Eenmaal binnen ben je niets meer, alleen de groep telt nog

De werkwijze van de justitiële inrichting Den Engh is omstreden. Het geheim is dat de jeugdige veelplegers elkaar moeten opvoeden....

Wie voor het eerst in Den Engh komt, wordt helemaal gestript.Horloges, petjes, kleren, sieraden, zelfs de onderbroek moetingeleverd worden. Gekleed in een uniform gaan de jongens naarde kale groepsruimte. Die is expres viesgemaakt door de leiding.

Op de vloer ligt zand. Er zijn geen stoelen. Eten doe je metje handen, want bestek is er evenmin. Zelfs een klok ontbreekt.Klokken, bestek en stoelen vormen een van de vele privileges diede jongeren moeten verdienen met goed groepsgedrag.

De werkwijze van de justitiële jeugdinrichting Den Engh isvaak bejubeld, maar raakt steeds meer omstreden. Minister Donnervan Justitie overwoog vorige week in te grijpen - naar aanleidingvan een kritische evaluatie die hij had gekregen over deinstelling.

Maar na overleg met de Tweede Kamer kreeg Den Engh vorige weektoch toestemming om door te gaan op de ingeslagen weg.

De Utrechtse hoogleraar jeugdrechtspleging Ido Weijers heeftde dagelijkse praktijk in Den Engh gezien. Hij werd er nietvrolijk van. 'Het is de bedoeling dat ze elkaar opvoeden. Maardat werkt bij deze jongens niet. Het is herhaaldelijk onderzochtdat groepsdruk niet werkt. Groepen met probleemjongerenversterken juist elkaars negatieve gedrag.'

De Amsterdamse kinderrechters, die jeugdige veelplegers naarDen Engh sturen, zien dat een slag anders. 'Het is een soortontgroeningstactiek', vindt Han Bartels, voorzitter van deAmsterdamse kinderrechters. 'En het werkt. Wij zien echte aso'ssoms veranderen in heel normale jongens die je aankijken als jetegen ze praat. Die antwoord geven als je wat vraagt. Die weerplannen maken voor de toekomst. Ons probleem is meer dat diepositieve veranderingen meestal niet beklijven.'

Over een ding zijn vriend en vijand het roerend eens. Den Enghheeft een uitstekende public relations-strategie. Iedereen dieiets met justitie en kinderen te maken heeft in Nederland, is errondgeleid. Van Jan Marijnissen tot en met de koningin.

De verhalen van enthousiaste medewerkers, de bevlogenheid vande directie en het optreden van de charismatische directeur ArjanJonker, die doorgaans verschijnt in een keurig pak en met eenhorlogeketting op de buik, missen hun uitwerking niet. De meestebezoekers verlaten de bossen van Den Dolder met het prettigegevoel dat er eindelijk een plek is waar ontspoorde jongerenkeihard worden aangepakt, een heropvoeding krijgen en een goedekans maken op een niet-criminele toekomst.

Eindelijk een successtory in de strijd tegen dejeugdcriminaliteit. Dat is goed nieuws voor het kabinet, dathamert op orde en veiligheid. Directeur Arjan Jonker heeft detijd mee.

Of had de tijd mee? Steeds luider klinkt de klacht dat Jonkerkritische vragen ontwijkt en discussies blokkeert. VolgensGijsbert Boggia, regiobestuurder van de ambtenarenbond Abvakabo,heeft Jonker zijn hele 'hebben en houwen aan de instellingopgehangen'. 'Als je er aan komt, kom je aan hem. Hij komt onsverlossen van de jeugdcriminaliteit. De kleinste kanttekeningziet hij als een bedreiging.'

Het personeel weet er alles van. Toen Den Engh een paar jaargeleden onder vuur lag, wilde directeur Jonker weten of hetpersoneel hem wel steunde. De voor- en tegenstanders moesten ombeurten de hand opsteken.

'De discussie op Den Engh is versmald tot voor of tegen. Eeninhoudelijk debat komt er niet', aldus Boggia. Hoewel Jonker zijnpersoneel goed weet te motiveren, is er volgens Boggia geenruimte voor discussie. 'Hierdoor ontstaat een repressieve sfeer.'

De vakbondsbestuurder wordt in deze opvatting gesteund dooreen onafhankelijk evaluatie-onderzoek in opdracht van hetministerie van Justitie en een rapportage van de InspectieJeugdzorg. 'De werkwijze staat niet ter discussie', aldus deInspectie. 'Medewerkers die zich daar niet in kunnen vindenkrijgen coachings- en functioneringstrajecten aangeboden. Als datniet leidt tot andere inzichten, dan leidt dat tot het vertrekvan de betrokken medewerker.'

Dat neemt niet weg dat de meeste groepsleiders het erg naarhun zin hebben. 'Zeer actieve en betrokken mensen met een groteloyaliteit ten opzichte van de jongens, maar met geringepedagogische kennis', aldus de Inspectie.

Het personeel, deels ex-militairen, wordt intern geschoold.Dat moet ook wel, want de aanpak van Den Engh stoelt niet opgangbare inzichten of wetenschappelijke theorieën. Nergens wordtdeze, aan de Rijksuniversiteit Groningen ontwikkelde, maar nietwetenschappelijk geëvalueerde methode toegepast.

Kern van het beleid is: niet opsluiten maar opvoeden.'Allemaal retoriek', vindt Ido Weijers, de hoogleraarjeugdrechtspleging. 'Die jongeren zitten gewoon opgesloten.Achter hoge hekken en prikkeldraad. Om iemand op te voeden is eengezagsverhouding nodig. En vertrouwen. En affectie. Maar dat isallemaal taboe. De jongeren moeten elkaar opvoeden. De leidingkijkt toe.'

Volgens Weijers is een persoonlijke benadering van de jongenserg belangrijk. 'Je moet letten op de behoeften en mogelijkhedenvan het individu. Daar ontbreekt het volledig aan. En als hetallemaal effect zou hebben, oké. Maar na tien jaar kan Den Enghnog niet aantonen dat hun aanpak werkt.'

Het is moeilijk onafhankelijke wetenschappers te vinden diede werkwijze verdedigen. Directeur Jonker promoveerde in 2004 opeen onderzoek naar de behandelmethode. Op dat onderzoek kwamnogal wat kritiek, met name op de cijfers die Jonker publiceerdevan jongeren die na een verblijf in terugvielen in hun crimineleleven.

Volgens de directeur zou 9 procent van de Den Engh-jongens naeen jaar opnieuw een delict plegen. Een uitzonderlijk laag getal,vergeleken bij de cijfers van andere jeugdinrichtingen, waarvolgens recent onderzoek na een jaar 39 procent recidiveert.

'Een draak van een proefschrift', vindt emeritus hoogleraarorthopedagogiek Jan van der Ploeg. 'Van wetenschappelijkonvoldoende kwaliteit.' Hoewel de hoogleraar waardering heeftvoor het enthousiasme waarmee Jonker met deze 'heel lastigejongens' aan de slag is gegaan, is hij erg kritisch over hetpromotie-onderzoek. 'Het was een unieke kans voor Jonker om aante tonen dat de groepsmethode werkt. Die kans heeft hij latenliggen.'

Ook Wim Slot, hoogleraar opvoedkunde, heeft zijn bedenkingen.'De effectiviteit van de groepsmethode is niet bewezen. Dat geeftniet, want er zijn meer instellingen die methoden gebruiken dieniet wetenschappelijk onderbouwd zijn. Maar dan moet je nietclaimen dat het werkt, terwijl dat nog helemaal niet zeker is.'

Daarover blijven de meningen verdeeld. Eveline van der Schraafvan de commissie van toezicht: 'De Rijksuniversiteit Groningenzet geen handtekening onder een promotie die niet deugt.'

En volgens Ko Rink, de Groningse hoogleraar die de promotievan directeur Jonker leidde, zijn tal van studies aan de gangom de wetenschappelijke basis van de groepsmethode op Den Enghte staven.

Rink: 'Er bestaat een vrees tegen de groepsaanpak. Maarkinderen zitten toch ook met elkaar in een klas? Als je op dejuiste manier leiding aan de groep kan geven, is het een goedsysteem.'

De jongens zelf ervaren de eerste maanden op Den Engh veelalals een nachtmerrie. Zo blijkt uit het evaluatie-onderzoek datminister Donner van Justitie liet uitvoeren.

'Toen kwam ik in de luchtkooi en daar stond een hele grotetent met zand erin. Wij moesten toen met baby-schepjes dezandhoop verplaatsen. Pas als dat klaar was kregen we te eten.'

'We moesten stoelen zagen uit een boomstam. Een kokosnootuitlepelen om uit te drinken. Ik kreeg er blaren van. Ik vond datecht verschrikkelijk.'

'Ik moest meteen al mijn kleren uit doen. Daarna kreeg ikkleren van hun. Een overall met vlekken erop. Alles veel tegroot. Schoenen maat 44 terwijl ik toen maat 40 had. Een veel tegrote onderbroek.'

In de eerste maanden moeten de jongens alles verdienen.Rookpauzes, sporturen, bezoek, post, verlof en ga zo maar door.De leiding pakt deze 'privileges' weer af als de groep of eengroepslid in de fout gaat. De jongeren ervaren het als een grootonrecht dat ze gestraft worden voor het gedrag van anderen.

Uit de programma-evaluatie van Den Engh van april 2005: 'Hetwas moeilijk, ik wist niets over de groepsstraf, de sfeer wasslecht, je begrijpt het niet, niemand begrijpt het, iedereenschrikt en je moet het zelf oplossen.'

Collectieve straffen zijn in de Beginselenwet JustitiëleInrichtingen verboden. Zelfs bij zoiets ingrijpends als eenopstand in de gevangenis mogen de gedetineerden die zich afzijdighebben gehouden niet gestraft worden.

In dit opzicht handelt Den Engh in strijd met de wet. Datstuit de kinderrechters tegen de borst. 'Den Engh moet aan de wetvoldoen', vindt de Amsterdamse kinderrechter Han Bartels. 'Ditkan niet nog tien jaar zo doorgaan.'

De Tweede Kamer gaf de jeugdinrichting vorige week hetvoordeel van de twijfel. Den Engh mag voorlopig door.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden