Column

Eindexamen-critici hebben zeker net Hermans gelezen

In het nieuwe Nederlands gaat het niet meer om de houterigheid van een formulering.

W.F. Hermans tijdens lezing 'Nacht van het Boek', op 25 maart 1995 in de Stadsschouwburg te Tilburg. Beeld anp

Op Boekwinkeltjes.nl vraagt iemand 1.100 euro voor een eerste druk, gesigneerd. Voor minder vermogenden biedt de net verschenen 'wetenschappelijke editie' van W.F. Hermans' Mandarijnen op zwavelzuur uitkomst.

Zo kun je weer kennisnemen van zijn legendarische aanval op Adriaan van der Veen, een schrijver die als veel andere dode auteurs niet meer wordt gelezen. Hermans had passages uit diens roman Wij hebben vleugels ontleed en honend aangetoond dat je de zinnen in willekeurige volgorde kunt omgooien, zonder dat het iets leek uit te maken.

Zwavelzure conclusie: 'Het proza van Adriaan van der Veen kun je in en uit elkaar halen als een meccanodoosje. (...) Hij is een zinnetjesschrijver. Elke dag maakt hij er een paar, 's avonds van acht tot negen. Hij maakt ze grauw en rond als grauwe erwten: je kunt er alles mee doen, in de week zetten, soep van maken, opbakken, je kunt ze naast elkaar leggen op een rijtje, of in een vierkantje, of in een rondje; je kunt ze door elkaar gooien en in zakjes doen.'

Ik heb de proef niet op de som genomen, maar ik vermoed dat je deze grap met veel teksten kunt uithalen. Zelfs met die van Hermans, wiens stijl door de tand des tijds ook al grotere slijtage blijkt te vertonen dan mij lief is.

Dat Van der Veen ooit aanmerkingen op Hermans' stijl had, bleek overigens de bron van het opwellende zwavelzuur. Vermoedelijk bedoelde Hermans trouwens niet een meccanodoosje, maar de stripjes metaal die daarin zaten.

Ik moest eraan denken bij het opiniestuk in deze krant, van Kees Beekmans, docent Nederlands en oud-journalist. Hij schaamt zich voor het eindexamen Nederlands. Geen eerstegraads docent Nederlands, laat staan een leerling, zal daar volgens hem een 10 of 9 voor halen, want: 'We praten nauwelijks nog over wat er nu eigenlijk staat, maar voornamelijk over de structuur.' 'Vragen naar de structuur van de tekst, of wat men daarvoor aanziet, zijn ontaard in zulke verwarrende haarkloverij dat ze een beter begrip van de tekst zelfs in de weg kunnen staan.'

En: 'Nooit eens een vraag naar de houterigheid van een formulering.' Vermoedelijk had Kees Beekmans net Hermans herlezen.

In nrc.next keerde zich maandag nog iemand tegen de examens: Pascal Cuijpers, docent en 'onderwijspublicist'. Hij schreef: 'De scoringsdrang is tot ongekende hoogten opgestuwd door een kabinet dat toetsen en excelleren indoctrineert als waarheid.' Dat een schriftelijk examen het niveau van een leerling zou kunnen vaststellen, is 'een onderschatting van jewelste, want net als de eindtoetsen in het basisonderwijs blijft het een onnodig stressvol gebeuren dat de objectiviteit op cognitief gebied ondermijnt en weinig zegt over de échte kwaliteiten van een leerling.'

Cuijpers' voorstel: laat de docent het hele jaar zelf zijn leerlingen toetsen. Prima idee. Toch borrelde bij het woordje 'gebeuren' mijn zwavelzuur op. 'Gebeuren is een werkwoord', leerde mijn docent Nederlands me. Maar dat is dus haarkloverij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden