Egypte is wel degelijk 'onze zaak'

In Egypte wordt nu een worst-case scenario werkelijkheid: de tiran vertrekt niet voordat hij zijn volk ziet bloeden.

’Duizelingwekkend snel veranderen de feiten en de emoties in de Egyptische revolutie. Zo ging het in 1989 in Oost-Europa, zo gaat het nu in de Arabische wereld. Geen live verslaggeving of tweet vanuit de kolkende massa kan de bevrijdingsroes overbrengen zoals die ter plekke aanvoelt. Ik kan het weten, want ik heb in 1989 in Timisoara op het zinderende Revolutieplein gestaan. Maar ook al lijkt die roes overal hetzelfde, de sociale, politieke en economische kansen en de democratische esprit van toen en nu verschillen. Wat er ook gaat komen, zulke historische momenten blijven reminders aan waarheden die onder een schrikbewind ondergesneeuwd raken: dat er in elke dictatuur een moment komt waarop het volk het niet meer pikt.

Bloeden
In Egypte wordt nu een worst-case scenario werkelijkheid: de tiran vertrekt niet voordat hij zijn volk ziet bloeden. Zo ging het ook in Roemenië, waar het bedremmelde volk na de executie van Ceausescu nieuw politiek tuig in het zadel hielp. Opvolger Ion Iliescu manipuleerde het revolutiegeweld om de macht te grijpen en versloeg een opstand tegen hem door gewelddadige mijnwerkers op de demonstranten af te sturen. Een fascistoïde tactiek, waar Mubarak ook voor kiest. Een nachtmerrie: de wensen van vreedzame betogers worden niet gehonoreerd, het regime zet huurlingen in voor chaos en geweld als prelude voor nog bloediger ingrijpen.

We blijven dus kijken naar de onvoorspelbare koers van de Egyptische revolutie. De vreugde is totaal verdampt en de toekomstscenario’s worden steeds grimmiger. De zeer realistische angst voor een islamistische machtsovername leidt te vaak tot naargeestig defaitisme: laat die Mubarak toch dat zootje ongeregeld bij elkaar houden. Bewijzen de rauwe gebeurtenissen van deze dagen niet het failliet van deze amorele optie?

Rancuneus
De tegengeluiden zijn daarentegen naïef, zo niet rancuneus. Wat wordt er nu toch veel sussend uitgelegd en bezworen dat de moslimfundamentalisten a) nauwelijks kans maken op de macht en b) helemaal niet zo erg zijn als we denken. De in haast opgetrommelde deskundigen aan de televisieborreltafels spreken zichzelf tegen: dezelfde mensen die het Westen beschuldigen niets voor Egypte te doen, roepen even hard dat het niet ‘onze zaak’ is als de Moslimbroeders gaan regeren. Pardon? Er wordt om hulp bij democratische hervormingen gevraagd en vervolgens moeten we afdruipen als antidemocraten het overnemen?

Zulke denkkronkels gaan aan de essentie van de veranderingen voorbij. Internationale inspanningen voor democratische hervormingen gaan gepaard met verantwoordelijkheid voor vrijheid en mensenrechten in Egypte. Zaken die onverenigbaar zijn met islamitisch fundamentalisme. Dat zou pas van cynisme getuigen: schouderophalend de islamisten hun gang laten gaan. En ja, een islamistische machtsovername in die regio zou wel degelijk ‘onze zaak’ zijn. De ellende die dat met zich meebrengt, blijft niet binnen de landsgrenzen.

Je kunt natuurlijk ook de problematiek ontkennen, zoals Tariq Ramadan dat in deze krant deed, door middel van een hoogtepunt uit zijn taqiyya-repertoire. Hij ziet het zo: de angst voor islamisten is je reinste demonisering, de werkelijke bron van ellende. Ai, we hebben ons dus vergist: het zijn de moslimfundamentalisten die voor democratie, economische en culturele bloei in de Arabische wereld (hadden) kunnen zorgen. Die hervormingskrachten zaten gewoon te wachten tot wij ophielden met demoniseren.

Grimmiger
Uiteraard is de werkelijkheid grimmiger en minder simpel dan Ramadans rancunepraat. De weg terug naar gedoogde dictators voor de lieve vrede loopt dood. Obama, die de Egyptische trots opgehitst heeft in zijn beroemde Caïrotoespraak, moet in actie komen. Er is een nieuw vredesmodel nodig voor veiligheid in het Midden-Oosten dat ook democratische hervormingen in de Arabische wereld in gang zet. De Europese Unie dient daarvan een ambitieuze vormgever te worden. Allereerst is het zinnig de discussie over wie wiens ellende veroorzaakt af te sluiten. Arabische landen moeten vertrouwen op de democratische ervaring van het Westen, dat op zijn beurt een liberale geest en geen paternalisme moet uitstralen.

Daar bestaat geen blauwdruk voor. Maar één ding is zeker: voor de overmacht van islamisme is er in zo’n samenwerking geen plaats, simpelweg omdat de democratie ophoudt daar waar het islamisme het voor het zeggen krijgt. Landen die daarvoor kiezen, staan hors concours in de race voor mensenrechten en welvaart in de Arabische wereld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden