Een ware koning op de voetbalmarkt

Het is de laatste dag van de drukste maand van het jaar, en Mino Raiola, een van de meest vermaarde zaakwaarnemers van het voetbalheelal, doet zijn grijze mutsje af in Ristorante Da Giannino, in het centrum van Milaan. Hij treedt de kamer der kampioenen binnen, een kamer vol foto's van AC Milan-sterren uit heden en verleden, en dirigeert Mark en Andrea van Bommel, met de drie kinderen en schoonmoeder Van Marwijk, naar hun plaatsen.


Mino: 'Mark, je hebt 25 minuten voor je moet gaan trainen, wat ga je eten? Spaghetti? Penne?


Mark: 'Doe maar, ja doe maar, spaghetti bolognese.'


Mino: 'De kinderen, wat eten de kinderen? Jullie moeten in ieder geval ijs eten, zelfgemaakt ijs. De allerbeste van Milaan.'


Mino zit aan een lange tafel, helemaal vooraan, te prikken in een grote schaal carpaccio. Aan de andere kant van de tafel zit Rafaela, zijn Braziliaanse juriste. Terwijl Raiola zich om het eten van de gasten bekommert, gaat zij door met bellen, om zo nu en dan advies aan hem te vragen.


Het is de laatste dag van de drukste maand van het jaar en nog niet alles is geregeld. Raiola bracht Mark van Bommel van Bayern München naar AC Milan, en hengelde voor AC Milan de Ajacied Urby Emanuelson binnen. Dat zijn geen geringe zaken in voetballand, maar Mino is nog niet klaar deze maand, hij heeft nog zeker vier uur, op deze maandag 31 januari. Om zeven uur 's avonds gaat de voetbalmarkt dicht en dan is tot middernacht de tijd om het papierwerk te verzorgen. Als alle documenten zijn ingebracht bij het Transfer Matching Systeem van de wereldvoetbalbond FIFA, en het sein daar op groen gaat, vóór twaalven, zijn de deals gedaan.


Met Jonathas, een 21-jarige Braziliaan van AZ, en Daniel de Ridder, spelend voor Wigan Athletic, moet nog wat gebeuren, en Rafaela houdt voortdurend contact met Brazilië. Jonathas is sinds november in zijn geboorteland, om zijn doodzieke 86-jarige adoptiemoeder te verzorgen. Zij vond hem als kind bij het vuilnis en nam hem in huis bij haar grote gezin - en nu zit hij bij Mino in zijn stal, die hem gaat losweken van AZ.


Mark: 'Mino regelt alles. Je hoeft het maar te vragen, en hij regelt het. En met alles bedoel ik ook alles.'


Andrea: 'We gaan zo naar een school voor de kinderen, Mino gaat met ons mee. Hij zorgt dat het ons aan niks ontbreekt.'


Zo bijzonder is dat ook weer niet, zegt Mino. Of laat hij het zo zeggen: het zou niet bijzonder moeten zijn. Hij is er voor de speler, hij behartigt zijn belangen, en noemt zich dienstbaar. Veel te veel voetbalmakelaars denken alleen maar aan zichzelf - en pas veel later aan de speler.


'Als Andrea ongelukkig is in het appartement waar ze wonen, dan is Mark de eerste die dat te horen krijgt. Dat is niet goed. Want dan kun je wel een fantastisch contract hebben, toch speelt hij misschien onder zijn kunnen, omdat hij zorgen heeft over thuis. Zie het maar als het bouwen van de Dom, en je vergeet het dak erop te zetten. Alles moet in orde zijn.'


Hij staat op, om de restaurant-eigenaar te knuffelen, met bijpassend tikje op de been. De zoon van de voormalige Juventus-trainer Marcello Lippi, die gedag komt zeggen, knijpt hij in de wang en masseert zijn elleboog. Van Bommels 6-jarige zoon Ruben wordt toegesproken en over zijn bol geaaid.


Mino is vandaag de totale Mino. Hij gebaart, charmeert, strooit met grapjes, liefst in vier talen tegelijk, eet brokken kaas, en lijkt gedreven te zijn door een alleen bij hem bekend strijdplan, om deze dag de zijne te maken. Twee permanent pruttelende Blackberry's vormen de soundtrack.


Vraag het aan de anchorman van Sky Sports, Gianluca di Marzio, die een dagelijkse rubriek vult met transfernieuws. Aan de sterverslaggever van Gazzetta dello Sport. De directeur van voetbalclub Parma. Of aan de eigenaar van Ristorante Da Giannino. Zijn zus in Haarlem, of zijn Braziliaanse juriste. Mino, als altijd gekleed in slobberige spijkerbroek en een vest, waar een witte blouse onder vandaan wappert, is de grootste voetbalmakelaar van allemaal. Hij behartigde niet voor niks spelers als Pavel Nedved, Zlatan Ibrahimovic, Robinho, Rivaldo en Maxwell.


Hij kan kei-hard onderhandelen, want ga maar eens aan tafel zitten met een Galliani van AC Milan, een Moratti van Inter Milaan, of vroeger: een Arie van Eijden van Ajax. Dat zijn ko-lossale confrontaties. Maar als het klaar is, is het gedaan, dan moet je gewoon zorgen dat de kinderen van de speler een goeie school krijgen. Die mensen komen ergens waar ze de taal niet spreken, zijn vreemd in een nieuwe stad. Ja, zo is hij opgevoed: mensen helpen.


Hoeveel spelers hij heeft? Minder dan je denkt, is zijn antwoord. Hij zal nooit zeggen wie hij heeft, of wat ze verdienen of wat ze gekost hebben. Hij wil niet over de rug van de spelers reclame maken voor zichzelf. Zijn commissie wordt bepaald op basis van het inkomen van de speler.


Lang werd hij in Nederland als een melaatse beschouwd, zegt hij. Zo voelde hij dat. Hij was maar een rare snuiter, zoon van een Haarlemse pizzabakker, een gesjeesde Italiaan, zijn bijnaam was Luigi of Capone. Ze keken hem aan alsof hij van Mars kwam, zo uit een ufo gemarcheerd. In Nederland kent het grote publiek hem niet, en dat wil hij ook zo houden. Hij hoeft niet zo nodig met zijn guitige snoet op tv.


Maar hij kan dus iets, wat niemand kan. Hij kan Urby Emanuelson naar de koploper van Italië brengen, terwijl een ander niet eens een Engelse middenmoter voor hem binnensleept, of hem zou laten verpieteren bij een club als Malaga. Urby is een zeer goede speler, die moet gewoon naar een zeer goede club, zegt hij. Mino gelooft in dromen, en de droom van Urby was zijn droom.


Je hoeft hem niet te vertellen dat Mark van Bommel 33 jaar is en dat het niet mee zal vallen om een topclub voor hem te vinden. Hij gelooft in Van Bommel, en als hij in Van Bommel gelooft, zal hij ervoor zorgen dat de hele wereld in Van Bommel gaat geloven.


Vijftien clubs wilden hem, de afgelopen drie maanden, en AC Milan zat daar niet bij. Die wilde hem niet. Dan kan je thuis op de bank gaan huilen, of je houdt de communicatie open. Elke keer zei hij tegen vertegenwoordigers van de club: Van Bommel. Neem Van Bommel. Hij hield het net zo lang vol totdat de club het ook geloofde.


Hij plant een zaadje in de hoofden, en er komt vanzelf een plantje uit.


Ja, hij kent Mark al wat langer, al in 2004 wilde hij hem van PSV naar Real Madrid brengen, en dat ging toen niet. Maar toen hij zich een half jaar geleden bij hem meldde om zijn zaken te doen, was Mino echt trots. Zo, dat een topspeler als Van Bommel, de aanvoerder van Oranje, hem wilde hebben als zaakwaarnemer, dat was echt een groots moment.


Vergeet niet: hij zegt per dag twintig keer nee tegen spelers die iets van hem willen. Van die 'gassies' die denken dat hij een slechte uitvoering is van Harry Potter, en dat hij zomaar een rooskleurige toekomst voor ze bij elkaar kan toveren. Het is geen tovenarij, het is keihard werken. Je omringen met de beste mensen, je verdiepen in medische aangelegenheden, in arbeidsrecht, of hoe je modieus een huis kunt inrichten met een spelersvrouw of alle fiscale wetten van de wereld in je hoofd stampen of zorgen dat je met iemand omringd die het allemaal weet.


Je maakt samen met de speler een pizza, en elke pizzapunt is belangrijk.


Hij woont in Monaco, en heeft sinds begin januari zijn vrouw en zijn twee zoons niet meer gezien. Maar het kan niet anders, het is zijn passie, voor het geld doet hij het niet. Die deals zijn zijn wedstrijden. Als de speler gelukkig is heeft hij de wedstrijd gewonnen, dus dat alles dus naar wens is.


En Martin Jol, van wie hij de manager is, is die wedstrijd gewonnen? Mino is voor het eerst deze dag stil en staart naar de foto's van Gullit, Rijkaard en Van Basten. Bij een trainer ligt dat anders, zegt hij. De ideale club voor Jol moet nog komen. 'Jol is een zeer bijzonder mens en dat hij zelf dit jaar opstapte bij Ajax, was het gevolg van een gebrek aan warmte bij de club. Als je samen afspreekt niet met Johan Cruijff te gaan praten, omdat ie opeens te keer ging na één slechte wedstrijd, dan moet je daar aan houden. Dat deden ze niet bij Ajax. '


Ajax was ook gegijzeld door de clan van Jol en Raiola, zo las hij her en der. Hij zou de macht hebben gegrepen via Jol, en zijn spelers daar hebben gestald. De enige spelers die hij bij Ajax had, waren twee jeugdige Brazilianen, van wie de een geblesseerd raakte en de andere door Ajax te licht werd bevonden.


Dan is het tijd om echt in beweging te komen, aan het einde van de middag, moet hij naar een plek die hij altijd mijdt: de Calciomercato - de voetbalmarkt. Jonathas is nog niet rond, en daar in Hotel Ata, waar de Italiaans voetbalwereld bij elkaar is, moet het op de valreep 'spektakel' worden.


'Ik ben geen fenomeen, maar ik geef om mijn spelers. De beslissing die ik voor hen neem, zijn beslissingen die ik ook voor mijn zoons zou nemen. Als iemand in Italië iets vervelends zegt, een president of een trainer als José Mourinho, dan pak ik hem aan, ook in de publiciteit. Dat deed en doet niemand. In Nederland ligt dat anders. Martin zei: ¿Mino zeg maar niks, laat maar gaan.¿ En dan zeg ik niks meer.'


De deur gaat open van het hotel, en daar in de lobby, op de trap, in de lift, in kleine kamers en in de gangen klitten tientallen bellende Italiaanse voetbalmakelaars, bondsbestuurders, clubmanagers en journalisten bij elkaar op wat Mino 'de vleesmarkt' noemt.


Hij duikt een kamertje in van de voetbalclub Brescia, en gaat weer naar een kamertje van de Italiaanse voetbalbond, en weer terug. Mino manoeuvreert door het gebouw als een ware koning; hij wordt omarmd, gezoend, bevoeld, gecomplimenteerd en voortdurend gevolgd, door cameraploegen en verslaggevers.


Raiola is in het pand, en Mino Raiola is niet zomaar in het pand.


Opeens loopt hij gelukzalig de trap af, Jonathas is rond, een half uur voor sluitingstijd. Hij mag als enige niet-Europese speler naar Brescia; AZ en de Italianen zijn eruit, net als de speler. Brescia heeft 'm nog nooit zien voetballen, en hij blijft ook nog in Brazilië bij zijn moeder. Mino heeft de Italianen ervan overtuigd dat ze een villa hebben gekocht, waarvan alleen het dak nog gerepareerd moet worden.


Hij heeft de wedstrijd gewonnen, en kan morgen naar huis. Maar eerst wordt hij nog vastgepakt op de trap door een clubvoorzitter, geknuffeld door collega's, gezoend en op de foto met iedere voorbijganger, hij gaat als het ware op een schild de lobby door.


Mino: 'De Italiaan in me zou nu het liefst door de ruimte zweven en zich overal laten toejuichen. Gelukkig zorgt mijn Nederlandse inborst ervoor dat ik keurig op de grond blijf. Dat is maar goed ook.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden