Eiland Ellis

Hij maakt frisse poëtische liedjes en bewondert oudgedienden. Robert Ellis heeft zijn grenzen op een nieuw album verlegd. 'Weg met die comfortzone.'

Nee, je hoort Robert Ellis niet zeggen dat vroeger alles beter was, maar platen zo rijk als Still Crazy After All These Years van Paul Simon, of Hejira van Joni Mitchell, die worden nog maar weinig gemaakt.


Zelf is de 25-jarige Amerikaanse zanger-gitarist de eerste om te benadrukken dat zijn nieuwe plaat het niveau van deze popklassiekers uit het midden van de jaren zeventig niet haalt, 'maar we probeerden in ieder geval uit onze comfortzone te treden'.


Zijn comfortzone, zo vertelt Ellis in een Amsterdams hotel, was de countrymuziek, waarmee hij in Texas opgroeide, zoals iedereen in zijn omgeving. Maar na twee albums vol country, folk en andere Amerikaanse rootsmuziek werd de verleiding voor hem steeds groter al die andere soorten muziek waar hij met zijn vrienden naar luisterde in zijn eigen liedjes toe te laten.


'We zijn moderne jongens, opgegroeid met internet. Alle muziek die is gemaakt, is eenvoudig toegankelijk, waarom zouden we blijven doen alsof we geïsoleerd in de bergen wonen met geen andere muzikale bagage dan oude country en bluegrass?


'Ik hou net zo veel van jazz als van pop. Ik heb het werk van gitarist Derek Bailey net zo hoog zitten als dat van countryzanger George Jones. Waarom zou ik niet proberen daar iets mee te doen?'


Op The Lights From The Chemical Plant, zijn nieuwe album, slaagt Ellis er knap in zijn liedjes in de arrangementen meer kleur en spanning te geven dan gebruikelijk in het genre van Amerikaanse rootsmuziek waaruit hij voortkomt. Het is een prachtige liedjesplaat geworden, die ontsnapt aan het americana- keurslijf doordat Ellis zijn liedjes inkleurt met jazzy gitaarintermezzo's en saxsolo's, zonder het liedjesidioom geweld aan te doen.


De cover van Paul Simons Still Crazy After All These Years, halverwege de plaat, staat daar volgens Ellis ook niet zomaar. 'Dat album stond model voor Chemical Plant. Paul Simon zocht er de beste sessiemuzikanten voor uit, en recruteerde die ook uit de jazz. Iemand als saxofonist Michael Brecker bijvoorbeeld, gaf die plaat echt een tweede laag.'


De eerste laag, het liedje, daar wil Ellis eigenlijk niet zo aan tornen. 'Ik ben liedjesschrijver en zweer bij de couplet-refreinvorm en een mooie melodie. Maar waar ik op mijn vorige platen de andere jongens gewoon vroeg me te volgen, kregen ze nu improvisatieruimte. Altijd binnen de grenzen van het liedje hoor, maar een stukje saxofoon of een strijkje kan een liedje net meer drama geven. Dat soort details vind ik zo mooi aan die plaat van Paul Simon.'


Muzikaal is de plaat een enorme stap voorwaarts ten opzichte van zijn vorige, onder liefhebbers van country en singer-songwriters veelgeprezen plaat Photographs (2011). Ellis is meer voluit gaan zingen en tekstueel lijkt hij eveneens gegroeid.


Hij groeide op met de wetten van de oude countrymeesters. 'Blijf dicht bij de huiselijke omstandigheden, zoek het drama niet te ver buiten je familie en vrienden.' Herkenbaar menselijk drama als een man die zijn vrouw verlaat, dat was het werkterrein van de country, volgens Ellis. 'Hank Williams en George Jones zetten in een paar treffende zinnen een dramatische situatie neer, die iedereen meteen begreep.' Van andere helden, Randy Newman en Tom Waits, heeft Ellis geleerd dat je geloofwaardig kunt zijn door alles uit je duim te zuigen.


'Het liedje Bottle Of Wine, Bag Full Of Cocaine is sterk door Tom Waits beïnvloed. Je ziet zo'n loser voor je. Dat ben ik niet zelf hoor, maar de krakende piano en de andere muzikale omlijsting maken het geloofwaardig.'


Meer over hemzelf gaat Houston, waarin de protagonist de stad en zijn eerste grote liefde verlaat.


Ellis trok op zijn 17de met zijn vriendin naar Houston. 'Zij ging er studeren, ik wilde muziek maken.' De stad bleek een ideale plek voor Ellis om het vak te leren. 'Austin is dé muziekstad in Texas, maar dat is ook het nadeel. Iedereen met een beetje ambitie trekt daarheen. In Austin met 600 duizend bewoners is het als muzikant veel moeilijker je te onderscheiden dan in Houston, met drie miljoen mensen. De paar mensen met muzikale ambities zoeken elkaar op en beginnen zelf iets, wat meteen opvalt.'


Ellis zelf vond in Houston een groepje gelijkgestemden, 'net zulke omnivoren als ik', met wie hij nog altijd samenspeelt. 'Ik vond een club waar we iedere week op een vaste avond konden optreden. Eerst was dat in een shitty bar, voor tien, vijftien man.' Omdat er verder weinig te doen was voor muziekliefhebbers werden de avonden steeds populairder en moest Ellis uitwijken naar een grotere zaal voor wat de Whiskey Wednesday ging heten. Twee jaar speelde hij met zijn band in Fitzgerald's. Iedere week nam Ellis zich voor tien liedjes in te studeren, om zo het vak nog beter onder de knie te krijgen. 'Uiteindelijk heb ik een paar duizend liedjes leren spelen, country-klassiekers maar ook pop en rock 'n' roll. Al die bagage komt me nu goed van pas.' Hij had in Houston op de Whiskey Wednesdays kunnen blijven spelen, maar trok ineens naar Nashville. 'Weer een comfortzone waar ik uit wilde, denk ik. Ik voelde dat ik wat moest veranderen en de liedjes vlogen meteen over tafel.'


Nashville ademt nog steeds muziekgeschiedenis uit, vindt Ellis. Grote nieuwe sterren als Taylor Swift en Jack White zijn een trekpleister. 'Maar ook een paar niveaus lager, waar ik me bevind, is het heel collegiaal. Iedereen helpt elkaar.' Dat is ook wel nodig, stelt Ellis, want de muziek was vroeger niet noodzakelijkerwijs beter, maar de omstandigheden waarin zijn helden werkten waren dat wel.


'Joni en Paul hoefden hun verlanglijstje met vaak tientallen namen maar te sturen en de studio stond vol. Ik heb meestal geen geld om mijn vier bandleden te betalen. Dat maakt weleens jaloers. Maar goed, als ik er in 1975 was geweest, was ik dan opgemerkt? Misschien was ik wel te veel geïntimideerd geweest door zo veel goede muziek om me heen.'


Robert Ellis: The Lights From The Chemical Plant. New West/Warner


Tienduizend uur

Robert Ellis is een groot liefhebber van de boeken van de Amerikaanse journalist Malcolm Gladwell. Een van Gladwells onderzoeken, terug te vinden in Outliers (Uitblinkers, 2008) betreft de zogeheten tienduizend-uurregel. Gladwell toonde aan dat veel succes het gevolg was van heel lang oefenen of studeren. De Beatles, stelde Gladwell, waren zo veel succesvoller dan hun concurrenten omdat ze lange tijd, avond aan avond in ranzige clubs in Hamburg hadden gespeeld voordat ze doorbraken. Door meer dan tienduizend uur samen het podium gedeeld te hebben voordat ze de studio ingingen, overstegen ze iedereen. Ellis, die jarenlang een vaste wekelijkse speelavond in Houston had, gelooft in Gladwells theorie. 'Ik heb mijn uren wel gemaakt, maar Gladwell zegt er ook bij dat tienduizend uur oefenen geen garantie op succes biedt. Dus ik reken me nog niet rijk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden