'Eenvoud, één tikje, daar hou ik van'

Hij voetbalt niet om de mensen te plezieren. Want het is niet erg om wedstrijden lelijk te winnen.

CHARLES BROMET

De topscorer van de eredivisie is geen erg geliefde voetballer in Nederland en er is niemand die hem dat hoeft uit te leggen. Toch zou Marc Janko het aardig vinden als hij wordt beoordeeld op datgene waarvoor FC Twente hem in de zomer van 2010 kocht van Red Bull Salzburg, voor een bedrag van circa vijf miljoen euro: het maken van doelpunten.

Dat houdt de zaken wel zo overzichtelijk, vindt hij. 'Ik word nooit wakker met de gedachte: hoe kan ik de mensen plezieren? Daar hebben we Lionel Messi al voor, internationaal gezien', zegt hij lachend.

'Efficiënt zijn: dat is voor mij het belangrijkste in het voetbal, omdat het mijn kracht is. Je ziet het terug in mijn doelpunten. Het is vaak één beslissend tikje, een schot of een kopbal. Die eenvoud, daar houd ik van.'

Het is ook de eenvoud waarop zijn trainer, Co Adriaanse, dol is. Als coach van Salzburg zag hij Janko in het seizoen 2008-2009 liefst 39 keer scoren. En nu zegt de Oostenrijker (28) dat hij in zijn tweede seizoen in Enschede opnieuw 'in the zone' is, de topsportbenaming voor de plek waar alles lukt.

'Ik zeg niet dat ik opnieuw 39 doelpunten ga maken. Vorig seizoen maakte ik al de fout door te roepen: dit is de nieuwe Marc Janko. Die fout wil ik niet opnieuw maken. Tegelijkertijd vraag ik me af: waarom zou je het niet proberen? Ik heb geen aanpassingsproblemen meer, Adriaanse geeft mij vertrouwen en zijn voetbalfilosofie, met veel voorzetten van de flanken, ondersteunt mijn kwaliteiten als aanvaller.'

Zijn cijfers bewijzen dat. Na zes speelronden in de eredivisie maakte hij al zeven doelpunten. Daarnaast scoorde hij in de voorronde van de Champions League tegen FC Vaslui (2), in wedstrijd om de Johan Cruijffschaal tegen Ajax en, vooruit, in het bekerduel tegen Zwaluwen. Toch zijn het vaak zijn onbeholpenheid in het combinatiespel en zijn beperkte technische vermogen die de aandacht trekken.

Adriaanse kent de bij veel volgers levende opvatting dat Janko het aanvalsspel ophoudt en dat Luuk de Jong als diepste spits meer vaart zou geven aan het spel van Twente. Nu staan ze naast elkaar, een compromis. En hoewel Twente vanavond als koploper naar Amsterdam reist voor de topper tegen Ajax, valt er een hoop aan te merken op het aanvalsspel van de ploeg.

'Maar ik ga niet zomaar 20, 25 doelpunten weggooien, ik kijk wel uit', zegt Adriaanse. 'Dan maak ik Marc kapot. En dat terwijl hij samen met Luuk ook goed tot zijn recht komt. We kijken nu met zijn allen naar een schilderijtje in de kleuren blauw en geel. Als Chadli weer aansluit bij de selectie, kan ik er met rood een derde, creatieve kleur aan toevoegen.'

Janko moet grijnzen als hij de uitleg van zijn trainer hoort. 'Wat nu als Luuk de komende twintig wedstrijden in de spits speelt en daarin 12 doelpunten maakt', stelt hij uitdagend. 'Dan kan hij het heel goed hebben gedaan, maar dan wordt er vast geroepen dat Marc Janko er meer zou hebben gemaakt. Voor sommigen doe je het namelijk nooit goed.'

Dat is geen ergernis, slechts een constatering. 'Zelfs in het seizoen dat ik 39 keer scoorde, was er kritiek. En nu dus weer. Wat moet ik daarmee? Ik ga mezelf niet neerschieten, omdat ik niet zo'n sierlijke speler ben als Bryan Ruiz of Nacer Chadli.'

Ergens vindt hij het ook wel mooi, de kritische benadering van Twente. 'Wat dat betreft verschillen Oostenrijkers en Nederlanders niet zo veel in hoe ze het voetbal beleven en beoordelen. Twente won zondag met 5-2 van ADO, werd koploper en het enige dat ik hoorde, waren klachten over het spel. Zo moet je het willen hebben als topclub: eerste staan en horen wat eraan mankeert.'

Het is in elk geval een andere benadering dan die van vier maanden geleden. Toen, op 15 mei, reisde Twente als koploper van de eredivisie naar de Arena voor de kampioenswedstrijd tegen Ajax. Het werd 3-1 en zelden waren de spelers zo hard geweest voor zichzelf. Twente had zich laten afbluffen door Ajax en zich bovendien laten intimideren door de sfeer in het stadion, klonk het toen.

Als invaller had Janko een week eerder de bekerfinale in De Kuip tegen Ajax met een kopbal beslist. In Amsterdam kwam hij na 68 minuten in het veld, toen de ontreddering al groot was. 'Het klinkt misschien obligaat, maar die wedstrijd moet als lesmateriaal dienen. We toonden te veel respect voor Ajax en dat mag gewoon niet.'

Zowel in die kampioenswedstrijd als in het duel om de Johan Cruijff Schaal,was Ajax dominanter en domweg beter. 'Maar wij wonnen dat laatste duel en daaruit moeten we ons vertrouwen halen. We moeten het niet erg vinden om wedstrijden lelijk te winnen. Ajax is kwetsbaar bij dode spelmomenten, omdat ze weinig kopsterke verdedigers hebben en een doelman die niet al te groot is. Daar ligt onze kans.'

.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden