Een werkezel met een grote mond

Minister A. Jorritsma van Verkeer en Waterstaat verdedigt deze week haar begroting in de Kamer. Haar collega-ministers leggen de komende tijd verantwoording af....

THOM MEENS

ANNEMARIE Jorritsma nam zich bij de aanvang van het ministerschap voor dat ze geen geld wilde overhouden op haar begroting. Dat is gelukt. In hoog tempo ontwikkelt haar ministerie van Verkeer en Waterstaat plannen voor dijkverzwaringen, bruggen, tunnels en verbeteringen aan het openbaar vervoer, zoals vrije busbanen. Dat heeft niet geleid tot minder files, ze staan wel op andere plekken.

De minister voerde de werkdruk zo hoog op dat ze nu plannen op de lange baan moet schuiven omdat het geld op is. Maar met gevoel voor politiek weet Jorritsma de Kamer zo te manipuleren dat die zelf op zoek gaat naar geld. Zoals voor de ontsluiting van de Amsterdamse wijk IJburg bijvoorbeeld, een voor de Kamer heilig plan dat geen vertraging mag lijden.

Aan dadendrang heeft de VVD-minister van Verkeer en Waterstaat geen gebrek. Kettingroker Jorritsma is een werkezel die geen minuut onbenut laat. Als ze per dienstauto van de Tweede Kamer naar haar departement gaat, een tijd van tien minuten, speelt ze het soms klaar van begin tot einde te slapen.

Jorritsma kan een aantal spraakmakende projecten op haar conto schrijven, al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat die projecten veelal door het vorige kabinet in gang zijn gezet. Maar zij deed de debatten over de Betuwelijn en de hogesnelheidslijn, het vliegveld Beek en Rijksweg 73 in de Tweede Kamer.

Niet alles ging zoals de minister wilde. De Betuwelijn werd honderden miljoenen duurder, de HSL zelfs meer dan een miljard. Bij vliegveld Beek haalde ze wel nachtvluchten binnen, maar minder dan zij wilde en alleen aan de randen van de nacht. Bij andere besluiten, zoals over de toekomst van Schiphol en de Tweede Maasvlakte, wist ze het kabinet niet tot spoed aan te zetten.

De dadendrang van Jorritsma brengt haar geregeld in conflict met de Tweede Kamer. Geen minister uit zo openlijk haar ongenoegen en ongeduld als Jorritsma. Ze interrumpeert de Kamer te pas en te onpas en ze negeert de mores dat een minister pas praat als de Kamer klaar is. De enkele keer dat ze haar mond weet te houden, spreekt haar lichaam boekdelen. 'Ik begrijp dat ik op mijn bodylanguage moet letten', zei ze deze zomer niet zonder zelfspot.

Haar temperament en grote mond spelen haar soms parten, maar bepalen ook haar kracht. Bij de bonzen van het openbaar vervoer en de luchtvaart houdt ze zich moeiteloos staande. Jorritsma laat zich niet afbluffen, is niet te intimideren en zegt gewoon wat ze vindt. Ze is wars van decorum, toegankelijk voor iedereen en dus geliefd bij de Haagse journalisten.

Op haar departement wordt ze op handen gedragen. Weinig bewindslieden hebben zulke loyale ambtenaren. Dat is maar goed ook, want Jorritsma is in debatten soms openlijk het spoor bijster en geeft dat ook toe. Tot onherstelbare blunders heeft dat gebrek aan kennis niet geleid, maar Jorritsma moet meer dan eens achteraf dingen rechtzetten. 'Dat heb ik onderschat', zei ze met gevoel voor understatement toen Schiphol veel sneller groeide dan zij dacht. De Tweede Kamer slikte het.

De minister speelt in het kabinet een belangrijke rol. Zij is de steun en toeverlaat voor PvdA-premier Kok bij de grote infrastructurele projecten. In de VVD wordt haar een grote politieke carrière voorspeld. Fractievoorzitter in de Tweede Kamer en misschien zelfs de eerste vrouwelijke premier. Annemarie kan het allemaal, zeggen ze. De minister spreekt het niet tegen, maar wil de komende vier jaar liever nog een keer Verkeer en Waterstaat leiden. Dan kan ze doorgaan met invoering van meer concurrentie in het openbaar vervoer, de telefonie en de ether.

'Marktwerking is geen vies woord', zei ze ooit in de Kamer. Ze werkt aan de ontmanteling van het busbedrijf Verenigd Streekvervoer Nederland, zet de NS het mes op de keel door Lovers en anderen toegang tot het railnet te geven, en probeert bedrijven te interesseren voor aanleg en exploitatie van spoor- en autowegen.

De eerste resultaten bevestigen Jorritsma in haar kruistocht: busbedrijven worden zich ervan bewust dat service niet alleen in het woordenboek moet zijn te vinden en treinen rijden vaker op drukke trajecten.

Bij de telefonie gaat het niet anders. Jorritsma veilt frequenties en probeert zoveel mogelijk spelers op de belmarkt te krijgen. De consument moet de winnaar worden.

In eigen huis timmert de minister aan een geheel andere opzet van het ministerie. De stoelendans verloopt redelijk rustig en zonder veel gemor, maar andere ministers maken zich zorgen omdat Jorritsma hun beste mensen weet weg te kopen.

Thom Meens

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden