Eindelijk weer een hoofdprijs voor Feyenoord

Toch weer gelezen, helaas ook in het zogenoemde oor op de voorpagina van onze eigen Volkskrant: Feyenoord pakt troostprijs.

Nergens gelezen in de stukken op de sportpagina, dat woord troostprijs. Maar degene die de zogenoemde balk maakt, zeg maar de etalage van de dag met het aanprijzenswaardige nieuws, vond het blijkbaar nodig dat woord weer te gebruiken. Troostprijs, in blauw gedrukt. Cliché. En nog onwaar ook.

Onzin zelfs. In Nederland zijn twee echte prijzen te verdienen in het profvoetbal: het kampioenschap, de belangrijkste onderscheidng, en de KNVB-beker. De Johan Cruijff Schaal is weinig fantasievol een troostprijs te noemen.

De voorronde van de Champions League halen of een plaats in het UEFA Cup-toernooi afdwingen: het is prachtig voor de penningmeesters en voor de spelers, maar het is geen prijs. Het voelt misschien als een prijs. Dat kan.

En voor Feyenoord is de KNVB-beker al helemaal geen troostprijs, want Feyenoord is die topclub op papier die zo weinig wint en al sinds 1999 wacht op een kampioenschap; die al sinds 1995 de beker niet had veroverd.

Dan is de KNVB-beker gewoon een prijs, een mooie prijs zelfs.

We hebben in Nederland bovendien de rare gewoonte om in katzwijm te vallen bij het aanschouwen van de wedstrijden in de FA Cup. Schitterend toch. Prachtig toernooi. Wat een traditie. We komen superlatieven tekort.

Welnu: de KNVB-beker bestaat sinds 1899 en de eerste winnaar was RAP uit Amsterdam. Het toernooi heeft soms een klungelige indruk gemaakt door organisatorisch geknoei en voortdurende wijzigingen in de opzet, maar het staat nu redelijk.

De profs van de topclubs doen bijna vanaf het begin mee en ze kunnen ook uitwedstrijden loten tegen amateurs. Feyenoord moest zes duels winnen om de prijs te pakken en had daarbij mazzel vijf keer in eigen stadion te spelen: tegen Utrecht, Groningen, Zwolle, NAC en dus in de finale tegen Roda. Alleen tegen Deurne speelde Feyenoord buiten Rotterdam.

De KNVB moet onzalige voorstellen als het spelen van een uit- en thuiswedstrijd in de halve finale weerstaan. Het enige jammerlijke aan het bekertoernooi is dat Nederland geen neutraal stadion heeft voor de finale, en dat Feyenoord dus altijd thuis speelt als het de eindstrijd haalt. Dat is jammer en oneerlijk.


Over troostprijs gesproken: als bijvoorbeeld PSV in de halve finale van de Champions League verliest van Chelsea en het landskampioenschap van Nederland op de laatste dag verspeelt aan Ajax, mag de KNVB-beker voor één keer een troostprijs worden genoemd.

In alle andere gevallen is het gewoon een mooie prijs. Een hoofdprijs, zeg maar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.