Profiel

Eerst de harde hand, dan de zachte

Rel Nederland-Turkije

Al zijn hele leven is Lodewijk Asscher een man van de confrontatie: de schandpaal, gevolgd door een gesprek. Vaak met succes, maar in de kwestie-Turkije lijkt zijn tactiek averechts uit te pakken.

Asscher eerder deze maand tijdens een bezoek aan de Kuba Moskee in IJmuiden. Aanleiding voor het bezoek waren ongeregeldheden rond de moskee. Een bestuurslid werd mishandeld en bedreigd en er werd een varkenskop achtergelaten. Foto Guus Dubbelman/de Volkskrant

Hij zegt het met nadruk: integratie. 'Ik voel mij vandaag misschien wel meer dan ooit de minister van Sociale Zaken, Integratie en Werkgelegenheid (...) Ongewenste tweedeling kan de samenleving ontwrichten en dat mogen wij niet laten gebeuren. Dat vraagt om een harde en om een uitgestoken hand.'

Het is de dag na het uitbarsten van de knallende ruzie met Turkije. Lodewijk Asscher (40) verdedigt zijn begroting in de Tweede Kamer. De ruzie met Turkije staat niet op de agenda, maar integratie des te meer. En daar, zo benadrukt Asscher, is hij ook minister van. Het conflict met de Turken greep hij deze week aan om nog maar eens te laten zien hoe hij erin staat: geen concessies aan de eis tot integratie. Voor sommigen, zoals de uitgetreden PvdA'ers Kuzu en Öztürk, is hij daarmee de verpersoonlijking van de 'verrechtsing en verruwing' van het integratiedebat, een PVV'er in de PvdA. Maar dat is, voor wie hem volgt, hoogstens één kant van zijn profiel.

Helpende hand

Het integratiedebat is bij uitstek het terrein waarop hij zich thuis voelt. Daarover ging het vroeger thuis, daarover ging hij als wethouder in Amsterdam. Met zijn ouders ging het vaak over politiek. Zijn moeder was hoogleraar sociaal recht in Nijmegen, kroonlid van de Sociaal Economische Raad en PvdA-lid. Zijn vader was advocaat arbeidsrecht en is jarenlang lid geweest van de VVD. Lodewijk koos voor de partij van zijn moeder.

De familiegeschiedenis trok diepe sporen in het wereldbeeld van de minister. Zijn overgrootvader was in de Tweede Wereldoorlog voorzitter van de Joodsche Raad, die zich liet gebruiken door de nazi's bij de deportatie van de Joden. Zijn vader werd als baby uit de Hollandsche Schouwburg gesmokkeld, het verzamelpunt voor de deportatie van Joden uit Amsterdam. Na de oorlog werd zijn vader herenigd met zijn ouders, die de vernietigingskampen hadden overleefd.

Met de paplepel is Asscher ingegoten dat hij van huis uit kansen heeft, die moet pakken en dat hij zelf de plicht heeft iets van zijn leven te maken. Die plicht legt hij graag op aan anderen en wie de mogelijkheden van huis uit niet heeft, moet geholpen worden. Migranten hebben de plicht zich te verdiepen in het land waar zij zich vestigen. 'We reiken de helpende hand als dat wordt gevraagd en grijpen in als dat nodig is.'

Cemil Yilmaz (M) en Ulku Ogut (R), woordvoerder van een groep Turkse jongeren, kijken toe hoe minister Lodewijk Asscher (L) van Sociale Zaken op zijn ministerie de pers toespreekt. De jongeren bieden de minister een petitie aan naar aanleiding van zijn reactie op een onderzoek naar steun van Turkse jongeren aan IS. Foto anp

Confrontatie

In maart 2002, als Pim Fortuyn in Den Haag furore maakt, gaat Asscher de Amsterdamse gemeentepolitiek in en later leert hij daar als wethouder zijn zin krijgen. Als hij een kwestie aan de kaak wil stellen, kiest hij de confrontatie. Daarna, in gesprek met de geschoffeerden, hoort hij eerst de gekwetstheid aan om vervolgens afspraken over verbetering te maken. Zo werkt dat bij de ruzies over het ondermaatse niveau van het basisscholen in Amsterdam. Als dat succesvol is, mogen de schoolbesturen met de veren pronken en plukt Asscher de politieke vruchten.

Als minister houdt hij sinds 2012 vast aan die confrontatiepolitiek. Er is de helpende hand. Dan gaat het om taalcursussen en wegwijs maken in het land van aankomst. Maar daar komt ook het Participatiecontract bij, waarin nieuwkomers op hun rechten en plichten worden gewezen en daarvoor tekenen. Hij hamert, zoals het een jurist betaamt, op de grondrechten en de rechtsstaat die voor iedereen gelden - met alle rechten en plichten, ook voor nieuwkomers.

Asscher laat ook niet na racisme en discriminatie te benoemen. Hij heeft dat aan den lijve, ondervonden: op internet tiert het antisemitisme in combinatie met de naam Asscher welig. Donderdag nog trok hij in de Kamer fel van leer tegen PVV-woordvoerder Machiel de Graaf, die opriep tot het sluiten van alle moskeeën in Nederland. 'De heer De Graaf wekt de indruk allerlei soera's uit zijn hoofd te kennen, maar heeft geen enkel benul van wat in dit huis het belangrijkste geschrift is: de Grondwet van Nederland. Ik sta daar wel voor. Ik vind de uitspraken daarom verwerpelijk.'

Matigen

Zijn harde hand gaat Asschers imago steeds nadrukkelijker bepalen: de eerdere ruzie met Turkije over lesbische pleegouders, de confrontatie met Marokko over de verlaging van de uitkeringen, het anti-jihadplan tegen de Syriëgangers. Bij de presentatie van dat laatste plan overtrof Asscher zijn VVD-collega Opstelten in ronkende strijdkreten. Hij vergeleek jihadronselaars met slangen. 'Ik maak heel duidelijk wat voor valsheid er in hun boodschap zit. Welke adders er onder het gras zitten en welk gif zij verspreiden.'

Dat zijn momenten waarop bijvoorbeeld D66 vindt dat hij zich wat zou moeten matigen. 'Met apocalyptische teksten over de slang en het gif hitste hij het debat verder op', aldus partijleider Pechtold. Asscher noemt dat dan weer een zware aantijging. 'De slang is een respectabel reptiel, maar niet in de wieg van een baby.' Wie Asscher ten diepste wil grieven, moet zijn zachte aanpak negeren en zijn harde aanpak 'PVV-light' noemen.

Ook in zijn integratiebeleid kiest Asscher, naar beproefd Amsterdams recept, de aanval. Bijvoorbeeld in de confrontatie met de Turkse internaten en de Turkse organisaties in Nederland. Volgens dat recept spijkert hij hen eerst aan de schandpaal om vervolgens in gesprek te gaan over verandering. Met de internaten lukt dat, daar is een proces op gang gekomen. Rond de grote Turkse organisaties loopt het nu volledig uit de hand.

Zijn beslissing uit september om te onderzoeken in hoeverre die organisaties de integratie van Turken in Nederland in de weg staan, blijkt een bom met tijdmechanisme. De PvdA is twee Kamerleden kwijt, de betrekkingen met Ankara staan op scherp en de verhoudingen zijn zo verziekt dat een constructief gesprek met de organisaties zelf voorlopig niet in zicht is. Misschien komt het nog, maar ingewijden in de coalitie bevestigen dat het vooralsnog allemaal erg uit de hand is gelopen. Asschers confrontatiepolitiek blijkt niet altijd de kortste weg naar succes

Meer over