Eenzame Wierenga blijft bij oordeel

KO WIERENGA heeft geen reden om aan 'zelfbeschuldiging' te doen. In zijn rapport over de IRT-affaire mogen enkele 'onvolkomenheden' zijn geslopen, het eindoordeel over de opsporingsmethode en de analyse over de ontbinding van het IRT zijn naar eigen overtuiging 'grondig' geweest....

FRANK VAN ZIJL

De commissie-Van Traa zou eens wat minder goedgelovig moeten zijn als zij Amsterdammers achter de verhoortafel treft. Wierenga heeft aan den lijve ondervonden dat vanuit die hoek niet altijd de waarheid wordt verteld.

Hoofdofficier van justitie Vrakking maakt opmerkingen 'kort door de bocht' en 'uit de losse pols'; Nordholt komt met beweringen die hij op geen enkele manier kan staven. Nee, Ko Wierenga heeft daar niet veel mee op.

Het eindrapport over de opheffing van het IRT staat volgens de oud-burgemeester van Enschede nog als een huis. 'Ik sta voor wat ik heb gezegd.' En hoewel steeds eenzamer in die opvatting, kan hij rekenen op Elisabeth Schmitz, de oud-collega uit Haarlem en tegenwoordig staatssecretaris van Justitie. Zij voelde zich geroepen vrijdag te verklaren dat ze voor 'honderd procent' achter hem staat.

Dat de commissie-Van Traa daar op zijn zachtst gezegd vraagtekens bij zet, is de afgelopen weken wel duidelijk geworden. Tijdens de verhoren werden door direct betrokkenen feiten aangedragen die bij 'Wierenga' nergens zijn terug te vinden. Zoals daar zijn het criminele gewin van de informant in het IRT-onderzoek en de onthulling dat de politie zich deels door criminelen liet sponsoren.

Deze voor de beoordeling van de 'Delta-methode' toch cruciale feiten kwamen tijdens de enquête aan het licht en brachten 'Amsterdam' gaandeweg in een euforische stemming. Het bevestigde immers dat door hen terecht is besloten dat verrotte IRT te doen 'ontploffen'.

Namens de commissie ging vice-voorzitter T. de Graaf (D66) met een fileermes door Wierenga's rapportage. Hij legde bloot dat 'Wierenga' niet alleen belangrijke kwesties onbesproken laat, maar ook dat in het openbare en geheime deel tegenstrijdige conclusies worden getrokken.

Wellicht het meest ontluisterend waren de bronnen waarop de commissie-Wierenga zich baseerde bij de eindconclusie dat de door het IRT gehanteerde opsporingsmethode 'niet onrechtmatig' was. Het zijn precies die personen die in het IRT-drama lijnrecht tegenover 'Amsterdam' zijn komen te staan: de Utrechtse teamleider T. Lith en de Haarlemse officier van justitie O. van der Veen.

Uit verhoren van dit tweetal bleek eerder dat zij lang niet alles wisten van de wijze waarop het koppel Langendoen en Van Vondel (van de CID Haarlem) hun informant 'runden' in het onderzoek naar de 'erven-Bruinsma'. Wierenga heeft Van Vondel nooit gehoord en Langendoen was na de ontbinding van het IRT in dusdanige problemen dat daar 'nauwelijks mee te praten viel'.

Wierenga werd door Van Traa en De Graaf steeds meer in het nauw gedreven. Het was voor hem geen enkele reden gas terug te nemen. Hij heeft dezer dagen nog eens contact gehad met de overige leden van zijn commissie en het oordeel daar luidt nog altijd dat er niks mis is met het rapport.

Het 'springende punt' is volgens Wierenga of politie en justitie met een informant in zee moeten gaan om een hoger doel (het doordringen tot de top van een organisatie) te bereiken. Gezien de ernst van de strafbare feiten waaraan de 'erven-Bruinsma' zich schuldig zouden maken (liquidaties en handel in drugs, wapens en springstoffen) is daar bij 'Wierenga' geen twijfel over mogelijk.

De rol die 'Amsterdam' aan de informant blijft toedichten - hij zou in alle schakels van een drugslijn actief en daardoor oncontroleerbaar zijn - is bovendien onzin. Hoewel het aan een grondige vastlegging ontbreekt, houdt Wierenga met Van der Veen vol dat de controle in orde was.

Het verhoor van Wierenga riep herinneringen op aan de dialoog tussen Van Traa en Van der Veen. De officier verklaarde voor de commissie dat 'onder regie' van politie en justitie geen drugs zijn ingevoerd. Van Traa: 'Tonnen' Van der Veen: 'Geen gram'

Het is een kwestie van perceptie. In het nog altijd sterk gepolariseerde debat gaat het over vraag hoe groot de controle was over informant X, en hoe actief hij een rol kon spelen in de drugshandel. Van Traa, die de afgelopen weken zijn oor liet hangen naar de Amsterdamse visie, gaf vrijdag iets van zijn persoonlijke opvatting vrij. 'Minder dan Nordholt, meer dan Wierenga.' Ergens in dat grijze middenveld ligt vooralsnog zijn waarheid.

Frank van Zijl

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden