NIEUWSsrebrenica-veteranen

Eenderde Dutchbatters heeft kwarteeuw na Srebrenica nog altijd behoefte aan nazorg

Een kwart eeuw na de uitzending naar Srebrenica heeft een op de drie Dutchbat III-veteranen behoefte aan zorg of ondersteuning. Vrijwel alle Dutchbat-veteranen voelen zich onvoldoende erkend en gewaardeerd.

Veteranen van Dutchbat III. Beeld ANP
Veteranen van Dutchbat III.Beeld ANP

Zij wijzen daarbij vooral op de berichtgeving in de media en het ontbreken van voldoende steun van het ministerie van Defensie. Dat blijkt uit een maandag gepubliceerd onderzoek onder veteranen van Dutchbat-III en hun familieleden door het ARQ Nationaal Psychotrauma Centrum waaraan werd deelgenomen door meer dan de helft van de 763 uitgenodigde veteranen.

Het onderzoek is uitgevoerd op verzoek van Defensie. De aanbevelingen van een onafhankelijke ‘begeleidingscommissie’ bij het onderzoek richten zich op de wijze waarop de veteranen tegemoet kunnen worden gekomen en hoe Defensie de omgang met zijn veteranen kan verbeteren.

‘Een juist verhaal van de kant van Defensie, dat recht doet aan de gebeurtenissen en daarmee aan Dutchbat III ontbreekt in de ogen van veel Dutchbat III-veteranen’, zei voorzitter van de begeleidingscommissie Hans Borstlap bij de presentatie van het rapport maandag. Tweederde van de Dutchbat III-veteranen ‘heeft behoefte aan aanvullende initiatieven op het gebied van erkenning en waardering.’

‘Met een grote groep veteranen gaat het goed’, aldus Miranda Olff, directeur onderzoek en strategie bij ARQ. ‘Maar een kwart van de veteranen ervaart een hoog aantal posttraumatische stressklachten.’ Een deel van de veteranen krijgt niet de hulp die ze zoeken, voegde ze eraan toe.

Uit de vergelijking met veteranen van andere missies, blijkt hoezeer Dutchbat III-veteranen blijvende problemen ervaren. Meer dan eenvijfde noemt de kwaliteit van leven onvoldoende, vier keer meer dan andere veteranen. Maar liefst 62 procent voelt zich niet gewaardeerd door de overheid en Defensie, bijna vijf keer meer dan het geval is bij andere veteranen. Eenderde vindt dat de uitzending een negatieve invloed heeft gehad op het leven nadien (andere veteranen: 6 procent) en 84 procent van Dutchbat III-veteranen voelt zich niet gewaardeerd door berichtgeving in de media. Bij veteranen van andere missies is dat percentage 15.

Hoewel de meeste aanbevelingen zijn gericht aan Defensie, gaat de eerste vooral over de manier waarop politici over zaken van oorlog en vrede communiceren: ‘Vermijd als regering en parlement een te rooskleurige voorstelling van zaken bij de besluitvorming over voorgenomen missies en tijdens de uitvoering van missies; wees realistisch over de omstandigheden, de risico’s en gevaren. Benoem de feiten en wees reëel in de beeldvorming.’

Het onderzoek maakt duidelijk dat veel veteranen tot op de dag van vandaag moeite hebben met de manier waarop Defensie communiceert over de val van Srebrenica. Defensie zou volgens Borstlap actiever moeten zijn in het weerspreken van onjuiste berichtgeving in media. In het algemeen, luidt een andere aanbeveling van de begeleidende commissie, ‘moeten het ministerie van Defensie en alle betrokken organisaties bij de uitvoering van het veteranenbeleid voorkomen dat zij tegenstanders worden van de veteraan.’

Tekst gaat hieronder verder

25 jaar later

Hoe gaat het met Dutchbat III-veteranen 25 jaar na dato? Bijgaand enkele citaten van veteranen uit het rapport “Focus op Dutchbat III”

“In 2012 heb ik een terugreis naar Srebrenica gemaakt. Daarna was het goed en kon het boek dicht voor mij. Sindsdien kan ik er beter mee leven met wat er daar gebeurd is.”

“Ik heb nu pas hulp gezocht omdat ik vastloop. Ikzelf heb mijn problemen 25 jaar lang weggedrukt. Omdat mijn omgang met mijn vrouw en kinderen er onder te lijden heeft ben ik nu onder behandeling bij een traumacentrum.”

“De kameraadschap en op elkaar kunnen bouwen en altijd met schaarse middelen voor het hoogst haalbare gaan met elkaar zie ik als positief en onbetaalbaar.”

“Nog wekelijks word ik geconfronteerd met het mislukken van de missie. Het heeft ernstige consequenties gehad voor mijn carrière bij Defensie. Nog steeds slaap ik slecht en kan ik me niet lang op een onderwerp focussen.”

“Er zit zoveel meer in het leven, het is er gewoon niet uitgekomen. Daarna is het gewoon altijd fout gegaan zeg maar. Ik heb geen een baan weten te houden, geen een relatie weten te houden.”

Volgens Borstlap hoeft de wet niet te worden aangepast: met de komst van de veteranenwet in 2012 en het veteranenbesluit uit 2014 ‘volstaan om een aan de eisen van deze tijd aangepast veteranenbeleid te voeren’. Niettemin kan Defensie nog veel stappen zetten om de Dutchbat III-veteranen te helpen. Ten eerste moeten alle veteranen opnieuw benaderd worden met de vraag of ze hulp of assistentie van Defensie nodig hebben. Ook zou defensie alle Dutchbat III-veteranen moeten aanbieden terug te reizen naar Srebrenica, omdat dit kan helpen bij de traumaverwerking.

Tot slot heeft de commissie-Borstlap twee aanbevelingen om tegemoet te komen aan het door Dutchbat III-veteranen ervaren gebrek aan erkenning en waardering: een ‘duidelijke verklaring van Defensie als werkgever en de Nederlandse regering als opdrachtgever’ - en het uitkeren van een ‘symbolisch bedrag’ a vijfduizend euro voor elke veteraan die deel uitmaakte van Dutchbat III, of zijn of haar nabestaanden.

Minister van Defensie Bijleveld zegt zich de aanbevelingen ‘zeer ter harte te nemen’ en hoopt al in januari met een kabinetsreactie te kunnen komen. Ze hoopt dat het beeld van Dutchbat III 25 jaar na dato ‘definitief wordt omgekeerd, van een plek aan de schandpaal naar een breed gedragen erkenning voor de situatie waarin zij verkeerden.’

Bijleveld hoopt binnenkort ook een schaderegeling bekend te kunnen maken voor de nabestaanden van 350 Bosnische mannen die zich op de Dutchbat-compound bevonden en onder dwang door Bosnische Serviërs zijn meegenomen en gedood. De Hoge Raad bepaalde vorig jaar dat de Nederlandse staat voor 10 procent aansprakelijk is voor het lot van de mannen.

Meer over Dutchat

Dutchbat III-veteraan: ‘Wij zullen nooit vergeten wat er is gebeurd, maar kunnen het hopelijk wel afsluiten’

Hoe gaat het nu met de mensen van dat bataljon? Regisseur Tea Tupajic zette er vier op het toneel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden