun fiat geven aan de uitwisseling van hun medische gegevens.

Beeld ANP

Huisartsen, huisartsenposten, apotheken en ziekenhuizen kunnen dan elkaars dossiers van eenzelfde patiënt inzien. Wie bij een zorgverlener langskomt, wordt om toestemming gevraagd. Vorig jaar blokkeerde de Eerste Kamer het EPD nog omdat de privacy in het geding zou zijn.

Zorgverleners, zorgverzekeraars en patiënten zijn het nu vrijwel eens over een alternatief. In het oorspronkelijke systeem zou iedereen automatisch worden opgenomen, tenzij hij of zij bezwaar maakte. In het nieuwe EPD-systeem komen alleen degenen die uitdrukkelijk toestemming geven. Binnenkort tekenen de organisaties hierover afspraken. Gegevens van mensen die niet expliciet toestemming geven, kunnen vanaf 1 januari niet meer worden gedeeld door zorgverleners.

Binnen drie jaar
Van 9 miljoen Nederlanders wisselen zorgverleners al gegevens uit. Het is de bedoeling dat dit binnen drie jaar voor alle Nederlanders kan, in heel het land. Het idee is dat patiënten dan niet steeds hetzelfde verhaal hoeven te vertellen aan huisarts, medisch specialist en apotheek. Ook kunnen zo medicatiefouten worden voorkomen. Door dergelijke fouten overlijden volgens onderzoeken jaarlijks 1.900 personen en vinden duizenden vermijdbare ziekenhuisopnamen plaats.

De infrastructuur voor de uitwisseling van medische gegevens is aangelegd door de overheid. Die heeft er de laatste jaren ruim 300 miljoen euro aan besteed. De bedoeling was de gegevensuitwisseling bij wet te regelen volgens het 'ja, tenzij'-principe: gegevens van alle burgers zouden uitgewisseld worden - tenzij de burger aan zou geven dat niet te willen. De Eerste Kamer verwierp die wet in 2011 unaniem. Dit jaar heeft de nieuwe Vereniging van zorgaanbieders voor zorgcommunicatie, VZVZ, de gegevensuitwisseling overeind gehouden.

De vereniging is opgericht door clubs van huisartsen (LHV), huisartsenposten (VHN), apotheken (KNMP) en ziekenhuizen (NVZ). Ook de zorgconsumentenfederatie NPCF, zorgverzekeraars en ict-ontwerper Nictiz zijn erbij betrokken. VVD-minister Edith Schippers van Volksgezondheid verstrekte de VZVZ subsidie, en gaf haar een jaar de tijd om het EPD definitief te regelen.

Niet wettelijk
De komende drie jaar wordt voor het 'uitrollen' van het EPD via de zorgverzekering 60 miljoen euro uitgetrokken. Daarmee wordt de infrastructuur betaald en het aansluiten van zorgverleners. Als eis geldt dat zij het EPD ook echt gebruiken. Omdat het EPD niet wettelijk is geregeld geldt het 'nee, tenzij'-principe: gegevens mogen niet worden uitgewisseld tenzij betrokkene toestemming geeft. Bij de zorgverleners kunnen burgers hun medische dossier inzien. Tweederde van de huisartsen is al aangesloten op het netwerk, bijna de helft van de apotheken en 85 procent van de huisartsenposten.

Van de honderd ziekenhuizen zijn er achttien aangesloten. Van veel ziekenhuizen is de ict nog niet geschikt. Onlangs bleken patiëntgegevens van het Groene Hart Ziekenhuis in Gouda eenvoudig in te zien. Betrokkenen menen dat het EPD dat nu is ontwikkeld absoluut veilig is. Het gaat niet om een centrale opslag van gegevens maar om uitwisseling van gegevens tussen zorgverleners.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden