Een verstokt communist in de VS

Tientallen jaren lang was hij algemeen secretaris van de Amerikaanse Communistische Partij (ACP). Vrijdag is Gus Hall op 90-jarige leeftijd in New York overleden, nog altijd een overtuigd communist....

HIJ was drager van de Lenin-medaille - de belangrijkste onderscheiding die je van het Sovjetregime kon krijgen. Op zijn bureau in Manhattan prijkten, naast foto's van zijn vrouw, kinderen en kleinkinderen, een houten buste van Fidel Castro en het roze theeblik dat de Noord-Koreaanse leider Kim Il-sung hem schonk. Aan de muur hing een tapijt met het portret van Marx - een cadeau van Erich Honecker.

'Een museum van de geschiedenis', noemde Gus Hall zijn kantoor wel eens meewarig, in de jaren na de val van de Muur. Nu is hij zelf deel geworden van dat verleden.

In de VS heeft het communisme nooit veel voorgesteld. De ACP telde op haar hoogtepunt, tijdens de economische crisis van de jaren dertig, zo'n honderdduizend leden. Nu heeft de partij nog ongeveer vijftienduizend aanhangers. Hall was, sinds zijn aantreden in 1959, de onbetwiste leider van een onbetekenende minderheid.

Net als veel van dergelijke aanvoerders was en bleef hij radicaal in zijn opvattingen. Michail Gorbatsjov en Boris Jeltsin noemde hij 'een stelletje slopers'. In 1992 zei hij in een interview: 'Het socialisme is onvermijdelijk. Het leven kan niet doorgaan zonder die stap, tegenvallers kunnen dat niet veranderen.'

Hall werd in 1910 geboren als zoon van Finse immigranten. Hij maakte kennis met het communisme in de verarmde arbeiderswijken van Virginia, Minnesota, waar hij in zijn jonge jaren als houthakker en staalarbeider werkte. Op 16-jarige leeftijd werd hij lid van de communistische partij. Zijn denkbeelden zijn sindsdien nooit meer veranderd.

In 1949 verdween hij voor bijna negen jaar in de gevangenis omdat hij zou hebben onderwezen hoe je een staatsgreep pleegt. Na zijn verkiezing tot leider van de ACP in 1959 werd hij een gevierd man - in het Oostblok. Tot 1990 reisde hij jaarlijks naar de Sovjet-Unie, waar hij met alle egards werd ontvangen. In 1992 bleek hoe dankbaar de Sovjets deze Amerikaanse luis in de pels waren geweest: zijn partij had tussen 1972 en 1990 meer dan veertig miljoen dollar van het regime gekregen, zo meldde het dagblad Izvestia.

Gus Hall heeft tussen 1972 en 1984 vier keer geprobeerd president te worden. In 1976 behaalde hij zijn record: 58.992 stemmen. Minder dan 1 procent van het totaal, maar genoeg om de mythe te ondermijnen dat er in de VS geen communisme bestaat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden