Eindeloos

De zich oneindig herhalende 'loops' van Marijke van Warmerdam zijn internationaal vermaard. Haar films zijn een zoektocht naar kleine, alledaagse belevenissen. Door ze te isoleren en uit te vergroten, krijgen de beelden nieuwe betekenis.

Het is stil in de Bodonzaal van Museum Boijmans Van Beuningen, waar op grote schermen een tiental films van Marijke van Warmerdam te zien zijn. Die stilte is opmerkelijk, want waar meerdere films in een ruimte draaien, heerst doorgaans een kakofonie van geluid.


De films van Van Warmerdam zijn op een enkeling na geluidloos. Bij de tot beeldhouwer opgeleide kunstenaar draait het om beeld - om vliegtuigen die af en aan opstijgen en dalen, over het hoofd van de bezoeker scheren en in het luchtledige verdwijnen, om een veertje dat wappert in de wind, om een jongen die beeldschoon uitgelicht aan de rand van een meer naar de verte staat te staren.


Ook dat beeld ademt kalmte en rust. In combinatie met de loop-vorm - waarbij het begin en het einde van een film naadloos aan elkaar zijn gelast - ontstaat zo een parallel universum, waarin geen haast of alledaagse beslommeringen bestaan, waarin de tijd nooit verstrijkt.


Met haar film loops van kleine bewegingen en momenten werd Marijke van Warmerdam (1959) in de jaren negentig bekend. Haar werk vierde de schoonheid, de lichtheid en de absurditeit van het gewone leven, van het hier en nu, zonder grote woorden of drammerige boodschap.


Nog altijd viert Van Warmerdam die lichtheid van het bestaan en streeft zij naar 'een kunstwerk dat heel dicht bij het leven komt, er bijna in opgaat, maar toch net niet', zoals ze eens in een interview zei. Dat gebeurt onder meer in haar nieuwste film loop Face to face (2011, 2,14 minuut), waarin ze een drietal papegaaien in rode, gele en blauwe verentooi onafgebroken rondjes laat vliegen rond een oude, doorleefde Hollandse boom. Zo gewichtloos fladderen de vogels, zo hevig, kortstondig en ongrijpbaar laait het vuurwerk van hun kleurenpracht op in de lucht, dat je aan de grond genageld staat en keer op keer wilt kijken.


Na een pijlsnelle carrière, met belangrijke prijzen en tentoonstellingen, met onder anderen Marlene Dumas en Maria Roosen in het Nederlands Paviljoen op de Biënnale van Venetië (1995), exposeerde Marijke van Warmerdam (1959) de laatste tien jaar vooral in het buitenland. Marijke van Warmerdam: een uniek retrospectief, in Rotterdam, samengesteld door voormalig directeur van het Van Abbemuseum en voormalig directielid van Tate Gallery en Tate Modern Jan Debbaut, is daarom een hernieuwde kennismaking van haar werk met het Nederlandse publiek.


Met het overzicht wil Debbaut het beeld rond van Van Warmerdam bijstellen, zei hij bij de opening. Zij staat volgens hem onterecht bekend als 'het meisje van de film loops'.


Van een meisje is Van Warmerdam allang een volwassen kunstenaar geworden. Maar hoe erg is het etiket 'meisje van de film loops', als minstens vijf van die loops tot klassiekers zijn uitgegroeid? Naast Handstand (1992), waarop een meisje eindeloos haar handstand opvoert en haar witte jurk steeds opnieuw over haar gezicht plooit, naast de Vliegtuigen (1994), die als de golven van de zee eeuwig stijgen en dalen, zijn Voetbal (1995), Douche (1995) en Skytypers (1997) voortdurend op wereldtournee. Douche (zie inzet) is overigens 'vanwege de gezochte balans' van de show door de tentoonstellingsmakers niet geselecteerd voor het overzicht in Boijmans Van Beuningen.


Dat deze korte, heldere en plotloze film loops in de jaren negentig zo veel indruk maakten, heeft voor een deel te maken met dat tijdperk, waarin behoefte bestond om de kloof tussen kunst met een grote K en het publiek te dichten. Kunstenaars trokken eropuit met een wandeling in de mist (niet uitgevoerd, Phoebe de Gruyter) of brachten het gewone leven in al zijn speelsheid, vluchtigheid en falen naar het museum. Op de tentoonstelling Peiling 5 (1996) in het Stedelijk Museum liet Job Koelewijn meisjes in pyjama met vluchtige aftershavestick poëtische teksten schrijven, haalde Alicia Framis met een glijbaan pret naar het museum en draaide Jeroen Eisinga in een amateuristisch filmpje hulpeloos rondjes in zijn kano.


Ook Van Warmerdams tegen de werkelijkheid aanschurende, op televisie of treinperron gepresenteerde loops dichten die kloof. Daarbij paste haar werk in de opkomst van een Nederlandse identiteit in kunst, design en architectuur: conceptueel en sober, inventief en onorthodox. Zo kaalgeschraapt en alledaags als de foto's van slungelige pubers aan de Oostzee van Rineke Dijkstra, zo kaalgeschraapt en sec zijn de loops van Van Warmerdam en zo nieuw was haar achtergrond van een kale, bakstenen muur of het industriële luchthavenlandschap.


Hoe geraffineerd het schijnbaar uit de werkelijkheid geplukte, kale beeld is opgebouwd, wordt duidelijk in vergelijking met latere film loops, waarin de techniek opzichtiger is toegepast. Heel even wordt de beweging vertraagd of versneld, waardoor het meisje van de handstand of de loodzware vliegtuigen gewichtloos in de ruimte zweven. Virtuoos zijn verschillende takes aan elkaar geplakt, waardoor de werkelijkheid zich steeds net even anders aandient, waardoor de vliegtuigen in Skytyper steeds vanuit een andere, onverwachte hoek het beeld in- en uit vliegen om met toefjes rook in de lucht te tekenen. Die minimalistische beeldopbouw, met precies het juiste cameraspel van versnelling en vertraging, in- en uitzoomen, stilstand en zwenken maakt deze gewone belevenissen nog altijd magisch.


Op de tentoonstelling is mooi te zien hoe Van Warmerdam, zowel in haar foto's als beelden en film loops, blijft zoeken naar een kleine, alledaagse belevenis, die isoleert en uitvergroot, en als nieuw weer opdient. Daarbij heeft ze een verbluffend oog voor esthetiek en adembenemende details, zoals druppels melk die gebeeldhouwde sporen trekken in een waterglas en een alomvattend, kolkend wolkenlandschap te voorschijn toveren. En zoals een beer wiens vel absurdistisch rond een deurpost plooit. Of een beslagen ruit die even helder wordt, waardoor een vage kleurvlek een glimp toont van een ouder echtpaar, liefdevol keuvelend in de verte.


Maar met de toenemende esthetiek doen sinds 2000 ook de lyriek en de romantiek hun intrede in het werk. De films worden niet langer onnadrukkelijk gepresenteerd, maar groots en monumentaal, op enorme schermen.


Dat was al te zien op de overzichtstentoonstelling in het S.M.A.K., in Gent, in 2004, waar onder meer Lichte Stelle (2000) en Roeren in de verte (2004) werden getoond. Weer is daar het beeld eenvoudig en indrukwekkend - een jongen met gele zwembroek staart over een meer, een venster met een kopje koffie ervoor toont eeuwig neerdwarrelende sneeuwvlokken. Er gebeurt beinah nichts, een waterdruppel druipt uit de zwembroek van de jongen, een eend zwemt voorbij, een hand roert als deus ex machina in de koffie. Het is esthetisch subliem, maar de gooi naar een Caspar David Friedrich-achtige romantiek van overweldigende natuur en nietige menselijkheid is te nadrukkelijk, de beweging te klein om spannend te zijn.


Waar in de vroege film loops een uit het leven gegrepen moment zonder begin of eind, zonder verstrijken van de tijd, eindeloos en met minimale variaties voorbij kwam, waardoor zich automatisch vragen aandienden, zonder naar een antwoord te streven, zo wordt de betekenis in het nieuwe werk, zowel in de loops als in de foto's, vaak al te opzichtig getoond. Het fotodrieluik Soon, Now, Coming Up Soon (2002) brengt de cyclische beweging van de natuur, van bloei, verval en wederopstand, van leven en sterven al te direct in beeld. Spiegels duiken op in afbeeldingen van weides en luchten, om de beweeglijke en vluchtige werkelijkheid van de kijker letterlijk te vermengen met de statische en eeuwigdurende natuur.


Ook in de dubbelprojecties Couple/Couple in the distance (2010) alsmede Rrrolle blue/Rrrolle red (2011) ligt de betekenis voor het opscheppen. Daarin wordt hetzelfde schouwspel - twee oude mensen op een bank, een papegaai die rondjes draait op een stokje - op twee manieren gefilmd, en ook zo opgediend. De ene blik - van dichtbij bovenop een beslagen raam gefilmd - aan de ene kant van het scherm, de andere blik - in de verte, van oude mensen op een bankje - aan de andere kant. De blauwe papegaai tegen de achtergrond van een wit bollenveld in Mondriaan-achtige kleurvlakken naast de rode papegaai in het rode bollenveld.


Zo dwingend worden de verschillende kanten van eenzelfde werkelijkheid in beeld gebracht, dat er nauwelijks vragen overblijven. Daarbij zijn de drukke cameravoering in Couple - het vele in- en uitzoomen, het van bovenaf, van onder, van ver en vlakbij rond het bankje tollen - en het vleugje mystiek dat in Rrrolle door het bollenveld waait, al te barok. Het zijn beeldschone, bewegende schilderijen geworden, kunst met een grote K.


Dat is wellicht ook de reden dat het werk van Van Warmerdam de laatste jaren voornamelijk in het buitenland te zien is geweest. Het in Nederland zo gekoesterde kleine, het onverwachte concept van de alledaagse beweging, door de kunstenaar als objet trouvé ontdekt en zonder al te veel bedoelingen sec opgediend, is in een sluier van esthetiek en betekenis gesmoord.


Ook Face to face heeft een nadrukkelijker presentatie dan nodig is, met naar het museum gesleepte boomstammen erbij die weinig toevoegen aan het tableau vivant. Toch heeft deze papegaaien-loop weer die iconische aantrekkingskracht van een doodgewone, kleine beweging in een gewoon Hollands landschap, die doorgaans onopgemerkt voorbijgaat en door de kunstenaar uit de werkelijkheid is geplukt om hem vlak bij de werkelijkheid, zonder poespas weer op te dienen. Daarbij vloeit de raadselachtigheid vanzelfsprekend voort uit het contrast tussen hallucinerend vluchtig gefladder en eindeloos durende loop. Weer is het een vederlichte en magische ode aan de schoonheid van het gewone leven, aan vogels die tekenen in de lucht.


Zolang Van Warmerdam dit soort klassiekers maakt, is het 'meisje van de film loop' een niet te versmaden geuzennaam.


Marijke van Warmerdam: een uniek retrospectief. - 22 januari 2012, in Museum Boijmans Van Beuningen Rotterdam, boijmans.nl


Bij de tentoonstelling is een oeuvre-overzicht in boekvorm verschenen: Marijke van Warmerdam - Close by in the distance. A catalogue raisonné.


Koningin van de korte 'loop'

De tot beeldhouwer opgeleide Marijke van Warmerdam, geboren in 1959 in Nieuwer Amstel, deed voor het eerst van zich spreken in 1992. Voor de nieuwe huisvesting van de prestigieuze Rijksakademie van Beeldende Kunsten bouwde ze een skateboardbaan waarop van straat geplukte skaters hun kunsten vertoonden. In de jaren negentig maakte ze snel carrière met haar handelsmerk, de korte film loop, waarbij begin en einde van de film aan elkaar zijn geplakt. (Foto Bert Nienhuis)


Alles in scène gezet

De films van Van Warmerdam lijken op registraties van de werkelijkheid, maar zijn zorgvuldig in scène gezet. Voor Handstand en Douche heeft ze een aantal mensen gevraagd handstand te doen, respectievelijk te komen douchen. Want niet iedereen kan even goed douchen, is haar nuchtere commentaar. Ze koos uiteindelijk voor acteur Jaap Spijkers, die de waterstralen vol overgave over zich heen laat komen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden