Een zorginstelling zonder bingo en bloemkool

De interculturele zorg komt maar moeilijk op gang. Witte hulpverleners stuiten op schaamte en onbegrip bij allochtonen. Maar soms gaat het goed: ‘Erdogan begrijpt ons.’..

In een knaloranje outfit staat Bea Aziem groente te snijden in de versierde gemeenschapsruimte. Als teammanager Leon Koch binnenkomt, rent ze met open armen naar hem toe om hem te knuffelen. Ze wijst hem op haar oranje glitternagels en jubelt dat Nederland-Denemarken zo gaat beginnen.

‘Ja, dat weet ik toch’, lacht Koch en slaat een arm op haar heen. Vanuit de aangrenzende ruimte klinkt gelach en vrolijke muziek, waarop Hindoestaanse ouderen dansen. Aziem (48) is verstandelijk beperkt en woont met 21 anderen in Het Karmijn, een woonvoorziening voor Surinaams-Hindoestaanse mensen met een verstandelijke beperking in de multiculturele Haagse Schilderswijk van zorggroep ’s Heeren Loo.

Hoewel de meeste cliënten van Surinaams-Hindoestaanse afkomst zijn, zijn ook andere nationaliteiten en religies welkom. Voor islamitische bewoners wordt halal gekookt, op dinsdag wordt naar hindoegebruik geen vlees bereid. Alcohol is taboe.

Succes
Het idee voor een Surinaams-Hindoestaanse woonvoorziening werd ruim tien jaar geleden geboren. Drie jaar geleden werd het gebouw in gebruik genomen. ‘Het is een groot succes’, zegt initiatiefnemer en manager Koch. ‘Wij hebben verstand van alle culturen en respect voor alle religies. Ik heb nog nooit een vacature gehad, omdat iedereen hier wil werken. En iedereen integreert hier. Onze cliënten winkelen en werken bij de allochtone ondernemers hier in de buurt. Omgekeerd staan zij altijd voor ons klaar als er eens wat stuk is.’

Het Haagse initiatief is een van de schaarse voorbeelden van etnisch diverse zorg in Nederland. Ondanks de toenemende behoefte aan maatwerk, komt interculturele zorg maar moeilijk op gang. Op een enkel kleinschalig initiatief na voor Chinese, Surinaamse of islamitische ouderen, is de zorg nog vrijwel volledig georganiseerd en gestandaardiseerd naar oer-Hollands model: bloemkool, aardappels met jus en een bingoavond als vertier in plaats van muziek, dans of een zelfbereide maaltijd uit de eigen cultuur. Geen zorg op maat dus.

Zorginstellingen worden zich langzaamaan bewust dat hun gestandaardiseerde aanbod niet aansluit op de behoefte van cliënten uit andere culturen of religies. Ze zien de eerste islamitische ouderen eenzaam wegkwijnen in een ‘wit’ verzorgingshuis, en Marokkaanse of Turkse moeders worstelen met de zorg voor hun gehandicapte kind of hulpbehoevende ouders. De vrouwen houden vast aan de traditie zelf voor hun zieke familieleden te zorgen, maar worden ook afgeremd door schaamte en onbekendheid met het Nederlandse aanbod. Als ze al terecht komen bij een zorginstelling, dan stuiten ze veelal op ongemak en onbegrip bij de Hollandse zorgverleners. Het gevolg is dat veel niet-westerse allochtonen niet of veel te laat zorg krijgen.

Neem het Turkse gezin Baydar in Oss. Vader Mustafa heeft een verstandelijke beperking, moeder Rahime spreekt amper Nederlands en twee van hun drie kinderen hebben ernstige leerproblemen. Sinds een half jaar krijgen ze wekelijks bezoek van hulpverlener Erdogan Kaya. ‘Een verademing’, vindt Rahime die al jaren bij de huisarts komt met gezondheidsklachten als gevolg van stress. Kaya helpt hen met het aanvragen van voorzieningen of financiële tegemoetkomingen en het invullen van alle papieren. Maar ze praten ook veel met elkaar; over de gezondheidsproblemen, de opvoeding en de spanning in hun gezin. Dat kan, zeggen de Baydars, omdat Kaya van Turkse afkomst is. ‘Hij spreekt de taal en begrijpt onze cultuur.’

Kaya kwam in aanraking met het gezin via het project ‘Een Gezonde Bloss’; een initiatief van de organisatie voor verstandelijk gehandicapten Dichterbij in Oss om niet-westerse allochtonen te bereiken. Hulpverleners benaderen gezinnen thuis en onderzoeken of er behoefte is aan hulp. ‘Mensen worden direct met de juiste instantie in contact gebracht’, zegt directeur Helen Flören. ‘Korte lijntjes. Dat is ons geheim.’

Dichterbij heeft eerst laten onderzoeken waarom allochtonen de organisatie niet wisten te vinden. De belangrijkste conclusie van onderzoekster Saadet Büyükkaya: het begrip verstandelijke handicap of beperking is nauwelijks bekend bij de doelgroep, laat staan dat het als probleem wordt onderkend. ‘Ze zien het als een straf van Allah of herkennen de eigenschappen niet als een ziekte. Ze hebben gewoon een kind dat een beetje naïef is, of teruggetrokken, of anders’, zegt Büyükkaya.

De problemen zijn des te groter: overbelasting van de ouders, spanning in het gezin, leerproblemen, schooluitval, schulden, criminaliteit, verslaving. ‘Jongeren met een verstandelijke beperking zijn in alle opzichten een makkelijke prooi’, weet de Turks-Koerdische hulpverleenster.

Weggestopt
Als mensen wél hun problemen onderkennen en hulp willen, dan weten ze de weg niet, vertelt Büyükkaya. ‘In het land van herkomst zijn ze niet bekend met onze vorm van zorg. Ze zijn bang dat hun kind in een ‘gesticht’ wordt weggestopt. Daarop moet je als hulpverlener inspelen. Niet stigmatiseren en de zorg uit handen willen nemen, maar mensen ondersteunen in de zorg voor hun familieleden. Met respect voor hun eigen cultuur en gewoonten.’

Dat gaat niet vanzelf, weet Yassin Dogruyol, vader van de verstandelijk gehandicapte Ayse. ‘Mijn dochter was het eerste moslimmeisje in de dagbesteding van Dichterbij. In mijn cultuur is het gebruikelijk dat meisjes alleen worden verzorgd door vrouwen. Hier kan dat niet.’

De traditionele Dogruyol is zich met vallen en opstaan thuis gaan voelen in de Nederlandse zorg. Nu vertelt hij als oud-voorzitter van de moskee in Oss zijn Turkse buurtgenoten welke mogelijkheden er zijn voor zorg. En waar ze moeten zijn om hulp aan te vragen. Voor ‘Een Gezonde Bloss’ een ‘heel belangrijke schakel’ met de Turkse gemeenschap, zegt directeur Flören.

Schaamte weerhoudt veel niet-westerse allochtonen ervan hulp te zoeken. Maar ook trots en familie-eer zijn cultureel bepaalde emoties waarmee veel Nederlandse hulpverleners geen raad weten. Voor Dogruyol bijvoorbeeld is het idee zijn ouders – die overigens in Turkije wonen – ‘weg te stoppen’ in een instelling onbespreekbaar. ‘Wat zouden de buren wel niet denken? Al valt mijn vrouw erbij om, dan blijven we nog voor ze zorgen.’

Veel problemen in allochtone gezinnen blijven dus verstopt achter de voordeur. ‘Dat brengt niet alleen grote gezondheidsrisico’s mee, maar het belemmert ook de integratie’, zegt Eelco Daamen, bestuursvoorzitter van de Amsterdamse thuiszorgorganisatie Cordaan.

Hoewel Daamen het als een vanzelfsprekende maatschappelijke plicht ziet om te zorgen voor toegang tot zorg voor iedereen – ‘in Amsterdam is een op de drie zorgvragers al van niet-westerse afkomst’ – beaamt hij dat etnisch diverse zorg ook in zijn organisatie nog maar moeizaam van de grond komt. Het huidige politieke klimaat helpt bepaald niet mee, denkt Daamen. ‘Er is grote huiver om beleid te ontwikkelen voor verschillende etnische doelgroepen.’ Zo stelde de PVV onlangs in Almere kritische vragen over de bouw van een huis voor islamitische gehandicapte kinderen.

Volgens Moustapha Baba van Mexit, een intercultureel managementadviesbureau, is er sprake van een ‘maatschappelijke tijdbom’. Maar tot zijn verbazing ontbreekt het gevoel van urgentie. Het onderwerp interculturele zorg ontbreekt op de beleidsagenda van het ministerie van Volksgezondheid.‘Straks krijgen we de maatschappelijke gevolgen keihard terug.’ Oud-minister Hoogervorst zette een streep onder alle projecten met specifieke zorg voor allochtonen. ‘En nu zitten we op de blaren’, zegt ook Ronald May, coördinator intercultureel management bij Altrecht geestelijke gezondheidszorg in Utrecht.

Weerstand
Er is sprake van een vicieuze cirkel, constateert May. ‘Tegen de tijd dat allochtonen bij hulpverleners aankloppen is de problematiek vaak al heel groot. De combinatie met taalproblemen en een andere culturele achtergrond vraagt dan om extra inzet en tijd van de hulpverleners. Dat roept weerstand op.’

Bovendien staan zorgverleners volgens May door de ingevoerde marktwerking onder druk om productie te leveren. ‘Ze worden afgerekend op resultaat. Dan is het aanlokkelijker om in dezelfde tijdspanne drie Nederlanders te behandelen.’ Die verzakelijking staat zorg op maat in de weg, denkt May. ‘Zeker in een samenleving die harder wordt, minder tolerant is en minder mededogen toont.’

Het ‘witte gezicht’ dat de meeste zorginstellingen tonen, is één van de grootste struikelblokken voor allochtonen. Zorginstellingen komen met moeite aan zorgverleners met een andere culturele achtergrond. Vooral Turkse en Marokkaanse jongeren kiezen niet snel voor een carrière in de zorg en dat maakt het lastig de doelgroep te bedienen, zegt manager diversiteit Jos Artz van ’s Heeren Loo.

Boom
Het Karmijn in de Haagse Schilderswijk bewijst dat etnisch diverse zorg ook voor de organisatie goed uitpakt. Coördinator Leon Koch heeft nooit problemen personeel te vinden en met een ziekteverzuim van 2 procent – tegen 6 procent gemiddeld in de zorg – is de tevredenheid onder het personeel groot. ‘Iedereen heeft recht op een eigen boom’, zo luidt een Surinaams gezegde dat veel gebezigd wordt in Het Karmijn. ‘Recht op het beleven van zijn eigen cultuur’, bedoelt Koch daarmee: ‘Als wij bij mensen binnenkomen, trekken we onze schoenen uit, en stappen we niet meteen op de vrouw des huizes af. Die benader je voorzichtig met gepaste afstand.’

Die kennis is ook niet vanzelf gekomen, geeft Koch nu toe. ‘Ik heb ook weleens een vrolijke Hollandse meid naar een islamitisch gezin gestuurd die binnen een uur het huis uit werd gezet. Ze was veel te frivool gekleed, denderde de badkamer in met haar schoenen aan en toonde geen respect voor de moeder.’

Maar het kan anders, zo ervaart Erdogan Kaya dagelijks. ‘God zegene u’, zegt moeder Rahime elke keer als hij aankomt bij het gezin Baydar in Oss. De vrouw is dolblij dat ze een uitlaatklep heeft en dat Kaya bereid is tot onorthodoxe oplossingen. ‘Af en toe moet je een gokje nemen’, zegt Kaya. ‘Buiten de gebaande paden treden en kijken wat het oplevert. Mijn autochtone collega’s zeggen al snel: regel is regel. Voor interculturele zorg moet je flexibel zijn en je verdiepen in de achtergrond van de mensen die je verzorgt.’

Zorginstellingen raken zich ervan bewust dat standaardisering dit proces in de weg staat. Ze geven de ruimte aan enthousiaste initiatiefnemers als Koch bij ’s Heeren Loo of Büyükkaya van Dichterbij. Bovendien worden ze ook gestimuleerd door zorgverzekeraars die hun verzekerdenbestand in rap tempo zien veranderen. ‘Wij zien dat onze Turkse en Marokkaanse verzekerden steeds vaker zorg zoeken in het land van herkomst en dan terugkomen bij de huisarts met halve informatie, met alle gevolgen van dien. Blijkbaar worden ze hier niet goed genoeg bediend’, zegt Herman Flens van verzekeraar Agis.

Xenofoob
De verzekeraar heeft inmiddels zorgcentra ingericht in Turkije, Marokko en Suriname om bijvoorbeeld kostbare dubbele diagnostiek te voorkomen. Ook probeert Agis Nederlandse ziekenhuizen aan te sporen beter in te spelen op de zorgvragen van verschillende patiëntengroepen. Met Stichting Pacemaker, een Amsterdams kenniscentrum voor interculturele zorg, werkt Agis aan een keurmerk voor ‘migrant friendly hospitals’. ‘Dan gaat het dus niet alleen om halal eten of een gebedsruimte, maar vooral om bejegening van patiënten’, zegt Flens. ‘Er is soms echt sprake van xenofoob ongemak in de spreekkamer van de dokter.’

Nederlanders zijn vaak heel direct, weet Koch nu. ‘In veel culturen communiceert men via een omweg.’ En dan is er godsdienst. ‘Ik weet nu bijvoorbeeld dat het geen zin heeft om met een behandelplan aan te komen bij moslims. In Nederland stellen we stapsgewijs doelen en zoeken we naar praktische oplossingen, maar in de islam geldt: insjallah, als God het wil.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden