Eerste doodstraf in Pakistans harde strijd tegen godslastering op sociale media

In Pakistan is voor het eerst een beklaagde ter dood veroordeeld omdat hij blasfemische uitingen over de islam via sociale media zou hebben verspreid. Het doodvonnis werd achter gesloten deuren uitgesproken door een contraterrorisme-rechtbank. De Pakistaanse regering voert sinds begin dit jaar een harde campagne tegen kritische uitlatingen op internet.

Premier Nawaz Sharif noemde blasfemie een 'onvergeeflijke misdaad'. Beeld afp

De 30-jarige Taimoor Raza, lid van de sjiïtische minderheid, werd vorig jaar april opgepakt op het busstation van Bahawalpur in de oostelijke Punjab. Hij zou laatdunkende opmerkingen hebben gemaakt over de vrouwen van de Profeet Mohammed en de leiders van de soennitische Deobandi-sekte. Ook zou hij 'haatzaaiend' materiaal hebben afgespeeld op zijn mobiele telefoon.

Raza's doodvonnis is volgens justitie gebaseerd op de blasfemische Facebook-posts die op zijn telefoon werden ontdekt. Belediging van de islam is in het aartsconservatieve Pakistan een ernstig misdrijf. Vorig jaar kregen 15 mensen er de doodstraf voor - al zijn die vonnissen nooit voltrokken. Raza is de eerste die de straf krijgt op basis van sociale media. Hij kan nog in beroep.

Volkswoede

Blasfemie op internet is het nieuwe front in Pakistan. Het thema werd gepusht door islamitische extremisten en begin dit jaar opgepakt door de regering van premier Nawaz Sharif, die blasfemie een 'onvergeeflijke misdaad' noemde. Volgens critici gaat het de regering helemaal niet om blasfemie maar om het aanpakken van online activisten en bloggers die het leger bekritiseren. Via de Prevention of Electronic Crime Act zijn al tientallen mensen opgepakt.

De regering heeft Facebook en Twitter opgeroepen mee te werken aan het opsporen van blasfemische uitingen van Pakistanen in binnen- en buitenland, zodat Pakistan hen kan vervolgen of laten uitleveren. Facebook wil dat doen op basis van de eigen gebruiksvoorwaarden en relevante wetgeving, maar dit staat op gespannen voet met de vrijheid van meningsuiting en de privacy.

Alleen al de verdenking van blasfemie kan in Pakistan leidden tot volkswoede en eigenrichting. Sinds 1990 zijn 67 mensen wegens vermeende blasfemie gelyncht. In april waren er drie incidenten, waarbij zeker twee doden vielen. In Chitral probeerde een woedende menigte een verwarde man te lynchen die godslasterlijke dingen had geroepen tijdens het vrijdaggebed.

Religieuze minderheden

Vooral religieuze minderheden als christenen, Ahmaddiya en sjiieten zijn doelwit van blasfemie-aanklachten. In januari 2011 werd de gouverneur van de provincie Punjab door zijn eigen lijfwacht doodgeschoten omdat hij openlijk kritiek had geleverd op de blasfemiewetgeving in een poging een christelijke vrouw te verdedigen die wegens blasfemie ter dood was veroordeeld.

Vaak worden onder het mom van blasfemie persoonlijke rekeningen vereffend. Dat lijkt ook het geval te zijn bij de geruchtmakende lynchpartij in april op de campus van een universiteit in Mardan. Daarbij werd de 23-jarige student Mashal Khan, online bekend als 'De Humanist', op gruwelijke wijze vermoord omdat hij zich op Facebook godslasterlijk zou hebben uitgelaten.

De politie concludeerde vorige week echter dat de moordpartij beraamd was door leden van Khans eigen seculiere studentenclub en docenten van zijn faculteit. Medestudenten zagen Khan als een rivaal nadat hij een tv-interview had gegeven over een door hem geleide protestactie, en docenten waren boos vanwege zijn kritiek op het onderwijs. 57 verdachten zitten vast.

Demonstranten met posters van de vermoorde student Mashal Khan vast. Beeld afp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden