Eigen research eerst

Liegen en valsspelen zijn doodzonden in de wetenschap en openbaarheid van kennis is heilig. Groot is niettemin de verleiding om deze regels te negeren....

De pesterijen die bij die ondervraging aan het licht kwamen, draaien om geheimhouding. Onderzoekers willen niet zelden een gepubliceerd experiment nadoen of de in de publicatie beschreven techniek toepassen in een andere proef. Soms is dat moeilijk, omdat een publicatie niet alle technische details bevat. Daarom vragen wetenschappers aanvullende informatie of materialen aan bij de publicerende collega. Dat gaat niet zonder problemen, blijkt uit het Amerikaanse onderzoek.

Meer dan achttienhonderd biomedische wetenschappers van honderd Amerikaanse universiteiten vulden een vragenlijst in. De resultaten staan deze week in de Journal of American Medical Association. Bijna de helft van de ondervraagden verklaarde dat haar in de afgelopen drie jaar weleens de toegang tot informatie of materiaal was geweigerd door een collega.

In die periode verzonden de wetenschappers gemiddeld 8,8 aanvragen, waarvan 10 procent onbeantwoord bleef. Stoffen uit organisch materiaal, maar ook cellen, weefsels of zelfs hele proefdieren, zijn het moeilijkst los te peuteren van collega's. Eenderde van de vragen naar deze materialen werd geweigerd.

Het is te veel moeite om op een aanvraag in te gaan, verdedigde 80 procent van die onwillige collega's zich. Dat geldt vooral als een onderzoeker veel aanvragen krijgt. Dr. Huub Schellekens, directeur van het Gemeenschappelijk dierenlaboratorium van de Universiteit Utrecht, kan daarover meepraten. Zijn laboratorium kreeg tot vijf jaar geleden meerdere aanvragen per maand. Muizen en reagentia werden de hele wereld over gestuurd. 'Dat kostte ons duizenden euro's per keer. Toch hebben we van de helft van de aanvragers nooit meer iets gehoord. Ze meldden niet wat ze met onze spullen gedaan hebben of wat er uit hun onderzoek gekomen is. Dat is niet zoals het hoort.'

Angst om toekomstige publicaties van jezelf of van labgenoten in gevaar te brengen is ook een reden om geen informatie of materialen te willen uitwisselen, verklaarde 60 procent van de ondervraagde wetenschappers. De voorsprong op de concurrent moet behouden worden. Publish or perish is het credo: publiceer of ga ten onder.

'Daarom bedenken wetenschappers allerlei smoezen om het beantwoorden van een vraag uit te stellen', zegt Schellekens. 'Dat is vervelend want als je iemand om spullen vraagt, verwacht je dat je die krijgt. Als dat niet zo blijkt te zijn, zit je vast met je onderzoek.'

Systematisch onderzoek is er in Nederland nooit naar gedaan, maar de publicatie-paranoia is wel te merken bij subsidieverstrekker de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), zegt medewerker commmunicatie Michael van der Meer. 'Regelmatig vragen wetenschappers of we hun onderzoeksvoorstel maar niet door een concurrerende groep willen laten beoordelen. Het voorstel zou die groep maar op ideeën brengen.'

Sommige wetenschappers gaan een stapje verder. 'Het zegt genoeg dat onderzoekers altijd goed controleren of ze toegezonden krijgen waar ze om gevraagd hebben', zegt Van der Meer. 'Maar of mensen met opzet het verkeerde opsturen of dat ze gewoon slordig zijn, dat weten we niet.'

In een voorbeeld van Schellekens hoeft zelfs aan die opzet niet getwijfeld te worden. 'Ik ken een wetenschapper die zijn cellen met schadelijke straling bewerkte, voordat hij ze opstuurde naar de concurrentie.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.