bericht uitOeganda

Een werkvergunning verlengen in Oeganda – zelfs mijn innerlijke zenmeester schuimbekt ervan

Traditionele dansers bij een nieuw aangekochte Airlines Bombardier CRJ900 in Kampala. Beeld Nicholas Bamulanzeki / ANP / AFP
Traditionele dansers bij een nieuw aangekochte Airlines Bombardier CRJ900 in Kampala.Beeld Nicholas Bamulanzeki / ANP / AFP
Mark Schenkel

Omdat er een nieuw jaar is aangebroken, begint voor mij in Oeganda ook weer de periode waarin ik mezelf moet voorhouden dat geduld een schone zaak is en dat er licht is aan het einde van de tunnel. Toegegeven: ik slaag hierin niet altijd even goed. Of wat ik eigenlijk bedoel te zeggen: mijn innerlijke zenmeester begint spontaan te schuimbekken als ik mijn agenda opensla en lees: ‘WERKVERGUNNING VERLENGEN!’

Het begint ermee dat ik de jaarlijkse papiermolen draaiend moet zien te krijgen: los van een pasfoto en een kopie van mijn paspoort gaat het om een brief waarin de Volkskrant de immigratiedienst verzoekt om mijn vergunning te verlengen, een brief van de Oegandese mediaraad (als bewijs dat ik, tegen een bedrag van 325 dollar, geaccrediteerd ben), een bewijs van de opleidingen die ik heb doorlopen en een bewijs dat ik geen crimineel ben. Dit laatste vergt een bezoek aan het kantoor van Interpol in Kampala, alwaar mijn vingerafdruk wordt afgenomen (wel eerst naar de bank, om 30 dollar te betalen).

Het geld is ook iets waardoor ik met het servies wil gaan smijten, want voor een werkvergunning van een jaar moet ik – nog afgezien van de bijkomende kosten – 2.500 dollar neertellen (en opnieuw naar de bank gaan). Een meevaller is dat ik nu niet circa 1.000 dollar ‘borg’ hoef te betalen, dat hoefde slechts eenmalig, toen ik jaren geleden voor het eerst een vergunning aanvroeg. Met de verplichte borg sta ik garant voor een enkele reis richting Schiphol voor mezelf, mochten de Oegandese autoriteiten ooit nog eens besluiten me het land uit te zetten.

Met kopieën van de hele papierwinkel bij de hand begint de volgende fase, waarin je geduld danig op de proef wordt gesteld: het uploaden van de documentatie op de website van de immigratiedienst. Dat blijkt om mysterieuze redenen vaak godsonmogelijk, tenzij je je jpeg-bestanden zo ver verkleint dat ze zelfs met een microscoop niet meer zijn te lezen. Het uitproberen van verschillende computers wil soms nog weleens helpen, waardoor je jezelf bij kennissen, collega’s of in een obscuur internetwinkeltje terugvindt.

Wat ik doe in een poging om niet in blinde razernij te ontsteken, is mezelf eraan herinneren dat het verlengen van een werkvergunning tegenwoordig tien keer soepeler verloopt dan tot een jaar of vijf geleden. Het proces verliep toen nog niet online. Als slachtvee dromden ik en tientallen andere aanvragers altijd samen bij het loket van die ene, cruciale immigratieambtenaar, die zijn uitgebreide lunchpauze steevast aankondigde door de gordijntjes voor zijn betraliede raam dicht te trekken, terwijl wij, gedwee wachtenden, een halve zonnesteek opliepen.

Tegenwoordig hoef ik ook niet meer te vallen voor de verleiding van een immigratie-advocaat die de dingen wel eventjes zal ‘bespoedigen’. Nooit zal ik vergeten hoe ik die beginnersfout beging. De dame in kwestie, Evelyn, nam bezit van mijn paspoort als ware het een gijzelaar. Pas na enkele weken slaagde ik erin om mijn reisdocument vrij te krijgen en eigenhandig het proces van de werkvergunning voort te zetten. Zo bezien is de procedure tegenwoordig eigenlijk heerlijk rustgevend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden