Reportage Nationale politie

Een week op pad met Erik Akerboom, korpschef op zoek naar draagvlak

Een ontmoeting met oud-minister Ivo Opstelten van Justitie, in de gangen van het hoofdbureau. Beeld Raymond Rutting

 Hij erfde een verre van voltooide politiereorganisatie en ligt onder vuur in de cao-onderhandelingen. De Volkskrant liep een week mee met korpschef Erik Akerboom, om te zien hoe hij omgaat met de dilemma’s in zijn werk. ‘Ik ga niet vanaf de zijlijn zitten toekijken.’

In het korpsleidersoverleg gaat de iPad rond van Leonard Kok. ‘Zo! Móói’, zegt korpschef Erik Akerboom. ‘Dan weet je weer waar het echt om draait in het leven’, reageert Liesbeth Huyzer. Op het scherm staan foto’s van Koks dochter, die vrijdag is getrouwd. ‘Ik heb het huwelijk zelf voltrokken’, zegt haar vader trots. ‘Het was een perfecte dag. Maar ik had wel steeds die cao-onderhandelingen in m’n achterhoofd.’

In Akerbooms werkkamer, die uitkijkt over de boomtoppen rond het Haagse Malieveld, blikken de vijf korpsleiders van de politie elke maandagochtend terug en vooruit. Afgelopen donderdag voerden ruim honderd boze vakbondsleden beneden op de stoep actie. Erik Akerboom (57), sinds twee jaar de baas van de nog jonge nationale politie waarin 26 korpsen hun zelfstandigheid moesten opgeven, had het lef om samen met minister Grapperhaus – hun werkgever, ‘de vijand!’ – een aanzet voor de cao-onderhandelingen te schrijven en ondertekenen. De bonden noemen dit hoogverraad. Die cao-inzet behelsde ook nog eens het inleveren van een vrije dag door niet 8 keer 9 uur, maar voortaan 9 keer 8 uur te gaan werken. De korpschef kreeg toegeschreeuwd dat het vertrouwen weg is. Sommige agenten, toch al murw van de grootste publieke reorganisatie in de Nederlandse geschiedenis, keerden hem de rug toe.

‘We moeten ons niet gek laten maken’, zegt communicatiedirecteur Mirjam Otten in het aansluitend stafdirecteuren-overleg. ‘De FNV moet fors ingrijpen in haar eigen organisatie, dus de bonden hebben het zwaar. Die willen zich profileren.’

Akerboom noemt het fout dat hij, terwijl hij met de vakbondsleiders in discussie ging, niet tussen zijn mensen afdaalde maar ‘een beetje stom boven op dat bordes bleef staan’. Hij heeft het voorstel aangepast. De prijs was te hoog, het draagvlak te klein.

Akerboom neemt in de vroege ochtend de kranten door. Beeld Raymond Rutting

Wijk-web-wereld
Half elf ontvangt de korpschef zijn hoofd Internationale Samenwerking, Lisette Heerze. Ze evalueren Akerbooms bezoek aan Colombia, waar hij twee weken geleden gastheer was van Pearls in Policing, waarin korpschefs uit de hele wereld elkaar ontmoeten onder het mom: criminaliteit is internationaal, bestrijden kun je niet alleen. Het is de derde pijler van de visie die Akerboom keer op keer benadrukt: wijk-web-wereld. De politie moet sterk zijn in de wijk, op het internet, en daar waar criminaliteit haar oorsprong vindt, zoals op de cocavelden in Colombia of in de cannabisteelt van Zuid-Nederland.

Met gespreide armen klaagt Akerboom dat zijn uniform ‘prikt’. Nadat assistenten Blazenka Zepina (‘ik ravot met zijn agenda’) en IJde Leijstra (doet zo’n beetje alles) samen het achtergebleven stomerijlabeltje uit zijn jeukende jasje hebben geknipt, daalt de korpschef af naar de parkeerkelder. Hij gaat lunchen met de ambassadeur van België en zal daar lobbyen voor een Nederlandse kandidaat in de top van Interpol, dat wordt gedomineerd door een Chinees en een Rus. Chauffeur Arend belt de Meldkamer en zegt in codetaal dat hij met zijn vrachtje naar de ambassadeursresidentie aan de Jacob Catslaan vertrekt.

De volgende
Die middag ontvangt Akerboom zijn hoofd VIK (Veiligheid, Integratie en Klachten), onderzoekers van de strafrechtketen en OM-topman Gerrit van der Burg voor hun regulier overleg tussen politie en Openbaar Ministerie. Steeds zodra de tijd om is,  steekt Blazenka haar hoofd om de matglazen deur: tijd voor de volgende.

Secretaris Ingeborg Coenders van de korpsleiding heeft zich met moeite in zijn agenda gewurmd: ‘Erik, voordat je op vakantie gaat wilde ik je nog even iets zeggen.’ Akerboom zakt geschrokken onderuit in zijn stoel: ‘Och, nee toch.’

‘Jawel, ik ga iets anders doen.’

Ondertussen praten stafmedewerkers over de oorverdovende stilte van de vakbonden en de strijdlust van Gerrit van de Kamp, voorzitter van de grootste politiebond, de ACP. Voor het geval dat de vier vakbondsleiders weer aan tafel willen, is alvast een zaaltje buiten de deur gereserveerd. ‘IJde’, zegt de persoonlijk assistent van Leonard Kok tegen die van Akerboom, ‘zorg dat Erik Gerrit belt.’

De eerste vergadering van de dag. Beeld Raymond Rutting

DINSDAG 10 JULI

Rond kwart over zes komt de communicatie op gang. Akerboom beantwoordt appjes van zijn persoonlijk assistent (PA) uiterst efficiënt: 1 Ja 2 Misschien 3 Gewoon doen 4 Oké.

‘Ik krijg Gerrit niet te pakken’, zegt hij in de auto op weg naar zijn werk. ‘De bonden willen niet met ons praten.’ Het Radio 1 Journaal laat een Rotterdamse hoofdagent aan het woord die meldt dat liefst driekwart van alle agenten zich tegen de korpschef met z’n flexibele roosters heeft gekeerd. ‘Nattevingerwerk’ noemt Akerboom het, en zegt erbij dat het bekritiseerde cao-voorstel door zijn bemoeienis bij de minister van tafel is gegaan. ‘Maar daar hoor je de bonden niet over.’

Na de ochtendbriefing met de korpsleiders vertrekt hij naar de Raad voor Veiligheid en Inlichtingen (RVI) in de Blauwe Zaal op het ministerie van Algemene Zaken, waar ministers en de politiebaas worden bijgepraat over terreurdreiging. Ondertussen begint zijn communicatieafdeling de dagstart. Veertien mannen en vrouwen staan en zitten rond een whiteboard met daarop briefjes vol onderwerpen die in de media spelen. ‘Boris Johnson heeft ons gisteravond gered’, lacht een van de woordvoerders. ‘Met zijn vertrek uit de Britse regering heeft good old Boris de vakbonden uit alle praatprogramma’s gedrukt.’

Wijk-web-wereld
Die middag is een bijeenkomst van de nieuwe Centrale Ondernemingsraad (COR) over de samenwerking met de korpsleiding. De COR wil een pijnlijke geschiedenis afsluiten waarin de oud-voorzitter werd vervolgd en ontslagen wegens corruptie en plichtsverzuim. Berucht waren zijn snoepreisjes en exorbitante COR-feesten, onder meer in het Amsterdamse Amstel Hotel.

De nieuwe voorzitter, Rob den Besten, oogt zelfverzekerd. ‘Wil je m’n happy socks zien?’, vraagt hij onderweg naar de vergaderzaal. Hij trekt zijn broekspijpen omhoog, waaronder zuurstokroze sokken met felgele bananen prijken. ‘Blazenka en ik delen een liefde voor happy socks.’

Akerboom zit de bijeenkomst voor. Al snel ontvouwt zich een felle discussie over de cao-onderhandelingen.

‘Ik ben bij de minister aan tafel gaan zitten omdat ik niet vanaf de zijlijn wil toekijken naar wat ik zelf moet gaan invoeren’, licht Akerboom zijn cao-inzetbrief met Grapperhaus toe.

Leonard Kok, verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering, zegt met hoorbaar ingehouden woede: ‘De korpschef wordt geframed als iemand die afstand neemt van zijn eigen organisatie. Wat een onzin. In dit cao-spel worden normen overschreden. Ik vind dit heel erg kwalijk.’

COR-voorzitter Rob den Besten laat zich niet wegblazen. ‘Jullie zeggen dat 9 keer 8 uur werken 1.500 extra arbeidsplaatsen oplevert’, antwoordt hij. ‘Dat is óók framen. Het levert geen extra fte’s op; je gaat gewoon je capaciteit anders verdelen.’

Akerboom noemt zichzelf ‘een grote jongen die happen naar de baas kan incasseren’, maar hij spreekt niet namens Grapperhaus en krijgt buikpijn van dat verwijt. ‘Net als de commissies Borstlap en Kuiken willen we dat de minister iets meer op afstand van onze organisatie komt te staan en de korpschef meer ruimte krijgt. Die ruimte pak ik. Maar we moeten wel fatsoenlijk blijven.’

Rob den Besten geeft geen garanties: ‘We zijn net mensen.’

Akerboom kleedt zich om voor de CAO-bijeenkomst. Beeld Raymond Rutting

Halsema
Na coaching over Akerbooms vaardigheden op Twitter en Facebook (‘stop met die eeuwige selfies’) en juridisch overleg over eremedailles die hij politiehelden wil gaan toekennen, lopen assistenten IJde en Blazenka om 15 uur de agenda met hem door. ‘Donderdag 10 uur is Ivo Opstelten hier in het pand’, zegt IJde. ‘Kun jij hem even een hand geven?’ Een overleg over agenten met ptss wordt verschoven in verband met de installatie van Femke Halsema tot burgemeester van Amsterdam. ‘En je krijgt vrijdag een halfuurtje met de minister’, zegt Blazenka. Akerboom vraagt of ze morgenavond vrij houdt omdat zijn studerende zoon thuiskomt. ‘Ik wil met hem eten. En ik ga niet vijf hele dagen naar dat Interpol-congres in Dubai, jongens. Echt niet. Regel liever dat ik naar de nieuwe korpschef van Zweden kan.’

In de tijd die was gereserveerd voor overleg met de vakbondsleiders die zich stilhouden, roept Akerboom zijn naaste staf bijeen. ‘Vrijdag spreek ik de minister over de cao. Waar staan we nu? Was onze aftrap nou echt zo onredelijk? Die heftige emoties zag ik niet aankomen.’

Akerboom tijdens de CAO-bijeenkomst. Beeld Raymond Rutting

WOENSDAG 11 JULI

07.15 uur. In de rechterachterdeur van de gepantserde Mercedes ligt een flesje Spa. Hoewel de voorste passagiersstoel zo ver mogelijk naar voren is geschoven, komen de schenen van Akerboom (1.97 meter) tegen de rugleuning en past zijn hoofd maar net onder het dak. De korpschef drukt een onooglijk bruin kussentje in zijn rug omdat hij tijdens lange ritten nog weleens spierpijn krijgt. Hij belt, appt, leest en ondertekent papieren en bereidt zich voor op de komende cao-bijeenkomst: ‘Niet mijn fijnste optreden deze week.’

In een politie-opleidingspand in Drachten staat een reeks mensen klaar om hem te ontvangen. Ze schieten in de lach als de receptioniste de korpschef om zijn identiteitsbewijs vraagt, anders mag hij niet naar binnen.

‘Hee Bas! Hoe is het?, roept Akerboom op de trap als een oude kennis hem toevallig passeert. ‘Erik! Heb je de nieuwe wapenstok al gezien?’ De agent trekt de stok van zijn koppel en zwiept hem tot de maximale lengte. Hij mept ermee tegen de muur en de stalen trapleuning en prikt ermee in Akerbooms borst. ‘Mooi ding joh! Echt te gek! Dit hadden we veel eerder moeten hebben.’

In de zaal is het, met zo’n 150 man, veel drukker dan de 16 aanmeldingen die na een boycotoproep van de vakbonden zijn binnengekomen. Boze agenten verwijten hun baas het schrijnende capaciteitsprobleem en de ‘foute’ inrichting van de genationaliseerde politie, met al die OE’s en AE’s en andere afkortingen ‘die achter hun bureaus bedenken wat een klein aantal agenten op straat moet doen’.

Een boze brigadier uit Leeuwarden noemt de extra capaciteit, 1.100 man, die Akerboom onlangs bij de minister lospeuterde, een lachertje. ‘Dat is water naar de zee dragen. Kijk alleen al naar ons enorme ziekteverzuim.’

Een nijdige actievoerder uit Assen biedt de korpschef demonstratief het Herstelplan van de vakbonden aan. Een wijkagent uit Harlingen zegt dat Akerboom eens een ‘slopende’ dag met haar zou moeten meelopen. ‘Dat doe ik’, zegt hij stellig, ‘als jij ook een dag met mij meeloopt in Den Haag’. Na een uur luisteren en uitleggen wordt de zaal rustig. Na anderhalf uur oogst hij applaus, ook van de grootste schreeuwers.

Appgroepen
Chauffeur Sander, die afwisselend met Arend diensten draait, voorzag dat een lunch voor de baas erbij in ging schieten en heeft bij Appie de Jong in Drachten een zak belegde broodjes gekocht. Proactief zijn is een vereiste, zegt Akerboom in de auto, want hij verzamelt mensen om zich heen die vooruit kunnen kijken, die een mening hebben en hem uitdagen. ‘Ik ben geen solist.’ Zijn leiderschapsstijl bestaat uit belonen waar het goed gaat, en nooit nodeloos straffen wat misgaat ‘want dan creëer je een onveilige sfeer. En waar ik echt niet tegen kan zijn mensen die me aankijken met zo’n blik van: zeg maar wat ik moet doen.’

Hij laat appjes zien van vrienden die zijn werk relativeren. Via de appgroep van Brabantse fietsvrienden Efiona (Enkel Fietsen Is Ook Niet Alles) organiseert hij tussen de bedrijven door hun jaarlijkse fietstocht, dit keer in het Schwarzwald. In de appgroep Viva Randerode, genoemd naar het verpleeghuisterrein waarop hij met studievrienden van de Politieacademie heeft gewoond, stelt hij voor met z’n allen volgend jaar te gaan fietsen in Alpe d’Huez. Van zijn studievrienden uit Groningen (‘Klein Fluimpje’ – hij durft het bijna niet te zeggen) krijgt hij geregeld gekkigheid, zoals van Ronald, die een foto stuurt van de rugzijde van de Poolse voetballer Jedrzejczyk: ‘Zit ik het WK te kijken, zie ik ineens een malloot voorbijlopen met mijn wifi-wachtwoord op zijn rug.’

Akerboom in de dienstauto op weg naar een werkbezoek in Warnsveld. Beeld Raymond Rutting

Tuin der Bezinning
In Warnsveld rijdt de Mercedes het terrein op van een dependance van de Politieacademie en stopt vlak bij de Tuin der Bezinning, waar jaarlijks agenten worden herdacht die door het politiewerk zijn omgekomen. Het is Akerbooms 72ste werkbezoek sinds zijn aanstelling in maart 2016. Binnen is het periodiek overleg van 26 ‘casemanagers’ die politiemensen ondersteunen die in hun werk met geweld zijn geconfronteerd. Aangrijpende verhalen wisselen nuchtere opmerkingen af over verbeteringen die nodig zijn voor de juridische begeleiding tijdens een strafproces.

Op weg naar de uitgang loopt de topman voormalig politiechef en oud-D66-Kamerlid Magda Berndsen tegen het lijf, die voorzitter is van de Commissie van Beroep voor de Examens Politieacademie. ‘Waarom deed je dat nou?’, vraagt ze, verwijzend naar de gezamenlijke cao-brief van hem en de minister. Akerboom vermoedt dat het traditionele onderhandelen, dat stoelt op conflict tussen bonden en werkgever, niet het eeuwige leven heeft: ‘Je ziet het aan de cao’s die elders worden afgesloten, soms buiten de bonden om.’ Hij herhaalt dat hij niet vanaf de zijlijn wil toekijken hoe over zíjn bedrijfsvoering wordt besloten. Berndsen knikt.

Bellen met de bonden
Vanuit de auto belt Akerboom wederom met de vakbondsvoorzitters. ‘Met Erik. Het is belangrijk dat we toch even contact hebben. Ik wil ook graag horen hoe jullie in de wedstrijd zitten. Morgenmiddag?’

De korpschef checkt voortdurend de berichten in zijn telefoon. ‘O kijk, Bert fietst volgend jaar ook mee. We zijn al met z’n vieren.’ In een beleefde mail nodigt de boze brigadier uit Leeuwarden van vanochtend de korpschef uit om eens een noodhulpdienst te komen meelopen. Akerboom brengt de telefoon weer naar zijn oor. ‘IJde, met Erik. Ik heb ze gebeld. Morgenmiddag. En regel dat ik in Leeuwarden een noodhulpdienst meedraai.’

Akerboom in Warnsveld. Beeld Raymond Rutting

DONDERDAG 12 JULI

7.45 uur. Met de blauwgevlamde vulpen die hij bij zijn aanstelling cadeau kreeg, ondertekent Akerboom een berg oorkondes ‘voor trouwe en langdurige dienst bij de Nederlandse politie’. Voor eind volgend jaar moet hij er 17 duizend hebben getekend – een enorme golf gepensioneerden zit eraan te komen, wat ook weer negatieve gevolgen zal hebben voor de capaciteit. Hij probeert elke ochtend, na het doornemen van het nieuws, piket- en operationeel rapport, een stapel oorkondes weg te werken.

Van negen tot tien uur houdt hij weer een cao-toelichtingsronde, nu voor de aanmerkelijk mildere staf op het hoofdkantoor. De korpschef gaat weer in op de rafelranden van de reorganisatie en het Herstelplan waarmee de bonden hem voortdurend om de oren slaan.

‘Er staan nuttige dingen in’, zegt Akerboom, ‘en de inrichting van het politiebestel gaan we rechtzetten, maar als we één functie willen veranderen, kost dat al negen maanden aan toestemming van het ministerie, commissiebeoordelingen en screening door de AIVD – dat Herstelplan kán gewoon niet op korte termijn. Maar we hebben wel snel een cao nodig.’ Net als in Drachten zegt hij geen beloften te doen die hij niet kan waarmaken, en geen handtekening te zullen zetten onder een slechte cao. Onderweg naar zijn werkkamer geeft hij oud-minister Ivo Opstelten – die de Nationale Politie baarde – een hand.

Gay Pride
Om tien uur loopt Peter Slort, de portefeuillehouder diversiteit, zijn kamer binnen. ‘Ik hoor dat jij maar een klein stukje van de Gay Pride meevaart’, zegt de portefeuillehouder.

‘Het is midden in mijn vakantie en ik kom er helemaal voor uit Friesland’, sputtert de korpschef, die de tocht hoopte te combineren met een dagje Amsterdam met zijn vrouw.

‘Ze durven het niet tegen je te zeggen, maar als jij halverwege uitstapt geef je een verkeerd signaal af’, zegt Slort. Akerboom knikt en streept iets door in zijn notitieboek.

Na ondertekening van een geheim AIVD-bericht dat per koerier wordt binnengebracht, eet de korpschef op zijn kamer een broodje met woordvoerder Willem Hinskens, die heeft gevraagd om een evaluatiegesprek. Hinskens was politiek secretaris van Diederik Samsom totdat die als PvdA-leider werd weggestemd. ‘Hoe vind je dat het gaat?’, vraagt de woordvoerder. Akerboom antwoordt dat Hinskens goed binnen zijn team past. ‘Maar je bent soms wel last-minute. Ik ben dat ook, en dat kunnen we niet allebei zijn hè.’ En wat vindt Willem van zijn nieuwe baas?

Zomergasten
De woordvoerder is verbaasd dat Akerboom te bescheiden was om de uitnodiging van het VPRO-programma Zomergasten te accepteren. Het is geen bescheidenheid, stelt Akerboom. ‘Bij vier korpschefs, Wiarda, Nordholt, Hessing en Brand, hebben we gezien hoe die hun eigen bewindspersoon in de schaduw zetten. Je moet jezelf nooit groter maken dan de minister. Zomergasten zou drie uur lang alleen maar over mij gaan. Ik vind dat niet functioneel.’

Blazenka’s hoofd verschijnt weer om de glazen deur: de korpschef moet naar de installatie van de nieuwe burgemeester van Amsterdam. Woordvoerder Hinskens: ‘Doe Femke mijn groeten.’

Akerboom in Warnsveld. Beeld Raymond Rutting

VRIJDAG 13 JULI

Over het contact donderdagmiddag met de vakbonden wil hij niets zeggen, maar dat het nog niet heeft gebracht wat de korpschef hoopte, blijkt uit alles. ‘We zijn ze op veel punten tegemoetgekomen. Ik vraag me af of ze nog wel wíllen onderhandelen’, zegt Akerboom, ‘of dat ze gewoon koste wat kost naar het Malieveld willen.’

In de ochtend spreekt hij met de minister, met de politie-vertrouwenspersoon en met ptss-deskundige Berthold Gersons over hoe het grote ptss-probleem onder politiemensen kan worden teruggebracht – een belangrijke veroorzaker van het hoge ziekteverzuim bij de politie van meer dan 7 procent. Akerboom wil het post-traumatisch stresssyndroom benaderen ‘als een zware longontsteking waarvan je kunt genezen, en niet meer als de eerste stap op weg naar de uitgang’. Gersons noemt de ptss-commissie ‘totaal mislukt’: ‘Hun diagnose geeft recht op geld. Wie bedenkt zoiets monsterlijks? Je moet deze mensen geen geld geven, maar professionele begeleiding.’ Hij pleit voor meer betrokkenheid van familie bij de politie, ‘zodat die beter begrijpen waar een agent mee worstelt’. Akerboom zegt dat familiedagen al langer op zijn wensenlijstje staan.

Dan duikt de korpschef in de enige hoek van zijn kamer waar de heren van de Hoge Raad, zijn rechterburen, niet naar binnen kunnen kijken, en kleedt zich om voor een bezoek aan de recherche in Dordrecht, die ook niet in uniform zal zijn. Onderweg naar het zuiden legt hij uit dat hij grote ontwikkelingen verwacht van het NIBO, de nieuwste variant van data-analyse, waarbij inlichtingen aan de basis liggen van politieoptreden, in plaats van omgekeerd. Want het politiewerk, vindt hij, moet zich steeds meer richten op voorkomen, in plaats van reageren. Het rechercheteam in Dordrecht werkt er al enige tijd mee.

Bonje tussen de bonden en de politietop

Begin juli zijn de politievakbonden gestart met protestacties: agenten zijn opgeroepen lichte vergrijpen te negeren en alleen bekeuringen uit te schrijven bij ernstige overtredingen.

In juni maakten minister Fred Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en korpschef Erik Akerboom bekend dat de Nationale Politie structureel wordt uitgebreid met 1.100 agenten. Maar ze benadrukten dat de capaciteit desondanks de komende jaren onder druk zal blijven staan.

‘De Rotterdamse haven is met hekken en techniek zo streng beveiligd dat je er feitelijk alleen met corruptie kunt binnenkomen’, stelt de teamleider. ‘Daar stemmen wij met behulp van data ons onderzoek op af: achter elk drugstransport zit een corrupte havenarbeider of douaneambtenaar. Die sporen wij op.’

Techniek, zegt Akerboom, moet de politie de 21ste eeuw inloodsen. ‘Ik krijg vaak de kritiek: daar heb je hem weer met z’n technisch gedoe, maar je mag gewoon niet stilstaan in deze snel veranderende maatschappij.’

18.15 uur. Vanuit het grauwe recherchepand stapt hij de volle zon in, om meteen weer in de gereedstaande auto te verdwijnen. Officieel heeft hij vakantie, maar de cao en het ultimatum dat de bonden komende week hebben gesteld, zullen hem aan het werk houden, stelt hij. Straks gaat hij in ieder geval in Friesland nog even zeilen, ‘even een mooie zonsondergang meepikken’. Het bruine kussentje gaat weer in zijn rugholte, een pak papier op schoot. Arend belt de Meldkamer: ‘We gaan naar huis.’

Totstandkoming van dit artikel

Voorafgaand aan dit artikel zijn afspraken gemaakt. De Volkskrant, van wie het verzoek kwam om een week mee te lopen met de korpschef, werd bij voorbaat toegelaten tot al zijn afspraken op twee persoonlijke gesprekken na, en op voorwaarde dat andere gesprekspartners zouden instemmen. Alleen OM-topman Van der Burg gaf geen toestemming. Bij het ad hoc belegde cao-gesprek vrijdag met de minister werd de krant niet toegelaten. Onverhoopte vertrouwelijkheden, privacygevoelige zaken en namen van kritische agenten tijdens de twee cao-toelichtingsbijeenkomsten worden niet gemeld. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.