Opinie

Eigenlijk wil je niet zien wat er in verpleeghuizen gebeurt

De ingezonden brieven van zaterdag 6 augustus.

Beeld Martijn Beekman

Akelig, maar waar

Na het lezen van het relaas van Liesbeth van der Heijden (O&D, 29 juli) besluit ik het maar eens in het openbaar te zeggen. Na enige jaren in verpleeghuizen te hebben rondgelopen als betaald metgezel, heb ik alle goede zorg daargelaten het akelige gevoel gekregen dat het helemaal niet de bedoeling is dat mensen er de laatste jaren van hun leven omringd door liefde en aandacht doorbrengen.

Het klinkt akelig, maar ik kreeg tijdens mijn werk steeds vaker de indruk dat er diep werd gezucht als ik in beeld kwam bij het verpleeghuispersoneel. Als metgezel werd ik ingehuurd door de familie van een oudere om hem of haar nog wat kwaliteit van leven te bieden door bijvoorbeeld samen naar muziek te luisteren, een luisterend oor te bieden of een kopje koffie te drinken. Bewoners leefden daar helemaal van op en ik ook, want oude mensen zijn een verrijking in je leven.

Het is heel erg dat het zover gekomen is in Nederland. Dat je in dit kleine, rijke en goed geordende landje niet achter de deuren van verpleeghuizen moet kijken, omdat je eigenlijk niet wilt zien wat daar gebeurt.

Josien Hoogland, IJmuiden

Bestuurders hebben geen benul van wat een zorginstelling zou moeten zijn

'We herkennen ons niet in dit beeld.' Dat zal ongetwijfeld wel weer de reactie van een Raad van Bestuur zijn op het schrijnende beeld dat Liesbeth van der Heijden over de laatste periode in het leven van haar moeder schetst.

Nee, natuurlijk herkent men dat niet, want terecht stelt Van der Heijden dat de verantwoordelijke bestuurders geen benul hebben van wat een zorginstelling zou moeten zijn. En niet alleen deze fors verdienende lieden, maar ook de managers die in vele gedaanten in verpleeghuizen rondlopen weten niet wat zich werkelijk op de werkvloer voordoet. Hoe zouden zij dat ook kunnen weten? Zij vullen hun werktijd immers in hoofdzaak met overleg, vergaderingen en besprekingen. Vlak ook de voor goed bestuur verantwoordelijke Raden van Toezicht niet uit. Zij lijken het opvullen van hun cv belangrijker te vinden dan adequaat toezicht plegen.

Ik spreek uit ervaring en kan mij de frustratie van Van der Heijden zo goed voorstellen.

Sinds twee jaar slijt mijn moeder, nu 95 jaar, haar dagen in een verpleeghuis. Als zij naar de wc moet, heeft ze maar te wachten tot het werkoverleg voorbij is; ze had het immers ook van tevoren kunnen aangeven.

Toen wij daarop inbrachten dat mijn moeder tijdens zo'n werkoverleg ook tevergeefs op de bel had kunnen drukken, bijvoorbeeld omdat ze zou zijn gevallen of erger werd ons te kennen gegeven dat haar dat ook in haar eigen huis had kunnen overkomen. Waar maakten we ons dus druk om?

Zo gaan we dus blijkbaar met onze ouderen om zodra ze, anders dan vanuit Den Haag voorgestaan, niet langer thuis kunnen blijven wonen, maar in een verpleeghuis opgeborgen moeten worden.

Rien Hazebroek, Hoorn

Ook 60-plussers ergeren zich aan e-bikes

Briefschrijver Annet Kooijmans vraagt zich af (O&D, 2 augustus) waarom jonge mensen zoals Jean-Pierre Geelen geïrriteerd raken door e-bikes. Ik ben slechts 67 en erger mij er ook enorm aan. Natuurlijk niet vanwege het feit dat mevrouw Kooijmans haar auto laat staan. Nee, waar ik me aan erger is het overheersende gedrag van berijders van een e-bike. Het 'ga eens opzij, want wij gaan veel sneller', dat ineens belangrijk schijnt te zijn voor senioren op de fiets.

Regelmatig rijd ik op mijn fantastische sportfiets met zeven versnellingen, in een vrij pittig tempo. Maar wanneer ik soms niet snel genoeg naar de rechterkant van het fietspad ga, word ik belaagd door een seniorenpaar, dat eindelijk een e-bike heeft gekocht. Wat is er in godsnaam mis met een beetje tegenwind en een regendruppel? Met je inspannen op eigen kracht en thuiskomen met het gevoel zelf te hebben gefietst?

M.A. Mattie, Uithoorn

Beeld Julius Schrank / de Volkskrant

Ga toch strietsen

Laat ik maar direct stelling nemen tegen briefschrijver Annet Kooijmans die zich onlangs verzette tegen de column van Jean-Pierre Geelen. Mevrouw Kooijmans, u beweert de laatste twee jaar 8.000 kilometer te hebben gefietst, maar sorry hoor: u hebt niet gefietst. U hebt 8.000 kilometer lang uw benen bewogen.

Overigens ook een hele prestatie, maar de definitie van fietsen is: het op eigen spierkracht voortbewegen van een voertuig, de fiets. Ik heb weleens gekscherend de e-bike een scootmobiel met trappers genoemd. Nou, een pittige discussie was gegarandeerd!

Om deze discussie van voors en tegens uit de wereld te helpen, pleit ik voor een nieuw woord voor het zich vervoeren per e-bike. Misschien is strietsen, een samenvoeging van stroom en fietsen, geschikt.

Als laatste het volgende: veel longartsen en ook cardiologen pleiten ervoor zolang mogelijk te blijven fietsen. Af en toe flink moe worden, is goed voor hart en longen. Dit aspect miste ik in het verhaal van Geelen, voor de rest ben ik het helemaal met hem eens. Ga pas strietsen als je op eigen kracht niet meer kunt fietsen. Dat ga ik later misschien ook doen.

Mart de Hoog (76), Boxtel

Onbestuurbaar

Het kan niet anders dan dat de stijging van het aantal dodelijke verkeersslachtoffers mede veroorzaakt wordt door meer ongelukken met e-bikes. Als eigenaar van een fietsenzaak kan ik stellen dat zeker 90 procent van alle e-bikes onbestuurbaar is voor ouderen. Dat komt doordat de frames van e-bikes hetzelfde zijn gebouwd als die van sportfietsen.

Fietsen met een dergelijke geometrie hebben een licht en wendbaar stuurgedrag en zijn het stabielst als er voorovergebogen op wordt gezeten. Maar voor de meeste ouderen is dat geen prettige rijhouding; ze krijgen last van tintelingen in de handen, pijn in de polsen, de nek en de rug. Als een reactie hierop zetten zij de verstelbare stuurpen zo rechtop mogelijk, maar dat maakt de e-bike onbestuurbaar omdat het gewicht dat stabiliteit moet garanderen daardoor naar achteren wordt geplaatst.

Het gevolg is een veel te licht en daardoor moeilijk stuurgedrag, waardoor stuurfouten en dus ongelukken onvermijdelijk zijn. Deze ontwerpfout wordt nog verergerd doordat de fietsen, althans de damesmodellen (waar ook veel heren op rijden), voor mensen die kleiner zijn dan circa 1,85 cm aan de voorkant te hoog zijn.

Het is de hoogste tijd dat fabrikanten en fietsverkopers aandacht gaan besteden aan deze ontwerpfouten, zodat veel onnodig leed kan worden voorkomen.

Erik Jan Dijkman, eigenaar van een fietsenzaak, Amstelveen

Onterecht negatief

Geelen haalt in zijn column berichtgeving uit het AD aan, waaruit zou blijken dat tijdens de fietsvierdaagse in Sint-Oedenrode 78 procent van de deelnemers op een e-bike reed.

Voor de goede orde beschikte vier jaar geleden 10 procent van de deelnemers over een e-bike, twee jaar geleden 50 procent en dit jaar dus 78procent. Desalniettemin heeft er de laatste twee jaar slechts één valpartij plaatsgevonden. Dat kwam doordat iemand tegen een paaltje reed, midden op het fietspad. In eerdere jaren vond er soms dagelijks een valpartij plaats door deze paaltjes.

Mijn conclusie is dat ouderen wel degelijk geleerd hebben om goed met hun e-bike om te gaan. Als organisatie hebben wij overigens geen routes aangepast, maar hebben we wel voor een duidelijke bewegwijzering gezorgd zodat deelnemers niet op een routebeschrijving hoeven te kijken en daardoor bijvoorbeeld tegen het achterwiel van hun voorganger rijden.

Rien Voets, voorzitter RooiFietst, de fietsvierdaagse in Sint-Oedenrode

Naschrift

Mooi interview met de bejaarde homo's Jaap en Max, over liefde en (zelf)acceptatie (V, 5 augustus). Maar toch jammer van het treurige en veelzeggende naschrift: Op verzoek van de geïnterviewden zijn namen en plaatsnamen veranderd.

John Romkes, Gouda

Smartphonegekte

Als mensen mij vragen waarom ik toch nog steeds geen smartphone heb en mij daarbij aankijken met een gezicht van 'je loopt echt hopeloos achter' kan ik vanaf nu met dank aan de Volkskrant verwijzen naar het interessante artikel van de Belgische hoogleraar internetbeveiliging Bart Preneel (Ten eerste, 6 augustus).

Hij toont aan dat we niet alleen volledig afhankelijk zijn van zeer slecht beveiligde technologie, maar dat we daarbij ook voortdurend worden gemanipuleerd. Samengevat: al je gegevens en contacten liggen op straat en iedereen weet alles van je.

Beeld ANP XTRA

Tegelijkertijd zie ik dat steeds meer mensen die aan hun smartphone verslaafd raken en, vooral in openbare ruimtes, nergens anders meer mee bezig lijken te zijn.

Vooralsnog kies ik dus voor een rustig leven, zonder smartphone. Ik kan het iedereen aanraden.

Joop van der Schaaf, Bussum

Oudere vrouwen

Maatschappelijke veranderingen zijn nodig, stelt Marjan Slob in haar column (O&D, 3 augustus), waar het de positie van oudere vrouwen betreft.

Ik vraag me af wat voor veranderingen Slob nodig vindt? Ik zie niet direct een misstand waarvan speciaal oudere vrouwen slachtoffer zijn. Volgens mij hebben wij het beter dan de meeste andere bevolkingsgroepen.

Zo zijn wij het minst vaak slachtoffer van geweldsdelicten; die treffen mannen en jongeren veel meer. We overleven onze partners nog steeds massaal en zeker de hogeropgeleiden onder ons zorgen buitengewoon goed voor zichzelf. We zijn sterk in sociale contacten; open, actief, ondernemend en leergierig. We hebben doorgaans leren relativeren, waardoor opgewonden gepraat over macht en onmacht ons niet meer zo raakt.

Dat wij onzichtbaar zijn, is ook maar ten dele waar. We zijn weliswaar onzichtbaar voor jongeren en mannen die afgaan op vruchtbaarheid, maar niet voor elkaar. Dat zal Slob vanzelf merken, vooral als ze grijs wordt: overal, op straat, op feestjes, in winkels, kijken oudere vrouwen speciaal naar andere oudere vrouwen, vaak met een glimlach van herkenning. Wij weten inmiddels hoe leuk wij zijn en hoe heerlijk het gezelschap van andere oudere vrouwen is.

Maak je geen zorgen, Marjan.

Lisette Thooft (63), Broek in Waterland

Wanbetalers

'Zachte hand helpt bij wanbetaler', kopt de Volkskrant (Voorpagina, 3 augustus). Mijn vader wist dat 60 jaar geleden al. Hij had een winkel voor woninginrichting in Ede. Een plaatselijke kapper had een wandmeubel gekocht, dat hij niet kon of wou betalen. Daarop trof mijn vader een zachte regeling met hem. Iedere week zou zijn zoon (ik dus) een kwartje (25 cent) komen halen. Ik mocht dat kwartje zelf houden. Op een gegeven moment werd die kapper het zo zat dat ik daar steeds in de volle zaak een kwartje kwam halen, dat hij het resterende bedrag in één keer betaalde. Ikzelf vond het ook geen lolletje elke week dat kwartje te moeten halen.

Koos Stomp, Hengelo

Guus Dubbelman

Prachtige foto van de Holland acht (Sport, 1 augustus). Mijn complimenten. Ook om zulke foto's blijft de Volkskrant mijn favoriete nieuwsbron.

J.H. Corts, Leidschendam

De Holland acht.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden