Opinie

Electorale opstand is gevolg van zelfafzondering elite

De sociale bovenlaag heeft zich afgezonderd en daarmee begon de maatschappelijke desintegratie.

Ingang van een gated community in Zuid-Florida. Beeld thinkstock

Spat de Nederlandse samenleving uit elkaar? René Cuperus stelt op 2 mei dat een samenleving staat of valt met de wil tot samenleven, en dat we nu met een groeiende onwil daartoe worden geconfronteerd. Moslims versus populisten, kosmopolieten versus nationalisten, hoger versus lager opgeleiden et cetera. Er is ook sprake van toenemende fysieke afzondering, waardoor veel mensen geen boodschap meer hebben aan elkaars noden. Het verschijnsel doet zich in het hele Westen voor, en resulteert in de implosie van de sociaal-democratische en christen-democratische partijen, die vanouds 'de boel bijelkaar hielden'.

Cuperus heeft gelijk, maar noemt opvallend genoeg één cruciale groep niet, terwijl het probleem van maatschappelijke desintegratie met hún zelfafzondering begonnen is: de sociaal-economische bovenlaag. Een afzondering van de rest van de wereld die in Engeland en Amerika al letterlijk tot wereldvreemde gated communities heeft geleid.

Die bovenlaag heeft de afgelopen kwart eeuw als eerste gedemonstreerd niet meer met de rest van de bevolking te willen samenleven. Dat blijkt allereerst uit het, dankzij de Panama Papers opnieuw onder onze aandacht gebrachte, schimmige systeem van belastingontduiking waarmee zij zich aan een evenredige bijdrage aan de staatskas onttrekt. Het blijkt tevens uit de door haar afgedwongen fiscale concurrentie tussen Europese lidstaten, waardoor de belastingafdracht van multimiljonairs en multinationals sowieso een ridicuul laag niveau heeft bereikt.

De afbraak van de daarmee 'onbetaalbaar' geworden verzorgingsstaat heet vervolgens ook omwille van onze internationale concurrentiepositie noodzakelijk te zijn. Want tegelijk is die bovenlaag erin geslaagd op Europees en nationaal niveau een economisch beleid te dicteren, dat opnieuw vooral haar eigen materiële bevoorrechting dient. Daarvan is de rest van de bevolking zich inmiddels bewust geworden, en dat verklaart het toenemende verzet tegen de grenzenloze globalisering, zoals zich dat al in het 'nee' bij het Oekraïnereferendum heeft vertaald, en straks bij het TTIP zal doen. Niet toevallig is, na decennialang vergeten te zijn, de materiële ongelijkheid plots weer op de politieke agenda terug. Cruciaal: al die door de beleidselite met het oog op de globalisering als noodzakelijk en onvermijdelijk gepropageerde 'structurele hervormingen', al die neoliberale deregulerings-, flexibiliserings- en privatiseringsmaatregelen zijn vooral de top van de maatschappelijke piramide ten goede gekomen. Het zijn de superrijken, het grote bedrijfsleven en hun aandeelhouders die ervan hebben geprofiteerd. Aan de forse stijging van het bnp van de afgelopen vijftien jaar heeft daarentegen de modale burger amper iets gehad. Die ziet zich als gevolg van datzelfde hervormingsbeleid, met de afbraak van huur- en ontslagbescherming, een onzeker pensioen en oplopende persoonlijke zorgkosten juist in zijn bestaanszekerheid bedreigd.

Dit contrast verklaart de electorale opstand die nu in Europa én Amerika tegen de neoliberale beleidsconsensus woedt. Trump mag als een extremist gelden, maar in één opzicht is hij het niet: in zijn economische programma. Dat is bijna klassiek-keynesiaans omdat het in een belangrijke rol voor de staat - van industriepolitiek tot grote publieke werken - voorziet. In dat opzicht zijn juist voor 'gematigd' versleten Republikeinen als Jeb Bush en Marco Rubio de ware extremisten, neoliberale radicalen die slechts één economisch recept kennen: nog minder overheid en nog lagere belastingen voor de rijken. De daaraan gepaarde leugen dat zoiets ook de gewone burgers ten goede zou komen, wordt door het electoraat niet langer geslikt. 'De opstand van de burger bereikt nu ook de wereldeconomie', zo kopte de NRC 18 april. Dat is juist. En die opstand betreft vooral de voorrechten die de bovenlaag voor zichzelf heeft gereserveerd. Het contrast tussen de eigen onzekerheid van veel burgers en de zelfverrijking aan de top verklaart de woede in eerstgenoemde kring over managers die voor massa-ontslagen met een bonus worden beloond. En wat de woede vervolgens versterkt, is het totale onbegrip voor die woede bij diezelfde managers, die hun eigen bovenmatige weelde als vanzelfsprekend zijn gaan beschouwen, omdat niet de eigen samenleving, maar hun internationale soortgenoten hun referentiekader zijn gaan vormen. Dat is de kern van hun zelfafzondering die veel ernstiger is dan die van alle andere door Cuperus genoemde groepen, omdat die degenen betreft die wel sterk het beleid bepalen dat vervolgens de hele samenleving treft.

De kredietcrisis van 2008 had de hoop gewekt dat de scheefgegroeide verhoudingen zouden worden rechtgezet en er een einde zou komen aan de eenzijdige dominantie van het marktdenken, die zowel de verzorgingsstaat sloopte als die fiscale ontsnappingsroutes mogelijk had gemaakt. Dat is niet gebeurd. Massale belastingontduiking vindt nog steeds plaats, ook omdat het wettelijk is toegestaan - en juist dat is het grote probleem. Wanneer het recht fundamenteel niet met het rechtsgevoel spoort en aanpassing daaraan door oppermachtige belanghebbenden wordt getraineerd, leidt dat uiteindelijk tot een volksopstand. Die zien we dan ook bij de stembus nu.

Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden