Eens zal het waterbekken van Lievense er komen

Even waren ze nieuws. De zangeres met haar hit, de arts met zijn reageerbuisbaby's, de activist in Zuid-Afrika. Daarna verdwenen ze uit de schijnwerpers....

'HET uitdokteren van creatieve ideeën gaat me beter af dan bijvoorbeeld het maken van een damwandberekening.' De tastbare bewijzen voor die opmerking van ir. Lucas Willem Lievense, nu bijna 72 jaar, hangen in de gang van het statige kantoorgebouw van zijn raadgevend ingenieursbureau, een voormalige brouwerij in het centrum van Breda.

Daar zijn enkele van Lievenses waterbouwkundige hoogstandjes te zien op luchtfoto's van haventerminals in Zuid-Afrika en Israël. Er hangen ook een paar van zijn plannen in de vorm van montagefoto's van grote waterspaarbekkens voor de opslag van elektriciteit. Met zo'n innovatief spaarbekkenplan, waarvoor begin jaren tachtig de eerste aanzet werd gegeven, is de waterbouwkundige uit Delft bekend geworden.

Zijn bureau is actief bij het ontwerpen van allerlei projecten, variërend van pijpleidingen en de bouw van overslagterminals in havens tot kunstmatige eilanden voor de kust. De oprichter is echter in ruste, hij woont net over de grens in België. Een of twee keer in de week frequenteert hij nog zijn kantoorgebouw om administratieve zaken af te werken, of om met de staf wat bij te praten over lopende projecten. Uit belangstelling.

Het ontwerp voor een spaarbekken voor energie, dat door het leven gaat als het plan-Lievense, dateert van februari 1980. Toen kwamen de eerste schetsen en berekeningen naar buiten. In zijn eerste vorm behelsde het plan de bouw van een reusachtig waterbekken met een zestien meter hoge ringdijk midden in het Markermeer.

Op die honderd kilometer lange dijk moesten vierhonderd grote windturbines komen. Met de elektriciteit daaruit zouden grote turbines water vanuit het Markermeer in het spaarbekken pompen. In windstille periodes zou het water weer via die turbines teruglopen. Deze produceren dan op waterkracht elektriciteit. Het fluctuerende windaanbod en een wisselende vraag naar elektriciteit kunnen zo beter op elkaar worden afgestemd, stelt Lievense.

Vele studiecommissies hebben zich in de jaren tachtig stukgebeten op zijn plan. Tal van varianten zijn uitgewerkt en alternatieve opslagtechnieken voor elektriciteit zijn bekeken, met als uiteindelijk resultaat een metershoge stapel rapporten, maar geen concrete uitvoering.

Indertijd is een van de alternatieven voor zo'n Lievense-spaarbekken afgewezen: de opslag van in Nederland opgewekte elektriciteit in een stuwmeer van een waterkrachtcentrale in Noorwegen. Het leggen van een elektriciteitskabel van vele honderden kilometers lang maakte deze oplossing veel te duur, aldus Lievense.

De tijden, en daarmee de technologie, zijn veranderd. De gezamenlijke stroomproducenten, die indertijd niet veel moesten hebben van energie-opslagtechnieken, hebben inmiddels een contract afgesloten met Noorwegen voor stroomimport begin volgende eeuw. 's Nachts wordt stroom vanuit Nederland voor tijdelijke opslag richting Noorwegen gestuurd.

Lievense moet fijntjes lachen wanneer hij daarmee wordt geconfronteerd. Nee, dat is niet zijn verdienste. In zijn hart weet hij echter dat hij met zijn schetsmatige plan van 1980 voor dat opslagbekken de kiem heeft gelegd voor de concretisering van dat zogeheten Sep-plan.

De waterbouwkundig ingenieur is ervan overtuigd dat zijn spaarbekken in Nederland eens zal worden gerealiseerd. Met een dijk van zeventig kilometer hoog op die ideale plek vóór de Brouwersdam, drie kilometer uit de Zeeuwse kust. Het is niet ver van van Nieuwerkerk op Schouwen-Duiveland, waar hij werd geboren. In Zeeland verdiende hij zijn eerste sporen bij de uitvoering van de Haringvlietdam.

'Indertijd was de conclusie van een van die studies dat zo'n spaarbekken rendabel zou zijn bij een olieprijs van 26 dollar per vat. Ouderwetse dollars', zegt hij met enige nadruk. 'De olieprijs nu bedraagt niet meer dan twintig. Dus daar zit nog een flinke ruimte tussen. De uitvoering ervan zal nog wel even op zich laten wachten.'

Zieners hebben ideeën met lange looptijden. Want werd het ontwerp dat hij op verzoek van de provincie Zeeland in 1967 maakte voor een vaste oeververbinding over de Westerschelde indertijd in de media ook niet aangeduid met het plan-Lievense?

Nog geen maand geleden ging de Tweede Kamer akkoord met de bouw van zo'n oeververbinding tussen Zuid-Beveland en Zeeuwsch-Vlaanderen, bij Terneuzen. Het wordt een geboorde tunnel volgens de nieuwste technologie, stelt Lievense.

Zijn schetsmatige plan betrof een brug/tunnel-verbinding, met halverwege de Westerschelde een kunstmatig eiland. 'Het innovatieve daarvan was de constructie van een dubbele tunnelbuis, opgebouwd uit honderd meter lange pijpsegmenten, die allemaal in een paar dagen de Westerschelde in konden worden gevaren en daar op de bodem zouden worden gelegd. De scheepvaart zou maar weinig hinder ondervinden.'

Het leggen van grote buisleidingen door rivieren, gecombineerd met waterbouwkundige constructies, daar zit de expertise van Lievense. Geen wonder ook dat hij drie jaar geleden opnieuw in het nieuws kwam met het concept voor de zo omstreden Betuwespoorlijn.

Zijn idee daarvoor is een dubbele buisleiding voor het goederenspoor, ondergronds aangebracht in een soort dijklichaam, op die plaatsen waar een bovengronds spoor problemen geeft. 'Deze wijze van uitvoering, ook al is die goedkoper dan bijvoorbeeld een bakconstructie, lijkt politiek gezien een gepasseerd station', moet Lievense toegeven.

Enige weken geleden is hem gevraagd bij de Raad van State te komen uitleggen waarom het zo funest is dat de Betuwelijn niet dieper dan twee meter onder het maaiveld mag worden aangelegd. Elke innovatieve variant voor die goederenspoorlijn, inclusief zijn pijpconcept, wordt zo in de kiem gesmoord, aldus Lievense. 'In feite is er niet goed gekeken naar alternatieven, en waar ben je dan als land mee bezig.'

En dan is er nog zijn inzet voor de uitvoering van het plan van de Stichting Tulp, die op zijn initiatief tot stand kwam. De stichting zet zich in voor de bouw van een categoriaal ziekenhuis voor Parkinson-patiënten, een slopende ziekte waar hij in zijn directe omgeving mee wordt geconfronteerd. Ook dat zal er komen, ergens in Nederland, is zijn hoop en overtuiging.

Broer Scholtens

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden