Eilanders creëren vrijhaven voor petabytes

IJsland is na het Icesave-debacle helemaal terug. Het eiland is op weg 'het Zwitserland van de bits' te worden. De opslag van data wordt omgeven door moderne wetgeving. Hier is privacy gewaarborgd.

De Amerikanen zijn vertrokken van de luchtmachtbasis Keflavik. De rijen flatgebouwen op de kale rotsen van Zuidwest-IJsland zijn half verlaten, de vlaggen zijn gestreken, de koude oorlog is voorbij. Maar rond de oude vliegtuighangar staat een nieuw hek. Je kunt hier nog steeds niet zomaar naar binnen.


Nu liggen er andere geheimen.


Hier, in deze oude loods, liggen data opgeslagen. Honderden petabytes, nullen en enen van verzekeringsmaatschappijen, cloudaanbieders en bijvoorbeeld autofabrikant BMW, verstopt in metalen kasten met groene en gele lampjes. Buiten is het kil, binnen stroomt de warme tocht van zoemende computers, alsof er een metro aankomt. Het zijn de data die worden aangevoerd.


Na het hek volgt nog een hek en een deur en een bewaker en nog meer deuren. Veiligheid, daar draait het om, zegt Tate Cantrell, de hoogste technische man van Verne Global, de Britse eigenaar van deze datafabriek. 'Voor je hier bij de servers bent, moet je door negen barrières. En je moet eerst nog op het eiland zelf zien te komen. We liggen echt heel geïsoleerd. Hier kan niemand bij je data komen.'


Het was een Amerikaanse privacyvoorvechter, John Barlow, die in 2008 een revolutionair idee lanceerde voor het vulkanische eiland. IJsland moest 'het Zwitserland van de bits' worden. Zoals het Alpenland met zijn bankgeheim een magneet voor financiële instellingen was geworden, zo zou IJsland dat met informatie doen. Alle openbare gegevens zouden volkomen transparant worden, alle privé- gegevens zouden volledig privé blijven. IJsland zou een vrijhaven worden van de nieuwe wereld.


'IJsland heeft natuurlijk een andere ambitie dan de grote mogendheden', zegt Cantrell, een dertiger met een baard die eens in de twee weken uit Virginia naar IJsland vliegt. 'Als Amerikaan kan ik dit zeggen: het zou heel moeilijk worden onze opslagdiensten aan Europese klanten te verkopen als we in Amerika zouden zitten.'


Het was de crisis die de suggestie van Barlow deed landen. IJsland, dat steunde op de Icesave-achtige spaarconstructies van zijn twee grootste banken, klapte als een kaartenhuis in elkaar toen die constructies bezweken. De banken gingen failliet, de IJslandse kroon verloor tweederde van zijn waarde, niemand wilde meer zaken doen met de eilandbewoners. Toen vroegen de IJslanders zich af: hoe laten we zien dat we ook een andere kant hebben? Hoe kunnen we weer trots worden op onszelf?


'De crisis heeft ons goed gedaan', zegt parlementariër Birgitta Jónsdóttir, in haar kantoortje in het centrum van Reykjavik. 'Het was perfecte timing. We wilden iets anders worden. Iets waarvoor we ons niet hoefden te schamen. Iets fatsoenlijks.'


Jónsdóttir is een multimediaveteraan die halverwege de jaren negentig een bedrijfje opzette dat de eerste online-radio-uitzendingen van IJsland verzorgde. Ze zat in 2009 in een houten huisje in Reykjavik met een zekere Julian Assange te werken aan een journalistiek project: WikiLeaks. Het was een jaar voordat via deze klokkenluiderssite explosieve informatie naar buiten zou komen over een helikopteraanval op burgers in Bagdad. 'We hadden het over een ideaal land waar klokkenluiden, bronbescherming en openbaarheid van informatie standaard zou zijn. En dat IJsland dat land zou kunnen zijn.'


IJsland heeft altijd wat eigenzinnige trekjes gehad. De Amerikaanse schaker Bobby Fisher kreeg er in 2005 politiek asiel, omdat IJsland vond dat de Amerikanen hem onrecht aandeden. IJslandse vissers jagen op walvissen. En het is dus de uitvalsbasis van WikiLeaks. 'We zijn eilanders', zegt Jónsdóttir.


Nog een bijzondere IJslandse eigenschap: een eindeloze hoeveelheid energie die uit het binnenste van de aarde omhoog komt. Daar worden twee grote aluminiumsmelterijen mee gevoed, maar die energie zou ook kunnen worden gebruikt voor data-opslag, was een idee dat al rondzong.


Daar kwam de schaamte over de banken dus bij. In 2010 nam het nieuw verkozen parlement mede op aandringen van Jónsdóttir unaniem een voorstel aan dat moest leiden tot de verhoopte vrijheid van pers en bescherming van bronnen: het Icelandic Modern Media Initiative, kortweg Immi. Het idee was om de beste wetten van de wereld op dit vlak naar IJsland te kopiëren. Bronbescherming uit Zweden: want daar is het voor een journalist illegaal een bron te verraden (laat staan dat hij daartoe kan worden gedwongen, zoals in Nederland). Communicatiebescherming uit België: want daar kan een gesprek met een journalist nooit in een rechtszaak tegen je worden gebruikt. De wet op openbare informatie uit Estland: want daar zijn alle overheidsdocumenten in principe beschikbaar.


'Simpel gesteld: als privépersoon kun je nooit gedwongen worden je data prijs te geven', schrijft een adviseur van Verne Global in een analyse van de IJslandse vrijhaven.


En dat vinden bedrijven interessant. Boven een winkelcentrum in Reykjavik, aan een gang met gekleurde stoeltjes, zitten mannen in T-shirts die hopen geld te gaan verdienen met de IJslandse data-ideeën. Dit is het Innovation House, een ruimte voor start-ups in de tech-sector. Weinig franje, hier wordt gewerkt: kale lokalen, af en toe een wit schoolbord, en vooral computers. 'Vijf jaar geleden was voor een bank werken het beste wat je kon doen met je leven', zegt softwareontwikkelaar Sverrir Berg. 'Nu komen al die jongens en meisjes uit de universiteit en zetten een eigen bedrijf op, willen hun eigen geld verdienen, willen iets creëren. Natuurlijk, het lukt niet altijd, er gaan bedrijven op de fles, maar dat is geen taboe meer. Het hele land heeft gefaald en nu mag je ook zelf falen.'


Zelf is hij in Vivaldi.net gestapt, een mail-, chat- en fotodeelsite voor mensen die hun communicatie niet met de rest van de wereld willen delen - bijvoorbeeld niet met de Amerikaanse inlichtingendienst NSA. 'IJsland is een goede plek om eigenaar te blijven van je eigen inhoud', zegt Berg. 'We willen zeker weten dat de privacy van de gebruiker is gegarandeerd. Het grootscheepse scannen van mailtjes, zoals Google doet - dat doen wij niet. We bewaren geen logs, niets. En de NSA kan niet makkelijk bij de mail, omdat onze mailservers op IJsland staan.'


Goed, natuurlijk kunnen de Amerikanen de onderzeese kabels aftappen: wie zich daartegen wil wapenen zal zijn mails moeten versleutelen. 'Maar dan ben je in principe zo veilig als je eigen computer is.'


De Immi-wetgeving is daarbij vooralsnog een wenkend perspectief. Er moeten elf wetswijzigingen worden doorgevoerd en die zitten nog in een taai parlementair proces. Berg vindt de IJslandse basishouding echter al genoeg reden om zich zeker te voelen. 'De IJslandse autoriteiten hebben nog nooit de data opgevraagd van een communicatiebedrijf', zegt hij. Dit in tegenstelling tot Nederland, waar opsporingsautoriteiten tienduizenden keren per jaar telefoon- en e-mailgegevens opvragen van verdachten. 'Dat we dit in IJsland niet doen is een bewijs van goede wil. Hoe we dat weten? De autoriteiten moeten naar de rechtbank en moeten het vertellen. Die openheid zie je in niet veel andere landen.' En als die Immi-wetten er komen, dan zal dat een enorme doorbraak zijn, denkt Berg. 'Dan wordt IJsland het centrum van de datacentra.'


Maar die wetten zijn er dus nog niet, moet ook Jónsdóttir erkennen. De privacyvoorvechtster (blauwgroen haar, getailleerde donkerblauwe ribfluwelen zeeroversjas tot op haar knieën) kwam in 2013 met twee collega's voor de Piratenpartij in het parlement; de partij haalde bijna 6 procent van de stemmen. 'De grote internetbedrijven blijven ons vragen wat de status van het Immi is', zegt ze. 'Dan zeggen we: het zit in de pijplijn, nog even geduld.'


Het punt is dat de regeringscoalitie sinds vorig jaar conservatiever van kleur is en hoe IJslands en eigenwijs ze ook zijn, ze minder begaan zijn met de persvrijheid en vrijheid van meningsuiting. Jónsdóttir: 'Ook vanuit een kapitalistisch oogpunt zou het logisch zijn om wat meer tempo te maken met het proces. Stel dat Google hier een datacentrum opent, dan zou dat onze technologische industrie een geweldige boost geven. Of stel dat een mediaorganisatie als The Guardian deels vanuit IJsland zou gaan werken, zodat hun computers niet meer in beslag kunnen worden genomen. En bedenk hoe zo'n wet een inspiratie kan zijn voor juristen, dat worden echt juristen van de 21ste eeuw. Dat alles bij elkaar zou een enorme stimulans vormen voor de economie die we willen zijn. Geld is niet het criterium waar ik naar kijk, maar voor de rechtse partijen is dataprotectie dus ook interessant.'


Hoeveel er met de nieuwe IJslandse corebusiness wordt verdiend is niet duidelijk. Het gaat om enkele tientallen miljoenen euro's, zegt Einar Tómasson, die buitenlandse investeerders moet lokken (naast datacentra doet hij ook film: IJsland doet het goed als decor voor Hollywoodproducties). Een bedrijf als Vivaldi heeft zo'n tienduizend gebruikers, de meeste uit het buitenland. Hoe het bedrijf zijn geld gaat verdienen, als het niet is met gerichte advertenties, wil Berg nog niet zeggen. Voorlopig draait hij op één investeerder.


Hoeveel werkgelegenheid de datacentra met zich mee brengen is natuurlijk ook de vraag. Verne Global heeft in IJsland een stuk of 25 mensen aan het werk. Een Europees bedrijf dat onder IJslandse datawetgeving wil vallen, hoeft in principe maar één IJslander in dienst te nemen voor een brievenbusfirma in Reykjavik. 'Maar het zal toch uitstralen naar onze internetindustrie', verwacht Berg. 'Je krijgt een kruisbestuiving.'


En een Zwitserland van de bits? Lok je dan geen duistere figuren? Jongens in de marges van de wet, zoals Kim Dotcom van Megaupload, kijken al verlekkerd naar IJsland als een plek waar zij ongestoord hun gang kunnen gaan. Wordt IJsland straks geen paria in de internationale gemeenschap? 'Daar moet je voor oppassen', zegt Jónsdóttir, die ook Edward Snowden naar IJsland had willen halen. 'Die IJslandse onafhankelijkheid is een zwaard met twee kanten. Maar met de juiste wetten wordt het een stuk makkelijker om te doen wat we willen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden